CD-recensie

 

© Aart van der Wal, december 2018

 

(R.) Strauss: Burleske op. 11 (voor piano en orkest) - Ein Heldenleben op. 40

Denis Kozhukhin (piano), Nederlands Philharmonisch Orkest o.l.v. Marc Albrecht
Pentatone PTC 5186 617 • 65' • (sacd)
Opname: februari 2017 (Burleske), december 2017, NedPhO-Koepel, Amsterdam

   

Ein Heldenleben wordt niet voor niets vaak uitgevoerd en opgenomen: het is een orkestraal paradepaard van de eerste orde uit de Laatromantiek en daarmee kan een goed geoutilleerd orkest veel succes oogsten. Daarom is het ook zo'n geliefd stuk om mee op tournee te nemen.

Geen wonder dus dat ook veel platenlabels het werk in de catalogus hebben. Pentatone zelfs binnen een tijdsbestek van twee jaar: nog in november 2016 besprak ik de uitvoering door het Radio-Sinfonieorchester Frankfurt onder leiding van Rafael Orozco-Estrada. Het werk werd toen gecombineerd met het (weinig uitgevoerde) symfonisch gedicht Macbeth van dezelfde componist.

Het muzikaal uitgebeelde leven van een held door een componist die vond dat hij niet onder hoefde te doen voor twee veldheren: Caesar en Napoleon. Dat het ook twee uitgesproken dictators waren liet Strauss overigens liever buiten beschouwing… Strauss was een regelrechte ijdeltuit, maar dan wel een die als geen ander kon orkestreren en zelfs de grootste orkestbezetting nog transparant kan laten klinken (tenminste, als het orkest daartoe in staat is). Een componist dus die vanachter zijn schrijftafel als een muzikale tot de tanden gewapende legeraanvoerder kon heersen over de orkestrale troepen. Tijdens de première van het opus op 26 oktober 1899 in het Amsterdamse Concertgebouw door het Concertgebouworkest onder leiding van Willem Mengelberg was iedereen na afloop ronduit sprakeloos. Zelfs de meeste critici waren unaniem in hun lof voor dit aan het orkest en de dirigent opgedragen epos. Dat een 35-jarige zo'n fabelachtig en kleurrijk orkestwerk kon componeren! Het was werkelijk ongehoord! Het is ook een geliefd stuk van het orkest, dat inmiddels de teller van het aantal uitvoeringen dicht bij de 200 heeft gezet.

Toegegeven, zelfs bijna 120 jaar na datomaakt Ein Heldenleben nog steeds veel indruk, al is het niet zo eenvoudig om precies aan te geven waardoor. Misschien is het de combinatie van een gemakkelijk aansprekend parcours (het is niet echt ‘moeilijke' muziek ondanks de duidelijk herkenbare voorliefde van Strauss voor onrustige, om maar niet te zeggen uitbundige chromatiek) en de wijze waarop de componist zijn melodische vondsten aan de instrumenten toe heeft vertrouwd. Want hoe er verder ook tegen het werk wordt aangekeken, het is wel degelijk een sterk staaltje muzikale verbeeldingskracht dat wordt geëtaleerd.

Wie zijn orkest liefheeft kastijdt het niet, maar dirigeert Richard Strauss, al kan het deels platvloerse karakter van deze muziek niet over het hoofd worden gezien. Ik noem slechts een aantal topdirigenten dat zich over Strauss' superindividualistische heldenleven heeft ontfermd: Fritz Reiner, John Barbirolli, Thomas Beecham, Bernard Haitink, Herbert Blomstedt, Fabio Luisi, Sergiu Celibidache, Christian Thielemann, Herbert von Karajan, Karl Böhm, Rudolf Kempe, Yannick Nézet-Séguin, Manfred Honeck, Ingo Metzmacher en Mariss Jansons.

En Marc Albrecht met zijn Nederlands Philharmonisch Orkest? Beheerst hij de kunst van de spanningsopbouw, de naadloze transities, de goed gekozen tempi, een bijna intuïtief gevoel voor frasering, dynamiek en ritmiek? Zondermeer! Maar Albrecht gooit evenzeer zijn opera-ervaring (ik noem in dit verband slechts Strauss' Arabella) in de heldenstrijd, wat hem op zich weliswaar niet uitdrukkelijk van de andere coryfeeën onderscheidt, maar die wel een pre oplevert in termen van vloeiende dramatiek en lyrische ontboezemingen. Bovendien is het - ondanks de geraffineerd aangebrachte contrasten - ook in structureel opzicht een heldenleven uit een stuk geworden, die bovendien mag baden in een weelderige orkestklank.

Burleske, ondanks de speelduur van slechts twintig minuten een ‘pianoconcert in miniatuur', wordt door Kozhukhin met enige distantie uitgevoerd, een opvatting die door Albrecht wordt gevolgd en waarin ik mij uitstekend kan vinden. Het is bovendien een minder gebruikelijke, maar niet minder welkome aanvulling op een cd die interpretatief en opnametechnisch hoge ogen gooit in een discografisch veld dat inmiddels wel stevig is uitgedijd.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links