CD-recensie

 

© Aarnout Coster, mei 2013

 

Liszt: Verdi- en Wagner transcripties (compl.)

Verdi-transcripties:
Paraphrase de concert S431a (Ernani)– Salve Maria S431 (Jerusalem) – Miserere S433 (Il Trovatore) – Paraphrase de concert S434 (Rigoletto) – Coro di festa e Marcia funebre S435 (Don Carlo) – Agnus Dei S437 (Messa da Requiem) – Reminicences de Boccanegra S438 (Simon Boccanegra) – Danza sacra e duetto finale S436 (Aida)

Wagner-transcripties:
Phantasiestück S439 (Rienzi) - Ballade S441 – Spinnerlied S440 (Der fliegende Holländer) – O du, mein holder Abendstern S444 – Einzug der Gäste auf der Wartburg S445 no.1 – Ouverture S442 (Tannhaüser) Elsas Brautzug zum Münster S445 no.2 – Elsas Traum S446 no.2 – Lohengrins Verweis an Elsa S446 no 3 – Festspiel und Brautlied S446 no.1 (Lohengrin) – Walhall S449 (Der Ring des Nibelungen) – Isoldens Liebestod S447 (Tristan und Isolde) – Am stillen Herd S448 (Die Meistersinger von Nürnberg) – Feierlicher Marsch zum heiligen Graal S450 (Parsifal) -

Lieder aus der Musik von Eduard Lassen zu Hebbels Nibelungen und Goethes Faust S496 Hagen und Krimhild – Bechlarn

Michele Campanella (piano)

Brilliant Classics 94610 ∙ 63’+ 55’+ 70’ ∙ (3 cd’s)

Opname: maart-september 2001 en maart 2012

Teatro dell’Aquila, Fermo (I)

   

Michele Campanella is een grandioos Liszt-vertolker. Zoals gebruikelijk bij Liszt, stellen de hier opgenomen composities de hoogste eisen aan techniek en interpretatie. Het gaat niet alleen om virtuositeit, maar ook om interpretatievermogen: het is niet voldoende om technische hoogstandjes ten beste te geven, moeiteloos met de Liszteaanse snelle octavenpassages en tremoli te kunnen omgaan; maar het klinkend resultaat moet ook kunnen ontroeren. Een goede test is bijv. ‘Isoldens Liebestod’. Ondanks de vaak handenvol toetsen, moet deze erotische muziek zingen, de luisteraar boeien en meeslepen, zoals een goede uitvoering van Wagners opera dit vermag. Campanella is een pianist die volledig aan deze eisen voldoet en hiermee is tevens gezegd dat ook de andere transcripties voortreffelijk gespeeld worden.
Behalve in de Tannhaüser-ouverture, bespeelt hij een Steinway D uit 1892 – en ‘authentiek’ instrument dus, met een bijzondere klank en zo te horen, moet het een genoegen en een inspirerende ervaring zijn om op zo’n instrument te spelen.

Zowel met de wereld van Verdi als van Wagner was Liszt vertrouwd en hun composities waren voor hem een bron van inspiratie. Ook andere componisten inspireerden hem, bekende en minder bekende. Zo zijn in dit recital twee delen uit Liszts transciptie van Lassens muziek bij Hebbels Nibelungen en Goethes Faust opgenomen. Eduard Hebbel (1830-1904) was Liszts opvolger als dirigent in Weimar.
De term ‘transcriptie’ (transcription) heb ik overgenomen. Het zijn immers niet louter ‘bewerkingen’ in de zin van piano-versies. Liszt voegt eigen variaties en/of versieringen toe, waardoor het veel meer dan copieën van het origineel zijn.
Aan de Wagner-verzameling ontbreekt het Pelgrimskoor uit Tannhaüser, maar dit is vrijwel gelijkluidend aan het begin van de Ouverture en kan dus gemist worden.

De opname is uitstekend en het boekje geeft informatie over werk en pianist (met foto’s). Al met al een must voor Liszt-bewonderaars én voor liefhebbers van Verdi en/of Wagner.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links