CD-recensie

 

© Aart van der Wal, augustus 2019

 

Bach: Gambasonate in G, BWV 1027 - in D, BWV 1028 - in D, BWV 1028 - in g, BWV 1029 - Aria 'Ergiesse dich reichlich' uit de cantate 'Wo soll ich fliehen hin' BWV 5

Antoine Tamestit (altviool), Masato Suzuki (klavecimbel)
Harmonia Mundi HMM 902259 • 45' •
Opname: december 2018, Teldex Studio, Berlijn

 

Het ligt zo voor de hand dat je zou verwachten dat het veel meer is gedaan: Bachs sonates voor viola da gamba en klavecimbel vanuit het origineel ‘vertaald' naar het stiefkind van de strijkersgroep: de altviool. Waar nog bijkomt dat in Bachs tijd bewerkingen van het origineel voor de meest uiteenlopende instrumenten de gewoonste zaak van de wereld waren. Een van dat origineel (meestal sterk) afwijkend timbre hoeft dus alleen al vanuit die optiek geen enkel bezwaar te zijn. Mits het maar niet haaks staat op vakmanschap en goede smaak, twee belangrijke ingrediënten die overigens in elkaars verlengde liggen.

Maar ook om een andere reden is de keus voor de altviool een nogal voor de hand liggende. Ik roep een brief in herinnering die zoon Carl Philipp Emanuel eind 1774 (vader Bach was toen al bijna een kwarteeuw eerder gestorven) schreef aan Nikolaus Forkel, Bachs eerste biograaf: ‘Als de grootste deskundige en beoordelaar van de harmonie speelde hij (Johann Sebastian, Avdw) het liefst op de altviool met aangepaste sterkte en zwakte'. Een uitspraak die wel wat merkwaardig lijkt, want er is geen enkel werk van Bachs hand bekend waarin de altviool een uitgesproken solistische rol is toebedeeld. Hoe het er bij de Thomascantor thuis aan toe is gegaan weten we niet, maar misschien heeft hij zelf in de huisconcerten met zijn zeer getalenteerde kinderen de altviool geprefereerd; en dat zal zeker in de gambasonates het geval zijn geweest.

Hoezeer de altviool zich in deze drie sonates en de aria op zijn gemak voelt blijkt wel uit dit schitterende album, dat werkelijk qua speelvreugde en technische afwerking geen enkele wens onvervuld laat. Antoine Tamestit laat zijn instrument voortdurend schitteren, de kleurgradaties zijn magnifiek en de fraseringen om door een ringetje te halen. Daar sluit het fantasierijke spel (waaronder de uitgelezen ornamentatie!) van Masato Suzuki zich vlekkeloos bij aan. Misschien aardig om te vermelden dat Masato de zoon is van Masaaki Suzuki, oprichter en artistiek leider van het wereldvermaarde Bach Collegium Japan (waarin Masato eveneens een belangrijke rol speelt, nog afgezien van zijn talloze andere activiteiten op muziekgebied). De door Tobias Lehman gemaakte opname mondt uit in een klankfeest van jewelste. Jammer dat het na krap driekwartier alweer voorbij is.

Het klavecimbel is van de hand van Willem Kroesbergen naar een model van Ioannes Couchet. De aan Tamestit in bruikleen gegeven altviool is een Stradivarius uit 1672 die de bijnaam ‘Mahler' heeft. De strijkstok is van het baroktype en recent vervaardigd door Arthur Dubroca. De vakkundige toelichting in het boekje is van Peter Wollny en komt dus rechtstreeks uit het Bach-Archiv in Leipzig. Zo, dan weet u dat ook weer.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links