CD-recensie

 

© Aart van der Wal

 

Ravel: Gaspard de la nuit.

Prokofjev: Pianosonate nr. 6 in A, op. 82.

Ivo Pogorelich (piano).

DG 413362-2


Pogorelich, eens de gedoodverfde verliezer van het pianoconcours in Warschau, wat Martha Argerich aanleiding gaf om snel haar koffers te pakken. Het enfant terrible van het internationale concertpodium dat zich bij voorkeur met een beperkt repertoire over de continenten verplaatst, maar ook de lieveling van het publiek en met soms ronduit geniale trekken in zijn pianospel. Superlatieven die worden afgewisseld door negatieve kritieken. Het kan allemaal niet op, maar in dit programma is hij de ongeëvenaarde schilder die met een rijk pallet de onwaarschijnlijkste instrumentale kleuren tevoorschijn tovert en bijna en passant het hels moeilijke Scarbo uit zijn vingers tovert, met goed gedoseerde dramatiek in de enorme klankerupties, maar ook de poëzie in deze letterlijk fantástische muziek van Ravel in het hart weet te raken. Dit o zo fantasierijke pianospel vinden we ook terug in Prokofjevs Zesde sonate, waarin de bijna groteske technische hindernissen werkelijk spelenderwijs worden genomen en voor Pogorelich nog alle denkbare ruimte overblijft om zijn glanzende droombeelden uit het imaginaire te trekken en in concrete klank om te zetten. Een fraaiere versie ken ik niet, maar Boris Berman (Chandos) is het alternatief voor degene die de voorkeur geeft aan een meer beheerste vertolking. De opname laat de grote Steinway onbelemmerd uit de luidsprekers komen. Een waarschuwing: wees voorzichtig met de volumeregelaar...


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links