CD-recensie

 

© Aart van der Wal, november 2016

 

Mozart: Pianoconcert nr. 11 in F, KV 413 - nr. 12 in A, KV 414 - nr. 13 in C, KV 415

Kristian Bezuidenhout (fortepiano), Freiburger Barockorchester o.l.v. Gottfried von der Goltz

Harmonia Mundi HMC 902218 • 70' •

Opname: november 2014, Ensemblehaus Freiburg (D)

   

Kristian Bezuidenhout (1979), Zuid-Afrikaan van geboorte, studeerde in Australië en Amerika en woont inmiddels al een aantal jaren in Londen, zijn uitvalsbasis voor wereldwijde concerten en tournees. Hij behoort tot het selecte groepje 'authentieke' pianisten dat de wereld zienderogen heeft veroverd. Daaronder ook twee van onze landgenoten, Ronald Brautigam en Bart van Oort. Bezuidenhouts musicologische kennis is exemplarisch, zijn spel is dat ook. Ook in ons land liet hij al geregeld van zich spreken, onder meer met het Orkest van de Achttiende Eeuw.

Wat begon als een avontuur, het spelen op (meestal kopieën van) oude fortepiano's is intussen zo ingeburgerd dat het verrassingseffect wel zo ongeveer verdwenen lijkt. Wat niet wegneemt dat mooi mooi blijft en lelijk lelijk. Wat is gebleven, althans bij Van Bezuidenhout, is zijn aparte versieringskunst die ertoe bijdraagt dat zijn vertolkingen verrassend zijn. Een niet minder belangrijke component is de spanning die hij in zijn spel weet te leggen en de ideeënrijkdom en ritmische en dynamische pregnantie die hij daarbij demonsteert. Het bruist, het fonkelt en het inspireert, niet in de laatste plaats ook door de pittige dynamische accenten in de orkestpartij. Als er al een voorbehoud kan worden gemaakt is het zijn gewoonte om het parcours nog verder te verlevendigen met bewust gekozen vertragingen en versnellingen, met dan vervolgens de vraag of daartegen iets zinnigs kan worden ingebracht. We hebben Mozart nooit mogen horen, zijn tijdgenoten en opvolgers al evenmin, en we hebben er werkelijk geen enkel idee van hoe de componist zijn pianoconcerten zelf uitvoerde. Ook zijn correspondentie geeft daarover onvoldoende uitsluitsel. We lezen in ieder geval niets over de rubati die Bezuidenhout - overigens met smaak en met gevoel voor proportie - toepast. Bovendien, nieuw is het niet want veel grote Mozart-vertolk(st)ers bedienden en bedienen zich ervan. Dat Bezuidenhout er ten opzichte van zijn voorgang(st)ers een klein schepje (echt, meer is het niet) bovenop doet valt mijns inziens uitstekend te verdedigen (representatieve voorbeelden vindt u in het Andante en het Rondo van KV 415). Bovendien, hij treedt bepaald niet ongewapend aan, gelet op zijn algehele kennis van muziekhistorische zaken. Ik heb in ieder geval geen moeite met de toegepaste agogiek en hopelijk u evenmin.

We horen het allemaal terug in deze drie pianoconcerten, waarin Mozart nog niet de weg heeft gevonden naar echt zelfstandige blazersstemmen, maar die inhoudelijk wel degelijk veel te bieden hebben. Wat trouwens voor Mozarts oeuvre als geheel natuurlijk geldt. Het boekje laat ons helaas in het duister omtrent de gekozen fortepiano, maar ik denk dat het een Walter van ca. 1800 is uit de collectie van Edwin Beunk. De opname zet het allemaal mooi in perspectief.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links