CD-recensie

 

© Aart van der Wal, april 2017

 

New Works for Cello Solo

Toch: Impromptu op. 90c

Fortner: Cellosuite

Adler: Cellosonate

Klebe: Nenia op. 70

Friedemann Döling (cello)

TYXart TXA 17098 • 49' •

Opname: november 2015, 'unterm Dach', Mannheim (D)

www.TYXart.de

 

Voor sommigen is het misschien al bij voorbaat schrikken: ‘New Works for Cello solo' staat er op de hoes. Eigentijdse muziek en dan ook nog voor ‘slechts' de cello (al vertegenwoordigt die wel de zangstem onder de instrumenten). Ik kan u geruststellen: dit zijn ontoegankelijke noch ondoorgrondelijke composities, al kent waarschijnlijk vrijwel niemand ze. Of ze al kort na hun ontstaan veel zijn uitgevoerd weet ik niet (een speurtocht op het internet leverde wat dit betreft weinig op), maar van de op deze cd gepresenteerde stukken kende ik er slechts één: de (dan nog tonale) Cellosuite van Wolfgang Fortner (1907-1987). De aanleiding is meestal wel duidelijk. Samuel Adler (1928) schreef zijn Cellosonate in 1965 nadat hij zeer onder de indruk was geraakt van het spel van de Amerikaanse cellist Lynn Harrell (misschien heeft het er ook wel mee te maken dat een nog jonge Harrell bij Adler compositielessen had genomen). Giselher Klebe (1925-2009) schreef zijn eendelige Nenia op. 70 speciaal voor André Navarra. Dat was eveneens een kwestie van bewondering. Ernst Toch (1887-1964) componeerde zijn Impromptu op. 90c in 1963 speciaal voor een andere grote cellist: Gregor Piatigorsky, ter gelegenheid van diens zestigste verjaardag.

Anders dan in de negentiende eeuw heeft zich sinds de vorige eeuw op het gebied van het repertoire voor solocello een positieve ontwikkeling voorgedaan: meer en meer componisten gingen speciaal voor de cello muziek schrijven. Mogelijk heeft dat ook iets te maken met het zangerige karakter en de toonomvang van de cello, maar zeker is wel dat we veel te danken hebben aan de grote cellisten die aan componisten opdrachten verstrekten en de stukken nadien uiteraard ook uitvoerden. Dat zien we trouwens in de cellocomposities op deze cd weerspiegeld: de meeste ervan zijn gelieerd aan grote cellisten.

Friedemann Döling heeft deze stukken tot in de perfectie in zijn vingers en is er duidelijk mee vergroeid geraakt. Hij weet de vele facetten ervan tot in de finesse te belichten of uit te lichten, met een bijzonder oog en oor voor de verticale en horizontale structuur ervan. Doordat hij boven de techniek staat kan hij zich op de interpretatie concentreren en dat levert sublieme staaltjes van ‘hautnah hineininterpretieren' op. Sinds 2004 bestiert Döling in Mannheim-Feudenheim een eigen, zeer succesvolle kamermuziekserie: ‘unterm Dach'. Dus als u een keer in de buurt bent… Tot slot de opname die de cello van Döling gloedvol voor u in de kamer zet en waarin de cellist naast producer Andreas Ziegler zelf de sturende hand heeft gehad. Het zijn doorgaans de kleinere labels die hun nek durven uitsteken voor repertoire zoals dit. Dat moet vooral zo blijven!


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links