CD-recensie

 

© Aart van der Wal, oktober 2016

 

Sjostakovitsj: Celloconcert nr. 1 op. 107 - nr. 2 op. 126

Alisa Weilerstein (cello), Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks o.l.v. Pablo Heras-Casado

Decca Classics 483 0835 4 • 61' •

   

Voor mij is de muziek van Dmitri Sjostakovitsj - uitzonderingen daargelaten - typische bekentenismuziek. De boodschap is uitermate persoonlijk, zonder dat er nu precies de vinger op kan worden gelegd waaruit dat persoonlijk precies bestaat. Het is meer een kwestie van 'gevoel' dan van 'bewijs'. Daarmee is het muziek die duidelijk haar eigen koers vaart en die vanuit dat perspectief geen opgelegd pandoer nodig heeft. Het zit er zogezegd al in. Wie is opgegroeid met de beide celloconcerten in de uitvoering(en) van Mstslav Rostropovitsj weet als geen ander dat hij het toch is geweest die de muziek van zijn landgenoot zonder expresieve opsmuk voor zichzelf heeft laten spreken. En dat door een cellist die de muziek juist menigmaal met een overdadige expressie presenteerde. Maar niet bij Sjostakovitsj! Wie met een zekere mate van objectiviteit (nuchterheid is hier niet zo passend) deze muziek benadert haalt - en dat is mijn vaste overtuiging - de oogst volledig binnen. Natuurlijk, er was tussen Sjostakovitsj en Rostropovitsj - evenals bij David Oistrach - een muzikale én persoonlijke band, wat de vertolkingen van Rostropovitsj een zekere mate van autoriteit verleende. Wat uiteraard niet wil zeggen dat opvolgende generaties cellisten hun interpretatieve en technische krachten niet op zouden mogen beproeven. Integendeel: het is juist de jonge generatie die zich met nieuw verworven inzichten aan deze stukken kan wijden. Dat geldt niet in het minst voor Alisa Weilerstein. Maar toch moet bij haar vertolkingen een kanttekening worden geplaatst. Want wie expressief overdrijft mist de pointe en dat is - met alle respect voor haar intense muzikaliteit en haar technisch vocabulaire - precies wat hier gebeurt. Haar 'Sjostakovitsj-stijl' is - althans in de hoekdelen van de beide concerten - die van een heftig gepassioneerd 'push-pull', het is een expansief duwen en trekken, ze wil meer uitdrukken dan in de partituur al van nature voorhanden is. Zo verloopt ook de cadens van op. 107, vanaf ca. 5:30 tot de attaca-overgang naar de finale. Merkwaardig genoeg geldt dat dan weer niet voor de langzame delen, waarin de expressie juist formidabel wordt afgebakend; met als subliem voorbeeld het Largo uit op. 126. Een apart compliment voor het geweldig presterende orkest van de Beierse omroep onder de Spaanse dirigent Pablo Heras-Casado. Ook hij laat zich overigens meeslepen door Weilerstein: zo is de finale van op. 107 geen (voorgeschreven) 'Allegro con moto' maar een heuse wervelstorm. De opname is ronduit formidabel. De warme gloed van cello én orkest en het transparante klankbeeld zoals die in een perfecte balans uit de luidsprekers komen is een klasse apart.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links