CD-recensie

 

© Aart van der Wal, juli 2019

Refuge - Liv Migdal

Bach: Sonate nr. 3 voor viool solo in C, BWV 1005

Ben-Haim: Sonate voor viool solo in G, op. 44

Bartók: Sonate voor viool solo, Sz 117

Liv Migdal (viool)
Genuin GEN 19656 • 67' •
Opname: oktober 2018, Deutschlandfunk, Kammermusiksaal, Keulen

   

Vrijwel los van alles en iedereen: solowerken bieden de solist een geheel eigen ‘thuis'. Optimaal geconcentreerd en alleen met het eigen instrument kan de instrumentalist een geheel eigen koers varen met de opnamestudio hopelijk als sfeervolle ambiance. Het is een hoop die echter vaak al bij binnenkomst de bodem wordt ingeslagen. Hoe vaak heb ik instrumentalisten maar ookvocalisten niet zien worstelen met een onbehaaglijke werkomgeving waarin de muziek bijkans een vreemde indringer lijkt! Met achter het raam die altijd weer uiterst kritische producer die samen met zijn balance engineer de ene na de andere passage of zelfs niet meer dan een enkele noot afkeurt. Meestal vriendelijk en met respect voor de artiest, maar wel beslist en meestal doorslaggevend. Het is voor alle betrokkenen een lastig proces in een weinig inspirerende omgeving.

Problematisch is ook de nabewerking. Want al die noten mogen zijn vastgelegd, er moet wel uit het ‘beste' worden gekozen. Dat schier eindeloze knip- en plakwerk dat nauwelijks nog iets overlaat van het beeld dat de instrumentalist bij binnenkomst nog voor ogen had. Het wordt uiteindelijk niet zijn of haar vertolking, maar een zo goed mogelijk aan elkaar genaaide lappendeken die moet verhullen dat het bovenal een ingewikkeld en uiterst vermoeiende aangelegenheid is geweest die sterke raakvlakken heeft met een groteske herhalingsoefening. De artiest zelf blijft bij dit proces buiten beeld en mag achteraf beoordelen of er reden is tot tevredenheid. De beste editor is de man of vrouw die ondanks al dat knip- en plakwerk de muzikale spanningsbogen weet te bewaren en geen concessies heeft gedaan aan de spontaniteit van de uitvoering. Wie dat kan is een meester in het vak en daarmee tevens de erkenning dat een interpretatie veel meer is dan de som der delen.

Hoe het de Duitse violiste Liv Migdal (1988, Herne) in die eerste oktoberweek van 2018 in de Kammermusiksaal van de Keulse omroep is vergaan weet ik niet, maar logisch geredeneerd moet het een enorme opgave zijn geweest om deze drie alleen al technisch uitermate lastige meesterwerken op te nemen. Er zijn zo ontstellend veel voetangels en klemmen in te vinden dat het zelfs een topmusicus moet duizelen. Maar ze heeft zich er kranig doorheen geslagen en zelfs meer dan dat: ze heeft deze sublieme stukken een eigen gezicht gegeven. Daarmee trad ze overtuigend in de rijke voetsporen van Yehudi Menuhin, die ze gedrieën op het hart droeg en op de kaart zette. Menuhin, de grote inspirator. Zonder hem waren de sonates van Ben-Haim en Bartók waarschijnlijk nooit ontstaan.

Welke kwaliteiten kunnen Migdal worden toegedicht? Natuurlijk allereerst grenzeloze virtuositeit. Hoe kan het ook anders, want wie zou deze stukken anders kiezen dan een groot virtuoos? Treffend zijn ook haar intuïtie (het is echt niet alleen een kwestie van het slaafs volgen van de noten, tempi, ritmiek en dynamische markeringen) en haar verbeeldingskracht. Wat zij projecteert maakt diepe indruk en niet in de laatste plaats omdat zij de grenzen opzoekt, het avontuur niet uit de weg gaat. Haar spel doet mij ook in dit opzicht aan dat van Patricia Kopatchinskaja denken: vlekkeloos spel dat niet wordt ingehouden, soms rakelings langs afgronden, maar wel met een bijna achteloze zekerheid in een hoogst persoonlijke en daardoor onvervreemdbare stijl. En dan toch nog de indruk van grote authenticiteit weten te vestigen! Het is slechts weinigen gegeven.

De titel van de cd, ‘Refuge', toevluchtsoord, is ontleend aan wat de beide bannelingen Ben-Haim en Bartók moesten doormaken. Paul Frankenburger (hij nam later de naam Ben-Haim aan) vluchtte tijdig uit nazi-Duitsland en vestigde zich in Palestina, het latere Israël. De Hongaar Béla Bartók koos Amerika als zijn nieuwe vaderland, maar anders dan Ben-Haim leed hij ernstig onder de druk van de rumoerige en hem onverschillige wereldstad New York, hij voelde zich er ontheemd en bovenal ziek. Zijn solosonate, het laatste door hem nog voltooide werk, staat al in het teken van de naderende dood. Het derde deel, Melodia, Adagio gaat door merg en been en al helemaal zoals uitgevoerd door Liv Migdal, een violiste uit duizenden.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links