CD-recensie

 

© Aart van der Wal, oktober 2010

 

 

Zelenka: Missa votiva ZWV 18.

Joanne Lunn (sopraan), Daniel Taylor (altus), Johannes Kaleschke (tenor), Thomas E. Bauer (bas), Kammerchor Stuttgart, Barockorchester Stuttgart o.l.v. Frieder Bernius.

Carus 83.223 • 70' •

 

 


De Bohemer Jan Dismas Zelenka (Lounovice 1679-Dresden 1745) mag dan vandaag de dag behoorlijk in de vergetelheid zijn geraakt, in de achttiende eeuw was dat bepaald anders. Grote collega's als Telemann en Bach hadden grote bewondering voor Zelenka's inventieve contrapunt en de vaak originele en gedurfde manier waarop hij de harmonie onder zijn schitterende melodieën zette. Zelenka nam, zoals zovele Tsjechische toondichters, al vrij vroeg in zijn creatieve bestaan de wijk naar het veel rijkere Duitsland. Toen was Bohemen nog een arme provincie van het grote Habsburgse rijk en lag het voor de hand om het heil te zoeken bij een van de vele hoven, waar de muziek in de macht en het aanzien van menige vorst geen geringe rol speelde. Wie er een eigen hofkapel op na kon houden was iemand! Zelenka ging naar het machtige Dresden waar hij als bassist een baan vond bij de kapel van de grootvorst. Daar zag men wel wat in de talentvolle Zelenka, hoewel hij tot 1733 tot de slechtst betaalde orkestleden behoorde. De reislustige Zelenka pendelde tussen Dresden, Praag en Wenen, waar hij les nam bij hofcomponist en kapelmeester Johann Joseph Fux. Zelenka vestigde zich uiteindelijk in Dresden, waar het hem niet lukte om het tot kapelmeester te schoppen, evenmin als de grote Bach trouwens. Zelenka moest het doen met de titel kerkcomponist, wat misschien wel sterk verband hield met zijn compositorische oeuvre, dat grotendeels uit kerkmuziek bestaat. Doorgaans geldt dat zijn instrumentale werken meer avontuur uitstralen dan zijn religieuze muziek, maar gezegd moet worden dat Zelenka in zijn laatste missen wel degelijk een vooruitstrevende toon aansloeg.

De ruim een uur durende Missa votiva, een van de twintig missen die Zelenka componeerde, is in ieder geval bijzonder fraai is getoonzet en beoordeeld naar inspiratie en vakmanschap van grote schoonheid is. Natuurlijk, dit is niet vergelijkbaar met Bachs Mis in b, BWV 232, maar daarom hebben we nog niet met een werk van slechts geringe waarde te maken. Integendeel, de Missa votiva is verre van een barokwerk van twaalf in een dozijn, dat bovendien aan de uitvoerenden hoge eisen stelt. Niet alleen zijn de vele soli technisch lastig, maar ook het koor moet zich in de stevige fuga's behoorlijk weren. Ik heb grote waardering voor dirigent Frieder Bernius die met zeer bekwame hand het ensemble door deze immense partituur leidt en niet de beschikking heeft over solisten met zeer grote namen. Dat is, om het zo maar te zeggen, andere koek. Het wordt nogal eens over het hoofd gezien dat topsolisten en een topensemble het voor een dirigent heel wat gemakkelijker maken dan bijvoorbeeld puur provinciale krachten. Maar aan deze spetterende, krachtige en zeker ook lyrische uitvoering valt werkelijk niets provinciaals te ontdekken. De solisten zijn ieder voor zich goed voor hun taak berekend, het kamerkoor uit Stutgart zingt met grote inzet en het barokorkest doet het niet minder. De opname van de Südwestrundfunk (juli 2008, Evangelische Kirche Reutlingen-Gönningen) mag er eveneens zijn: mooi doortekend en goed in balans, met het imposante klankspectrum dat voor deze muziek gewoon essentieel is. Een klein puntje van kritiek geldt de klank van de violen, die op somige luidsprekers een fractie te scherp over kan komen. Het goed gedocumenteerde cd-boekje rondt het zeer positieve geheel af. Bijzonder fraai gerealiseerd!


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links