CD-recensie

 

© Aart van der Wal, mei 2018

 

Benjamin Apple & Graham Johnson - The Songs of Brahms (7)

Brahms: Liebe und Frühling I: Wie sich Rebenranken schwingen op. 3 nr. 2 (Fallersleben) - Liebe und Frühling II: Ich muss hinaus, ich muss zu dir op. 3 nr. 3 (Fallersleben) - Nachwirkung op. 6 nr. 3 (trad.) - Vor dem Fenster op. 14 nr. 1 (trad.) - Trennung op. 14 nr. 5 (trad.) - Ich schell mein Horn ins Jammertal op. 43 nr. 3 (Württemberg0 - Das Lied vom Herrn von Falkenstein op. 43 nr. 4 (trad.) - O liebliche Wangen op. 47 nr. 4 (Fleming) - In meiner Nächte Sehnen op. 57 nr. 5 (Daumer) - Blinde Kuh op. 58 nr. 1 (trad.) - Während des Regens op. 58 nr. 2 (Kopisch) - Serenade op. 58 nr. 8 (Schack) - Eine gute, gute Nacht op. 59 nr. 6 (Daumer) - Frühlingstrost op. 63 nr. 1 (Schenkendorf) - Erinnerung op. 63 nr. 2 (Schenkendorf) - An ein Bild op. 63 nr. 3 (Schenkendorf) - An die Tauben op. 63 nr. 4 (Schenkendorf) - Serenade op. 70 nr. 3 (Goethe) - Nachtigall op. 97 nr. 1 (Reinhold) - Verrat op. 105 nr. 5 (Lemcke) - 8 Deutsche Volkslieder WoO 33 (trad.)

Benjamin Appl (bariton), Graham Johnson (piano)
Hyperion CDJ33127 • 78' •
Opname: december 2016, All Saints' Church, East Finchley, Londen

 

Het moet ergens in 2016 zijn geweest dat ik de Duitse bariton Benjamin Appl (Regensburg, 1982) voor het eerst hoorde in een Schubert-recital, begeleid door de (inmiddels) nestor onder de liedbegeleiders: Graham Johnson. Hij zong toen zijn Schubert-liederen buitengewoon verbeeldingsvol in het Londense Wigmore Hall. In een woord samengevat: ik was ‘stunned'. Waarbij ik bovendien weer mocht ervaren hoe een begenadigde musicus als Johnson met minimale middelen voor ‘zijn' zanger een geweldig parcours uitrolde. Ook toen dacht ik gelijk: dát is nu het verschil tussen ‘een' begeleider en een groot musicus. Het jaar daarop, tijdens het Internationaal Lied Festival Zeist, kon ik Johnson zowel als coach aan het werk zien als hem horen in de rol die hem op het lijf is geschreven en waarmee hij in feite de wereld van het lied heeft veroverd. Johnson en Gerald Moore, ik noem ze graag in een adem.

Graham Johnson

De vocalistiek van Benjamin Appl (u kunt zowel hem als Johnson in mei in Zeist zelfs in levende lijve horen: klik hier) grensde toen, in Wigmore Hall, aan perfectie, soepel en vloeiend, natuurlijk en gemakkelijk, noten- en poëzietekst naadloos met elkaar verbonden, maar toch niet zonder (gesuggereerde!) vrijheid. Zowel het naïeve als het meer zwierige karakter van de Schubert-liederen wist hij bijzonder fraai te treffen. In zijn Brahms-recital, het zevende deel van wat een integrale cyclus moet worden, horen we opnieuw een zanger van portuur, maar toch ben ik deze keer iets minder enthousiast. Des te merkwaardiger eigenlijk, omdat dit Brahms-recital uit zo ongeveer dezelfde periode stamt als het genoemde Schubert-recital. Minder goed gedisponeerd misschien? De akoestiek die een rol heeft gespeeld? Dat het, in tegenstelling tot Wigmore, ditmaal niet 'live' was? Hoe het ook zij, hoewel het karakteristieke karakter van zijn bariton iwel degelijk nog net zo pregnant is als toen, vloeit het nu minder, de frases zijn minder gewelfd, minder soepel zo u wilt en de stemkleuring enigszins vlakker. Maar let op: ik heb het hier wel over zang op topniveau en dus ook met de de vele eminente vertolkers in gedachte die aan Appls interpretatie vooraf zijn gegaan. Daar staat dan wel het geweldige spel van Johnson tegenover. Zoals ook zijn uitvoerige toelichting bij ieder lied (weer!) van ongekende diepte is. Uiteindelijk toch jammer dat deze cd bij mij gemengde gevoelens heeft opgeroepen. Nog ter aanvulling: de voorgaande zes delen ken ik niet en dus kan het beeld daarvan zeker anders zijn.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links