CD-recensie

 

© Aart van der Wal, maart 2018

 

Igor Stravinsky - Music for 2 Pianos 4 Hands

Stravinsky: Le sacre du printemps - Concert voor 2 solopiano's - Madrid - Tango - Circus Polka

Leif Ove Andsnes en Marc-André Hamelin (piano)
Hyperion CDA68189 • 65' •
Opname: april 2017, Teldex Studio, Berlijn

 

Misschien wist u het niet, maar Stravinsky en Debussy speelden in mei 1913 samen de versie voor piano vierhandig van Le sacre du printemps (de inkt was toen nog maar net droog). Hoe ze het ervan af hebben gebracht weten we niet, maar wel dat het ook een hondsmoeilijk werk is dat alleen door de technisch best toegeruste pianisten goed uitvoerbaar is. Goed in de zin van weinig fouten of smoezeligheden en geen geschmier (waaronder maskerend pedaalgebruik). Dat geldt nog meer voor uitvoering op één piano dan op twee piano's. Hoe lastig dit stuk alleen al technisch is (ook interpretatief moet men echt zijn mannetje staan) kunt u zelf nagaan aan de hand van een voor zich sprekende vergelijking tussen het duo Martha Argerich en Daniel Barenboim op twee piano's (Spotify) en, eveneens op twee piano's, het duo Jean-Efflam Bavouzet en François-Frédérique Guy (Spotify). Bij het laatste duo is niet alleen de ritmische uitlijning scherper, maar is er ook qua articulatie en frasering meer verfijning. Zij het wel met de kanttekening dat de combinatie Argerich-Barenboim live werd opgenomen en Bavouzet-Guy in de studio. Beide opnamen munten overigens niet uit in helderheid - en zeker niet als de nieuwe Hyperion-uitgave in ogenschouw wordt genomen.

De vraag is zeker gerechtvaardigd in hoeverre Stravinsky's oorspronkelijke versie voor piano vierhanden een niet al te grote wissel trekt op wat twee pianisten pal naast elkaar technisch nog kunnen klaarspelen. Waarbij ze elkaar fysiek behoorlijk in de weg kunnen zitten. Terwijl bij twee piano's al snel de mogelijkheid of behoefte ontstaat om (nog) meer details uit de orkestpartituur erin te vervlechten (een aanvullende bewerking dus). Dat is ook wat veel pianisten voor ogen hebben als ze zich überhaupt aan het stuk willen wagen. Want in de oorspronkelijke pianoversie van 1913 ging het de componist er vooral om het orkestwerk zowel geschikt te maken voor een bredere kring als om praktisch hulpmiddel bij de balletrepetities (toen Diaghilevs Ballets Russes - balletten repeteren doorgaans niet met vol orkest).

Leif Ove Andsnes (l.) en Marc-André Hamelin tijdens de opnamen in de Teldex Studio, Berlijn

Van de mij bekende pianoversies die live of in de studio zijn opgenomen is deze nieuwe Hyperion-opname duidelijk toch wel de beste. Het feest begint al bij de uiterst kleurrijke pianopartijen zoals die in de Berlijnse Teldex-studio door Arne Akselberg (met als producer Andrew Keener) werden vastgelegd: geen detail ontsnapt in een spectaculair, ronduit overweldigend klankbeeld. Twee Steinways vastleggen is al een krachttoer, laat staan zoals dat hier is gebeurd.
Dit zijn geen stukken om zonder handschoenen aan te pakken en dus zal pianotechnicus Thomas Hübsch er veel werk aan hebben gehad om de beide Steinways niet alleen op orde te brengen, maar ze ook op orde te houden onder het vaak tomeloze geweld.
Maar natuurlijk gaat de muzikale zegepalm naar de beide pianisten, Leif Ove Andsnes en Marc-André Hamelin. Zij hebben voor een grandioze Sacre gezorgd, in Stravinsky's oorspronkelijke pianoversie van 1913, zij het dan op twee instrumenten en niet zoals oorspronkelijk door Stravinsky neergeschreven op een. Het klinkt echter tot op het bot idiomatisch, de pianistische moeilijkheidsgraad verdwijnt op slag uit beeld in deze superieure weergave van een ook interpretatief complexe partituur. Dit beeld kan naadloos worden doorgetrokken naar het Concert voor twee (solo)piano's en de drie resterende miniaturen: het door Soulima Stravinsky bewerkte Madrid en de door Victor Babin bewerkte Tango en Circus Polka. Echt, dit is in alle denkbare opzichten het best denkbare op dit gebied.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links