CD-recensie

 

© Aart van der Wal, augustus 2016

 

Bach: Goldberg-variaties BWV 988

Mahan Esfahani (klavecimbel)

DG 479 5929 8 • 79' •

Opname: april 2016, Kammermusiksaal, Keulen

http://www.mahanesfahani.com/
www.deutschegrammophon.com/esfahani
www.youtube.com/deutschegrammophon

   

Bachs Goldberg-variaties vormen het slot van de vierdelige Clavier-Übung die in de herfst van 1741 in Neurenberg werd gepubliceerd. In de openingsaria wordt het thema van tweeëndertig maten in de ostinato-bas geïntroduceerd, waaruit zich dan de daarop volgende dertig variaties ontwikkelen, waarna het grootse variatiewerk wordt afgesloten met de herhaling van de openingsaria. De aria komt overeen met Händels Chaconne avec 62 variations HWV 442 uit 1703/06, in 1733 uitgegeven als deel van de Suite de Pièces pour le clavecin. Bach moet daarvan op de hoogte zijn geweest want de Chaconne was al in 1732 los gepubliceerd door de Amsterdamse muziekuitgever Witvogel, die Bach als zijn Duitse agent had aangesteld. Uit de aankondiging van de uitgave Compositioni musicali per il Cembalo (1733/36) door de Duits-Nederlandse klavecinist Conrad Friedrich Hurlebusch blijkt bovendien dat Händels Chaconne avec 62 variations verkrijgbaar was bij 'kapelmeester Bach van de Thomasschool in Leipzig'. Volgens Bach-biograaf Christoph Wolff doet het er weinig toe of Bach nu de door Witvogel verzorgde of de Londense uitgave onder ogen heeft gehad. De eenvoudige tweestemmige canon in de slotvariatie moet Bach zeker zijn opgevallen (evenals, zoals Wolf fijntjes opmerkt, de 'zwakke plekken in het contrapunt'). Slechts één blik op Händels traditionele ostinato-schema van acht noten moet in Bach de enorme mogelijkheden ervan hebben wakker geschud. Händels thema leidde tot de Veertien canons BWV 1087, die later werden toegevoegd aan het vierde deel van de Clavier-Übung, dus de Goldberg-variaties. Wolf maakt duidelijk dat Bach Händels acht noten noch de canonvorm als uitgangspunt voor het variatiewerk toereikend vond en dat hij om die reden besloot om de oorspronkelijke ostinato-bas dusdanig uit te breiden dat die harmonisch steun kon geven aan de melodie van de aria, de ruggengraat van de variatiecyclus. Bach verdeelde de canondelen systematisch maar zo onopvallend mogelijk over het geheel, duidelijk met de bedoeling om in de waarneming van speler en luisteraar het verschil tussen canonisch en niet-canonisch contrapunt zoveel mogelijk weg te werken. Het bleek een schitterende verwezenlijking van Bachs ideaal dat doorwrochtheid en natuurlijkheid elkaar niet in de weg hoeven te zitten.

De Goldberg-variaties vallen in twee delen uiteen, gescheiden door een ouverture (track 17). De variaties binnen het concept worden gemarkeerd door canons waarmee elk der tien secties van drie stukken wordt afgesloten. Die canons vertonen telkens een grotere interval bij de imitatie-inzetten, van prime tot none, uitmondend in het contrapuntisch hoogtepunt, het quodlibet, met zijn prachtige combinatie van kleurrijke melodieën. Aldus Christoph Wolff.

Dan is er die blijkbaar onuitroeibare anekdote die de eerste Bachbiograaf, Johann Nicolaus Forkel (1749-1818) in het leven riep. Volgens Forkel zou het variatiewerk in 1741 zijn besteld door graaf Hermann Carl von Keyserlingk, de voormalige Russische vertegenwoordiger aan het Saksische hof in Dresden. De aan slapeloze nachten lijdende gezant zou zich dan - om de tijd door te komen - het werk door zijn huisclavecinist Johann Gottlieb Goldberg laten voorspelen. De muziek moest enerzijds zacht, maar anderzijds levendig zijn. Wolff was niet de eerste die met deze amusante geschiedenis korte metten heeft gemaakt. Er lag immers geen enkele concrete opdracht van Keyserlingk voor (zoals het protocol toen vereiste, terwijl er daarnaast geen sprake is van een 'Widmung' van Bach aan Keyserlinghk) en aangezien Goldberg in 1741 pas veertien jaar oud was sluit dit vrijwel uit dat het zo is gelopen zoals Forkel ons wilde doen geloven. Het kan niet anders dan dat de Goldberg-variaties (die titel is dus uiteraard niet van Bach zelf afkomstig) bedoeld waren als de kroon op de Clavier-Übung.

Hoe betitelde Bach het werk eigenlijk zelf?

Clavier Übung bestehend in einer ARIA mit verschiedenen Veraenderungen vors Clavecimbal mit 2 Manualen. Denen Liebhabern zur Gemüths-Ergetzung verfertiget von Johann Sebastian Bach, Königl. Pohl. u. Churf. Saechs. Hoff-Compositeur, Capellmeister u. Directore Chori Musici in Leipzig.

Vleugel of klavecimbel?
Natuurlijk is in discografisch opzicht de naam van de pianist Glenn Gould nauw verbonden met Bachs Goldberg-variaties. Hij leverde op dit terrein in de vroege jaren vijftig van de vorige eeuw baanbrekend werk, hoewel veel kritiek - en dan met name van de 'puristen' - zijn deel is geworden en gebleven. Natuurlijk hebben ook vele pianisten na hem serieus getracht om het werk op de moderne vleugel recht te doen. En natuurlijk lukte dat de een (veel) beter dan de ander. Wat men ook van de vertolking op de 'moderne' vleugel mag vinden, het staat in ieder geval vast dat die heel ver afstaat van wat de componist zo'n 250 jaar geleden voor ogen heeft gehad. Sterker nog, alleen al wat dit betreft gaapt er een onoverbrugbare kloof. Als wordt uitgegaan van een (in die tijd passend!) klavecimbel is er nog steeds een kloof, maar die is dan aanmerkelijk kleiner. Misschien wel zo klein dat we er - in de tijd gerekend - toch nog net overheen kunnen springen. De basis wordt doorgaans gevormd door een klavecimbel (vrijwel altijd een kopie) uit die periode, naast het beschikbare notenbeeld en de kennis omtrent de toenmalige uitvoeringspraktijk. Nee, het lek hebben we dan nog steeds niet helemaal boven, maar we komen wel dicht(er) bij ons 'ideaalbeeld' (voor zover dat van realiteitszin getuigt). Waar we niets aan kunnen veranderen is aan ons beeld van die muziek anno nu. De mensen van nu zijn niet de mensen van toen, de eeuwen gaan nu eenmaal niet ongemerkt of ongemoeid voorbij. Ook niet als we bedenken dat de ontwikkelingen in de achttiende en negentiende eeuw heel wat minder snel gingen dan daarna. Het is een illusie om zomaar in gedachten of in gevoelens terug te keren naar het Leipzig van Bach rond het midden van de achttiende eeuw. Alleen al door de komst van de Bösendorfers, Steinways, Blüthners, Fazioli's, Bechsteins enz. heeft zich er een geheel andere klankwereld tussen gedrongen die we nu niet meer weg kúnnen denken. Het is een klankwereld die - al zouden we het anders willen - onuitwisbaar deel uitmaakt van onze culturele bagage.

Paradox
Er mag best van die steeds weer opduikende paradox worden gesproken, met enerzijds ons nogal aanmatigende streven naar overdadige expressiviteit in de barokmuziek en anderzijds onze zucht naar historiserende objectiviteit (op zijn best een nobel streven). Maar hoe het ook wordt gewend of gekeerd, het te kiezen instrument is daarbij van buitengewoon groot gewicht/ Mahan Esfahani bespeelt een door Huw Saunders in Londen gebouwd instrument dat is gebaseerd op dat van Heinrich Harraß uit Gross Breitenbach in het Duitse Thüringen. Bach heeft Harraß gekend: hij was de eerste bouwer van Bachs klavecimbel in Arnstadt rond 1706. Bach liet door hem een klavecimbel bouwen naar Noord-Duitse voorbeelden, zoals Bach die had leren kennen tijdens zijn reis naar Lübeck en Hamburg. Sporen daarvan zijn mogelijk nog terug te vinden in het 'Bach-klavecimbel' in het Berlijnse museum van muziekinstrumenten (gecatalogiseerd onder nr. 316). Met de nadruk op 'mogelijk' want zekerheid omtrent de bouwer bestaat helaas niet. Wel was het dit klavecimbel dat als als voorbeeld diende voor de grote aantallen nieuwbouwklavecimbels van eikenfineer die op de markt werden gebracht en waarbij de fabrikanten zelfs zo ver gingen dat ze de opgedane kennis omtrent het moderne pianomechaniek zonder blikken of blozen voor hun klavecimbels gebruikten. Het was in de tijd dat klavecimbels met drie pedalen werden gemaakt (zoals de door o.a. Karl Richter toen vaak gebruikte klavecimbels van Neupert).

Concurrentie
Wat de uitvoering van Bachs 'Goldberg' op klavecimbel betreft is de concurrentie enorm. Ik noem, in alfabetische volgorde, een groot aantal klavecinisten dat de Goldberg-variaties heeft vereeuwigd: Bob van Asperen (EMI), Virginia Black (Collins), Kenneth Gilbert. (Harmonia Mundi), Keith Jarrett.(ECM), Ralph Kirkpatrick (Archiv Produktion), Ton Koopman (Erato), Wanda Landowska. (Biddulph en RCA) Gustav Leonhardt. (Teldec en Harmonia Mundi), Lars Ulrik Mortensen (Kontrapunt 32023), Trevor Pinnock (Archiv Produktion), Karl Richter (Teldec en Archiv Produktion), Scott Ross (EMI) en Christophe Rousset (L'Oiseau-Lyre). Dat is dan nog slechts een tamelijk willekeurige greep uit het totale aanbod. Daar is dan nu de nieuwe cd van Mahan Esfahani aan toegevoegd.

Mehan Esfahani
Deze Iraanse klavecinist (Teheran, 1984) behoort tot de generatie musici die diepgaand geïnteresseerd zijn in de historische bronnen. Dat betreft dan niet alleen het of de manuscripten, maar ook aantekeningen, biografische gegevens, berichten van tijdgenoten, naast de ociale, economische en politieke aspecten die binnen de historische context van de muziek van belang (kunnen) zijn. Wie goed historisch is geïnformeerd kan met meer autoriteit toelichten, verklaren én musiceren. Esfahani licht dienaangaande een klein tipje van de sluier op in zijn A talk on the Goldberg Variations.

De interpretatie van Esfahani voldoet aan alle criteria die de Goldberg-variaties op cd tot een spirituele belevenis maken. De sleutelwoorden zijn uitgeslepen techniek, probiteit, concentratie (een element dat nogal eens wordt onderschat) en solide retorica. Maar er moeten nog andere lagen worden aangeboord: geestigheid (of vernuft), spontaniteit, stilistisch verantwoorde agogiek, frisheid, natuurlijkheid en een sterk ontwikkeld gevoel voor ornamentatie en structuur. In de 'Goldberg' is voor een grootste gemene deler sowieso geen plaats. Alles samengevat: het resultaat moet in Bachs eigen woorden 'Gemüths-Ergetzung' zijn, vermaak van het gemoed. Daarmee is geen enige en onveranderbare uitvoeringstraditie geschapen. Wie de uitvoering van Esfahani bijvoorbeeld vergelijkt met die van de ons ontvallen Gustav Leonhardt zou het spel van de eerste misschien wel exuberant noemen, ten opzichte van de sobere soms nuchtere Leonhardt. Het gemoed van Esfahani is bepaald anders dan het interpretatieve intellectualisme van Leonhardt, terwijl zij toch uit dezelfde bronnen hebben geput. Een vergelijking tussen Esfahani en Richard Egarr lijkt eerder passend, want beide lijken het herscheppen hoog op hun agenda te hebben geplaatst, waarbij een onmiskenbare interpretatieve vrijheid en spontaniteit wel degelijk is ingebed in de reeds genoemde retorica. Dat geldt niet minder voor de vele expressieve momenten van een beschouwend karakter, wanneer ruimte wordt gevraagd voor muzikale contemplatie en die ook ruimhartig wordt gegeven. Ook al is de aanpak van Esfahani nogal grootschalig (al draagt de opname er een steentje aan bij), van enige pedanterie is geen sprake.
Hij maakt ook waar wat hij in een interview heeft opgemerkt: dat het klavecimbel een 'incredibly vocal instrument' is, helder en precies klinkend, met veel mogelijkheden tot kleuring. Over de al snel opdoemende vergelijking tussen een klavecimbel en een vleugel zei hij: "It should not be seen in terms of decibels. That shirt you are wearing is not a 'loud' shirt, but it has a lot of colours in it, it's loud in a different way. The harpsichord enables you to hear much more subtlety, and it has a sensual quality." Deze lichtvoetig pratende musicoloog en musicus (meestal een combinatie die veel vruchten afwerpt!) kwam al op zijn vierde naar Amerika en raakte al snel verzeild in die aparte wereld van orgels en klavecimbels. Zijn grote voorbeeld was en bleef Ralph Kirkpatrick, maar qua spel trad hij niet in diens voetsporen. Wel deelden zij hun grote liefde voor de muziek van Johann Sebastian Bach, die bij Esfahani zelfs obsessieve trekjes zou gaan aannemen. Of in zijn wat afstandelijker bewoordingen: "I knew I was going to spend a lot of time with music like that. Something clicked for me." Met zijn Goldberg-variaties heeft hij bij mij de juiste snaar getroffen. Grandioos!


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links