CD-recensie

 

© Aart van der Wal, juni 2018

 

Froberger: Toccata VI in a - Suite IV in a - Lamentatione

(L.) Couperin: Suite pour clavecin in d - Tombeau de M. de Blancrocher

Rameau: Suite in a (uit Boek I)

Tilman Skowroneck (klavecimbel)
TYXart TXA15065 • 71' •
Opname: juni 2015, Jonsereds Kyrka (Zweden)

https://www.tyxart.de/en/txa15065_froberger-couperin-rameau_skowroneck.html

 

Een cd, gevuld met 71 minuten klavecimbelmuziek uit de Duitse en Franse barok is uiteraard vooral voor de echte liefhebber bedoeld. Want niemand, en zeker het label niet, hoeft de illusie te koesteren dat men voor dit repertoire en instrument in de rij staat. En zeker niet sinds de piano (het begon zo ongeveer medio jaren vijftig van de vorige eeuw, met de eerste opname van Glenn Goulds Goldberg-variaties) een groot deel van het klavecimbelrepertoire zo niet heeft overgenomen, dan toch in zijn greep heeft gekregen. Terwijl de echte liefhebber van het klavecimbel altijd zal blijven beweren dat er geen ander toetsinstrument is dat zozeer duidelijkheid schept omtrent de stemvoering in de linker- en rechterhand. En laat die liefhebber ook nog het gelijk aan zijn kant hebben! Het filigraan van het klavecimbel is nu eenmaal een onverslaanbare pre als het om de uitvoering van muziek gaat die specifiek voor dit instrument is bedacht. Daar kan de piano (en daarmee wordt vooral op de concertvleugel gedoeld) met geen man en macht tegenop, hoezeer de musicus ook zijn of haar best doet. Dat velen (de meesten?) desondanks aan de piano de voorkeur geven zal ongetwijfeld met klankkleur en volume te maken hebben, en niet met een zogenaamde ‘historiserende' benadering van de muziek. Waarbij dan altijd weer het argument van stal wordt gehaald dat ‘als die of die componist toen de piano tot zijn beschikking had gehad, hij ongetwijfeld…enz.' Misschien enerzijds een waarheid als een koe, maar anderzijds niet meer dan puur hypothetisch. Bovendien: die of die componist schreef nu eenmaal niet voor die piano. Hypothese en historisch feit met elkaar in verband brengen is nooit een zinvolle bezigheid gebleken.

Misschien houdt de appreciatie van het klavecimbel ook wel verband met het proces van leren luisteren naar een instrument dat meer nuances in zich herbergt dan zo op het eerste gehoor misschien lijkt. Een les in aandachtig en vooral onbevangen luisteren dus. Maar toegegeven: het is natuurlijk wel aan de klavecinist om de noblesse van het instrument in het mooist mogelijke licht te plaatsen. Daarbij: we horen niet alleen graag een vakman aan het werk, maar ook een echte vertolker, twee begrippen die net als hypothese en feit twee afzonderlijke grootheden zijn. De Duitse klavecinist Tilman Skowroneck (Bremen, 1959) is zo'n vakman en echte vertolker.

Bijzonder is bovendien dat het door Tilman Skowroneck bespeelde instrument in 1981 door zijn vader, Martin Skowroneck (1926-2014), is gebouwd, een klavecimbel met een manuaal naar achttiende-eeuwse voorbeelden (stemming A=392 Hz). Het klinkt fantastisch. Luister maar.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links