CD-recensie

 

© Aart van der Wal, maart 2005

 

 

Schubert: Gruppe aus dem Tartarus D 583 - Litanei auf das Fest Allerseelen D 343 - Die Forelle D 550 - An die Leier D 737 - Lachen und Weinen D 777 - Ständchen D 957/4 - Das Fischermädchen D 957/10 - Die Taubenpost D 957/14 - Meeres Stille D 216 - Der Wanderer D 493 - Erlkönig D 328 - Der Tod und das Mädchen D 531 - Heidenröslein D 257 - Wandrers Nachtlied II D 768 - An die Musik D 547 - Auf der Bruck D 853 - Schäfers Klagelied D 121 - Du bist die Ruh' D 776 - An die Laute D 905 - Rastlose Liebe D 138 - Ganymed D 544 - Der Musensohn D 764.

Bryn Terfel (bariton), Malcolm Martineau (piano).

DG 445294-2 • 70' •


Terfel beschikt over een formidabele bariton, die in het lagere bereik en in alle sterktegraden maximaal kan worden ontplooid. Met alleen een prachtige stem kom je in dit repertoire echter niet ver en Terfel heeft dan ook aanmerkelijk meer in huis: een fabelachtige techniek in het (non)legato, grote fraseringssouplesse, een onwankelbare toon in het pianissimo en het vermogen om zonder maniërismen de tekst maximaal reliëf te verlenen. Het bijna symfonische Gruppe aus dem Tartarus krijgt groots gestalte met een subliem voorbereide climax en ingehouden angst vanaf 'Ob noch nicht Vollendung sei?' Litanei is een langs vloeiende lijnen en in opperste deemoed verlopend kleinood. In het maestoso opgezette An die Leier is er naast een diepzinnige tekstbehandeling het stralende fortissimo dat treft. In het overbekende Ständchen uit Schwanengesang wordt een perfecte beheersing van de melodische lijn in het mezzopiano gedemonstreerd. De vertragingen en versnellingen in Die Forelle zijn dan wel niet geheel volgens het boekje, maar wel krijgen de ook verre van mechanische spartelingen van die forel realistisch gestalte. Dat het ook weleens wat minder uitpakt, blijkt uit Die Taubenpost met onnodige tempofluctuaties en de overdreven behandeling van 'belauscht' (alsof het gevangenenkoor uit Fidelio acte de présence geeft). Meeres Stille zou nog meer aan zeggingskracht hebben gewonnen met een vlakke toon en zo weinig mogelijk vibrato. Maar Der Tod und das Mädchen en Erlkönig zijn weer van een zeldzame schoonheid, met graduele kleuring van de verschillende personages. Martineau geeft hem uitstekend partij, al vind ik de baspartij in Der Musensohn wat al te nadrukkelijk. Maar wat een zalige Ländler in An die Laute wordt er uit de Steinway getoverd!


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links