CD-recensie

 

© Aart van der Wal, maart 2018

 

Telemann: Essercizii Musici (sel.)

Florilegium
Channel Classics CCS 40118 • 67' + 54' • (2 cd's)
Opname: maart 2017, Waalse Kerk, Amsterdam

Vanaf 23 maart a.s. verkrijgbaar

 

 


In de barok schreven componisten hun muziek veelal voor eigen gebruik, hetzij als cantor, kapelmeester, instrumentalist of vocalist. Ze componeerden – anders dan nu – ‘voor zichzelf'. En veel uitvoerende musici konden uitstekend componeren. Dat verklaart mede waarom zoveel barokpartituren zo weinig voordrachtsaanduidingen bevatten: men wist van wanten, kende het metier van haver tot gort en bovendien was de componist meestal present tijdens de uitvoering of leidde hij het ensemble.

Georg Philipp Telemann (1681-1767), zoon van een dominee en tijdgenoot van Johann Sebastian Bach, was van huis uit autodidact, maar ‘promoveerde' uiteindelijk tot een van de belangrijkste componisten van zijn tijd. Hij liet een immens oeuvre na, waaronder bijna 200 orkestsuites (ouvertures), 125 concerten in uiteenlopende bezettingen, zo'n 40 kwartetten, 130 trio's, 87 solowerken, 80 werken voor een tot vier instrumenten zonder generale bas en 145 klavierwerken. En dan te bedenken dat er, naast de passiemuzieken en andere oratoria, 1400 kerkcantates en ook nog 30 opera's (Telemann was intendant van de Hamburgse Oper am Gansemarkt) bewaard zijn gebleven. Alsof dat nog niet genoeg was had Telemann mede de handen vol aan het aanprijzen en distribueren van zijn muziek, terwijl hij ook nog eigenhandig de koperen drukplaten vervaardigde. Het is eigenlijk onvoorstelbaar, deze enorme productie. Geen wonder dus dat de term ‘veelschrijver' al snel ingeburgerd raakte. Dat deed hem weliswaar geen onrecht, maar daarmee werd tevens een minder vleiende eigenschap aan deze hardwerkende componist toegedicht: dat het eerder neerkwam op volume dan op inspiratie. Het heeft geleid tot een grotesk misverstand dat zelfs vandaag nog niet volledig is uitgeroeid. Wie echt de moeite neemt om zich in dit rijke oeuvre te verdiepen, begrijpt alras waarom Telemanns grootheid in feite onbetwist is, met als belangrijkste kenmerk zijn originaliteit als componist en de wijze waarop hij op de ‘huid' van het instrument of het ensemble (en daarmee de musicus) wist te schrijven. Al is er wel een topensemble voor nodig om de fijnmazige expressie die in deze muziek schuilt naar boven te halen.
Als we Telemann niet mogen verwijten dat hij routineus schreef, dient ook het ensemble zich verre te houden van routineus musiceren. Dat is Florilegium wel toevertrouwd: het heeft zich in wisselende samenstelling al vaak genoeg in dit repertoire bewezen en dat is nu niet anders: het maakt er een klankfeest van jewelste van. Maar twee uur lang solo- en triosonates, is dat niet teveel van het goede? Nee! Natuurlijk, men kan deze stukken gedoseerd genieten, maar ik heb met heel veel plezier en diepe bewondering deze beide cd's zonder onderbreking beluisterd. Een schitterend project, deze selectie (vier solo- en zeven triosonates) uit de ‘Essercizii Musici', ‘Muzikale Oefeningen'. Oefenstof die ook een zeldzaam luistergenoegen in het vooruitzicht stelt.
De cover-afbeelding naar een schilderij van Julius Quinckhard uit 1755 (het hangt in het Rijksmuseum) is raak gekozen. Het geeft precies de sfeer aan waarbinnen zich het musiceren van Florilegium (met Ashley Solomon als primus inter pares) beweegt. De bezetting bestaat uit barokfluit/blokfluit, barokhobo, barokviool, viola da gamba barokcello, luit, barokgitaar en klavecimbel. Ashley schreef zelf de zeer lezenswaardige toelichting in het cd-boekje. Jared Sacks heeft de bijzondere klank van dit instrumentarium tot in de puntjes vastgelegd.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links