CD-recensie

 

© Aart van der Wal, augustus 2021

Westhoff: Vioolsonate nr. 4 in d - nr. 3 in d - nr. 2 in a - nr. 5 in g - nr. 6 in g - nr. 1 in a

Les Plaisiers du Parnasse
Alpha 621 • 69' •
Opname: apri 2004, Église de Frasnes-le-Château (F)

   

Hoe vaak hebben het al niet gezien? Componisten uit de Barok die in hun tijd op zijn minst als ‘markant' golden, maar wier werk door de gesel van de tijd volkomen uit beeld zijn geraakt. Vaak lijkt dat wel degelijk terecht omdat veel barokmuziek routineus werd gecomponeerd. Ze zal toen ongetwijfeld als nobele verstrooiing hebben gediend, maar kan ons vandaag de dag niet (meer) kan boeien. Al is en blijft het een puur subjectieve kwestie omdat het ambachtelijke aspect vrijwel nooit ter discussie staat: componeren konden de heren uitstekend (dames hielden zich er niet mee bezig) en de appreciatie (of perceptie) hangt daarom puur af van wat de toehoorder er inhoudelijk zelf van vindt. Over smaak valt nu eenmaal nooit te twisten.

Ik wil dan ook voorzichtig zijn waar het gaat om de vioolsonates (met basso continuo) van Johann Paul von Westhoff (1656-1705). De op dit album samengebrachte zes sonates staan zonder uitzondering in de mineur-toonsoort, wat ogenschijnlijk ietwat saai lijkt, maar in de praktijk verrassend contrastrijk uitpakt. Eerlijk gezegd kan ik in dit oeuvre niet veel routine ontdekken, maar zoals gezegd: u mag daar uiteraard best anders over denken.

Twee zaken staan zo vast als een huis: dat Westhoff in de huidige tijd volkomen onbekend is (zijn naam is met deze recensie voor het eerst op onze site vastgelegd) maar dat hij bij zijn tijdgenoten in hoog aanzien stond. Dat laatste waarschijnlijk mede doordat Westhoff op zeer vakkundige en inventieve wijze meerdere Europese muziekstromingen in zijn muziek wist samen te brengen. Bovendien leverde hij met zijn vioolcomposities een belangrijke bijdrage aan de technische ontwikkeling van het vioolspel in de tweede helft van de zeventiende eeuw. Virtuositeit maakte er evengoed deel van uit als vormbesef en de zeker in die tijd gedurfde melodische en harmonische vondsten. Dat haalt deze muziek wat mij betreft daarom duidelijk uit de grauwe beker van ‘veel van hetzelfde'. Een van de leukste stukken: de imitatie van de luit in het derde deel van de Sonate nr. 2.

Dat positieve beeld vraagt uiteraard wel om musici die er niet alleen goed de weg in weten, maar die deze sonates ook met diezelfde durf willen benaderen. Geen vertolking ‘langs de lijntjes', maar stilistisch vrijpostig, uiteraard met inachtneming van de historiserende uitvoeringspraktijk, maar evengoed geëngageerd en vervuld van de spiritualiteit die Westhoff in zijn muziek heeft gelegd. Dat gebeurt hier gelukkig ook, door ‘Les Plaisirs du Parnasse' (met de nadruk op ‘plezier'), met David Plantier (viool), Maya Amrein (cello), Andrea Marchiol (klavecimbel) en Shizuko Noiri (luit). In het boekje is de voornaam van Marchiol overigens fout afgedrukt. Over de opname niets dan goeds.

Dit is een heruitgave: het album verscheen oorspronkelijk in 2004 op Zig-Zag Territoires onder catalogusnr. ZZT 050201.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links