CD-recensie

 

© Aart van der Wal, juli 2019

Wien - Gabriele Leporatti

Beethoven: Rondo in G, op. 51 nr. 2

Schubert: Pianosonate in c, D 958

(R.) Strauss: Stimmungsbilder op. 9 (Träumerei)

Ravel: La valse

Gabriele Leporatti (piano)
Etera ET003 • 57' •
Opname: juli 2019, Crema (I)

   

In de brief die de toegezonden cd begeleidt merkt de Italiaanse pianist Gabriele Leporatti (hij was pas negentien toen hij cum laude afstudeerde aan conservatorium in Florence en doceert sinds 2012 aan het conservatorium van Düsseldorf) op dat voor hem de muziek van Beethoven, Schubert, Strauss en Ravel zowel naast elkaar kan worden geplaatst (juxtapositie) als dat er sprake is van opvolging (sequens). Hij ziet duidelijke overeenkomsten en ‘subtiele communicatielijnen' binnen een door deze creatieve geesten opgebouwd muzikaal netwerk. Die opvatting wilde hij vastleggen in het programma op deze nieuwe cd die volgens hem zonder onderbreking dient te worden afgespeeld. Want alleen op die manier kan het ‘genius loci' (letterlijk: ‘de geest van een plaats') van deze unieke ‘stad' (lees: netwerk) afdoende worden begrepen en de expressieve kracht ervan worden ondergaan.

Aldus is een album tot stand gekomen met muziek van componisten die elkaar wederzijds hebben beïnvloed. De titel ervan verwijst weliswaar naar de Oostenrijkse hoofdstad, maar dit betekent volgens de pianist niet dat dit fenomeen zich uitsluitend daar heeft voorgedaan. De gekozen werken maken dat overigens ook nog eens ten overvloede duidelijk. Het oeuvre van Richard Strauss en Ravel ontstond niet in Wenen, hoewel beide componisten met dit mekka van de westerse muziek wel degelijk min of meer sterke raakvlakken hadden. Bij Ravel ligt dit weliswaar minder voor de hand, maar denk in dit verband aan het verwrongen beeld van de Weense wals in ‘La valse' en het speciaal voor de Weense pianist Paul Wittgenstein geschreven Linkerhandconcert. Bovendien was Wenen ook om andere redenen voor deze hoogst gecultiveerde Fransman bepaald geen gesloten boek.

De voor de hand liggende vraag doet zich voor in hoeverre de hier ten tonele gevoerde pianowerken deze gedachtegang voldoende ondersteunen. Tenminste, als je als pianist je opvattingen over juxtapositie en sequens muzikaal ook kracht wilt bijzetten (en daar is op zich niets mis mee). Dat blijkt echter slechts ten dele het geval te zijn. Want waarom uitgerekend dat Rondo van Beethoven en ‘Träumerei' van Richard Strauss en waarom niet gekozen voor meer substantieel werk waardoor de boodschap sterker en overtuigender overkomt? Met 57 minuten speelduur was de koek nog lang niet op geweest. De enige uitzonderingen zijn zijn Schuberts grootse Pianosonate D 958 en Ravels 'La valse'. Wel zijn er gelukkig Leporatti's uitstekende vertolkingen en die zijn misschien voor de meeste liefhebbers het meest belangrijk. Zij het met de kanttekening dat dit repertoire door de jaren heen discografisch al uitputtend is verkend en in allerlei andere combinaties voorhanden is.

De opname is uitstekend geslaagd, maar ook ditmaal weer dat rare verschijnsel van onvoldoende trackinformatie op de cd: wel de werken, niet de naam van de componist. Men leert het ook nooit...


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links