CD-recensie

 

© Aart van der Wal, februari 2020

Bach: Klavecimbelconcert nr. 1 in d, BWV 1052 - nr. 2 in E, BWV 1053 - nr. 7 in g, BWV 1058 - nr. 4 in A, BWV 1055

Francesco Corti (klavecimbel), il pomo d'oro
Pentatone PTC 5186 837 • 64' •
Opname: Gustav Mahler Hall, Kulturzentrum Toblach, Dobbiaco (I)

 

Of en hoe deze concerten onder Bachs leiding (en ongetwijfeld gezeten aan het klavecimbel) in Café Zimmermann in Leipzig geklonken zullen hebben kan niet met zekerheid worden vastgesteld. Berichten van tijdgenoten ontbreken, maar het vraagt weinig verbeelding om te veronderstellen dat het virtuoze karakter ervan op de voorgrond zal hebben gestaan.

Over de toenmalige bezetting weten we evenmin iets, al ligt het voor de hand dat sprake moet zijn geweest van een bescheiden bezetting. Het café herbergde immers geen concertzaal zoals wij die kennen. Terwijl het vaststaat dat aan deze concerten geen enkele serieuze concessie hoeft te worden gedaan als ze 'slechts' worden uitgevoerd met niet meer dan een handvol strijkers, Ook dan blijft het een imposant discours zoals zich dat voor de luisteraars ontvouwt. Dat geldt overigens voor het merendeel van Bachs orkest- en koorwerken.

Afgaande op de afbeelding in het boekje zijn hier naast Corti 16 musici in het spel en die doen het zondermeer voortreffelijk. Het ensemble is onder leiding van Corti duidelijk uitgegaan van een zo energiek mogelijke en over de gehele linie strak gespannen benadering zonder echter in de zo gevreesde kortademigheid (lees: jachtigheid) te vervallen. Met andere woorden: de pittige tempi laten de articulatie van zowel solo-instrument als strijkers volledig intact. Dat levert alleen maar pure winst op. Een beeld ook dat het tijdloze karakter van deze muziek alleen maar versterkt. In de langzame delen wordt de expressie niet opgeofferd aan stroperigheid (de Siciliano in BWV 1053 mag dienaangaande als schoolvoorbeeld dienen), waarmee tevens wordt gelogenstraft dat lyriek vooral gebaat is bij zeer langzame tempi en niet te vergeten het steeds weer opduikende, overmatige vibrato. Mogelijk had de ornamentatie een fractie rijker kunnen zijn, maar dat is meer een kwestie van smaak. De opname is een juweel.

Het zou me overigens niet verbazen dat we van Corti en dit ensemble meer klavecimbelconcerten tegemoet kunnen zien. Het lijkt mij al bijvoorbaat een aanwinst en niet in de laatste plaats door de gebruikte toetsinstrumenten van de hand van Andrea Restelli: een schitterend klinkende replica naar een instrument van Christian Vater voor de solopartij en een dito naar dat van Michael Mietke, beide van achttiende-eeuwse oorsprong. De historiserende uitvoeringspraktijk ten voeten uit!


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links