Boeken

 over muziek (algemeen)

 

© Aart van der Wal, augustus 2019

 

Wieke Karsten: In de muziek - Over musiceren, studeren en het brein

Amsterdam University Press 2019
ISBN 9789463723039
232 blz., paperback
Verkoopprijs € 24,95

http://www.wiekekarsten.nl


De meeste uitgevers geven het boek een wervende tekst mee, het soort aanbeveling dat tot kopen moet aansporen, meestal voorzien van zorgvuldig geciteerde passages uit recensies. Dat het niet verstandig is om uitsluitend daarop af te gaan weten de meeste boekkopers wel, maar toch laat men zich er misschien mede door leiden. Dat geldt ook voor dit boek, maar wel met dit verschil dat we aan de aanbevelingen niet hoeven twijfelen, want ze komen uit onverdachte hoek: van professionele musici uit niet alleen het topsegment maar die ook ruimschoots ervaring hebben opgedaan met lesgeven: Emily Beynon, solofluitiste bij het Koninklijk Concertgebouworkest, Jan Willem de Vriend, gevierd dirigent, Eric Vloeimans, de man van de ‘bevrijde trompet' en Bart van Oort, de fortepianist die net als de overige musici de muziekpraktijk van binnen en buiten kent. Namen dus die er echt toe doen. Wat overigens niet minder geldt voor de auteur zelf, fluitiste en docente aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en de Nederlandse Fluit Academie. Zij ontwikkelde de leermethode ‘Musiceren, studeren en het brein' en geeft daarover lezingen, cursussen en workshops in eigen land en in het buitenland. Puur vanuit de praktijk en puur gericht op de praktijk. Haar zojuist verschenen boek is er de weerslag van.

Het lijkt voor Karsten wat dit leerboek (want dat is het) betreft de belangrijkste marsroute te zijn: Van haar als musicus en docent naar de musicus en docent, de lessen onlosmakelijk verbonden met haar praktijkervaringen, waarin ook de muziek zelf (waar het uiteindelijk toch om gaat!) ruimschoots aan bod komt. Ik zeg het Emily Beynon na: ‘Wieke kruipt niet alleen in de huid van de musicus, maar ook in die van de muziek zelf!' Het is een fascinerend panorama dat ook voor de amateur en semi-professioneel in de muziekbeoefening talloze ‘eyeopeners' en ‘earopeners' in het vooruitzicht stelt.

In het boek worden de kernvragen op een direct aansprekende manier aan de orde gesteld en deskundig behandeld, zoals ‘hoe kan ik met meer plezier en effect oefenen?', ‘Wat is podiumspanning en hoe kan ik ermee omgaan?', ‘Hoe kom ik sneller in de muziek?', ‘Hoe studeer ik een lastige passage?', ‘Wat is focus en hoe train ik dat?', ‘Hoe kan ik de muziek meer uitdiepen?', ‘Hoe kan ik op het podium vrijer spelen?', ‘Hoeveel tijd zou ik aan het studeren moeten besteden?' Het is slechts een greep uit de vele onderwerpen die Karsten op een systematische, feitelijk methodische manier de revue laat passeren. Zoals ook veel aandacht wordt besteed aan de werking van het brein, de met muzikale perceptie samenhangende neurologische aspecten op basis van de meest recente neurowetenschappelijke inzichten. Dat alleen al maakt het boek zeer actueel.

De muziekbeoefening wordt strikt benaderd vanuit het perspectief van de musicus, zijn ‘huis' (de muziek zelf) en hoe op de meest effectieve maar ook diepgaande manier kan worden gestudeerd. Vandaar ook het belang van dit boek voor iedereen die muziekles geeft, onverschillig waar dat is: op het conservatorium, de muziekschool of thuis. Dankzij de in het boek opgenomen oefeningen en opdrachten kan de leerstof desgewenst op een eenvoudige manier worden getoetst.

De vele notenvoorbeelden verluchtigen niet alleen de tekst (voor wie noten kan lezen natuurlijk), maar dragen ook sterk bij aan de begripsvorming, terwijl ze bovendien het denken over het interpreteren van de muziek sterk stimuleren. De geschetste kaders zijn ook wat dit betreft diep en breed, waaronder frasering, articulatie, zinsbouw, harmonische spanningsvelden, dynamiek, ritme en puls. Wie zelf een instrument bespeelt kan de gegeven voorbeelden en geschetste varianten zelf in de praktijk brengen, wat - hoe kan het anders - zeer verhelderend uitpakt. Het is een van de vele aspecten waardoor het geen droge theoretische verhandeling is geworden. Integendeel, Karstens doelgerichte benadering met daarin centraal de dagelijkse muziekpraktijk, maakt juist zonder omhaal duidelijk hoezeer nieuwe ideeën tot aanzienlijk betere resultaten leiden, waardoor speelplezier sterk wordt vergroot. De musicus vaart er wel bij, maar ook de docent en uiteindelijk het publiek.

Voor wie zich vooral passief met muziek bezighoudt biedt dit boek een diepgaande verkenning van wat muziek nu eigenlijk tot muziek maakt: het door Karsten met liefde voor het vak tot in de puntjes uitgewerkte parcours van het notenschrift naar de interpretatie ervan, de opbouw van het muzikale ‘verhaal', de omzetting in klank, de vele stappen die moeten worden gezet op de weg van het leerproces naar de luisteraar en welke bijzondere rol het brein in al die processen speelt (de neurologische aspecten van muziek maken en muziek beleven). Dat het uiteindelijke doel zich vertaalt in pure fascinatie geldt niet alleen voor de muziek, maar zeker ook voor dit boek. De lezer waant zich als een student op het conservatorium, maar wel op een gemakkelijk aansprekende manier en met het enthousiasme dat bij dit zo bijzondere leervak hoort, maar helaas nogal eens uit het oog wordt verloren.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links