Petitie tegen 'Aus Licht' van Karlheinz Stockhausen door De Nationale Opera


Recent verschenen Forums Nieuwsforum Petitie tegen 'Aus Licht' van Karlheinz Stockhausen door De Nationale Opera

Dit onderwerp bevat 17 reacties, heeft 3 stemmen, en is het laatst gewijzigd door  Olivier Keegel 2 weken, 2 dagen geleden.

  • Auteur
    Berichten
  • #1988 Reactie

    opusklassiek
    Keymaster

    Muziekrecensent Olivier Keegel zet zich op http://www.petities24.com/geen_stockhausen af tegen de uitvoering van ‘Aus Licht’, een selectie uit het werk LICHT van Karlheinz Stockhausen, uit te voeren door De Nationale Opera in 2019. Wie het met zijn zienswijze eens is kan een petitie ondertekenen. Ik ben het er niet mee eens omdat ik vind dat kunst zowel naar aard als naar uitvoering vrij behoort te zijn van wat dan ook, laat staan dat zij in verband mogen worden gebracht met knevel- of protestacties, hoe goed bedoeld die op zich ook zijn. Dat neemt niet weg dat ik u graag kennis laat nemen van Keegels betoog.

    Hieronder de volledige tekst:

    GEEN “AUS LICHT” VAN KARLHEINZ STOCKHAUSEN
    In 2019 wordt in Amsterdam onder de naam “Aus Licht” een selectie uit het werk LICHT van Karlheinz Stockhausen uitgevoerd. Het megaproject is een samenwerking van De Nationale Opera, het Holland Festival en het Koninklijk Conservatorium Den Haag. De Nationale Opera verklaarde er trots op te zijn een van de belangrijkste producenten te mogen zijn bij het realiseren van dit project.
    Ondergetekenden hebben ernstige vraagtekens bij dit project. Hun zorgen betreffen de keuze van dit megaproject, de financiële implicaties ervan en de persoon van de componist Karlheinz Stockhausen.  
     
    DE KEUZE
    Licht bestaat uit 7 opera’s, die op de dagen van de week zouden moeten worden uitgevoerd. Talloze operahuizen hebben al 1 van de 7 opera’s uitgevoerd,  en ook in Amsterdam is er weer een selectie gemaakt. Het project is dus niet uniek in de zin dat het volledige werk wordt uitgevoerd, het is slechts een minder onvolledige uitvoering. Wij vragen ons af hoeveel opera- en muziekliefhebbers een plezier gedaan wordt met dit ontoegankelijke werk van Stockhausen, dat weliswaar zijn interessante aspecten heeft, maar het overgrote deel der muziek- en operaliefhebbersliefhebbers muzikaal  tegen de haren instrijkt. Deze piepknormuziek is zodanig georganiseerd dat het slechts door het menselijk oor/brein van een aantal muzikaal bevoorrechten, en hen die zich daartoe rekenen, kan worden “begrepen” en gewaardeerd. Om even het geheugen op te frissen: https://youtu.be/bvvuYPXMK_8 Uiteraard is bezoekerskwantiteit geen criterium voor repertoirekeuze, maar zijn er aan dit principe niet ook grenzen gesteld indien er sprake is van een dergelijk kostbaar en veelomvattend project dat slechts een select gezelschap zal aanspreken? (In margine: Veel operaliefhebbers  stellen zich bovendien de vraag  of het geld niet beter gebruikt had kunnen worden om een hiaat in het beleid van DNO weg te nemen dat al 25 jaar lang een gapend gat is in de programmering, namelijk het structureel verwaarlozen van het verismo-repertoire.)  
     
    DE FINANCIËLE IMPLICATIES
    Ondergetekenden zouden graag een concreet antwoord ontvangen op de volgende vragen:
    1)    Welk bedrag is gemoeid bij deze productie? Uit welke “pot” is dit bedrag afkomstig?
    2)    Is de financiering 100% rond? Indien niet, wat is de stand van zaken?
    3)    Wat zijn de verliezen c.q. gevolgen bij het niet rondkomen van de financiering?
    4)    Op hoeveel bezoekers mikt de organisatie?    
     
    KARLHEINZ STOCKHAUSEN: Aanslagen op de Twin Towers “het grootste kunstwerk dat er is voor de hele kosmos.”
    Wij begrijpen dat “Aus Licht” een prestigieus afscheidscadeau is voor de afscheid nemende intendant Pierre Audi, wiens verdiensten boven alle twijfel verheven zijn. Niettemin kunnen wij niet de ogen sluiten voor de politieke realiteit. Wij leven in een hectische tijd waarin al dan niet verijdelde terroristische aanslagen aan de orde van de dag zijn en samenlevingen ontregelen. In hoeverre is het dan wenselijk dat het werk wordt uitgevoerd van Karlheinz Stockhausen die de gruweldaden van 9/11, De Moeder aller Aanslagen met zijn duizenden doden, bestempelde als “het grootste kunstwerk dat er is voor de hele kosmos.” Deze walgelijke uitspraak van Stockhausen was voor Hamburg en Bern indertijd al reden genoeg om de uitvoeringen af te gelasten. 
    Kan De Nationale Opera, dit overwegende, volhouden “trots” te zijn om de belangrijkste producent van “Aus Licht” te zijn?
     
    Om bovengenoemde redenen, die van muzikaal-inhoudelijke, financieel-technische en morele aard zijn, hebben ondergetekenden ernstig bezwaar tegen de voorgenomen uitvoering van Karl-Heinz Stockhausen.
    Wij vragen het Holland Festival, het Koninklijk Conservatorium Den Haag en met name de belangrijkste producent, De Nationale Opera, de voorgenomen uitvoering van Stockhausens “Aus Licht” ernstig te heroverwegen.

    Wie met Oliver Keegel contact wil opnemen kan hier terecht: http://www.petities24.com/contact/163042

  • #1989 Reactie

    Maarten Brandt

    Ik vind het een belachelijk actie. Dit project is een uitgelezen mogelijkheid voor een topinstituut als het Koninklijk Conservatorium, dat – net als in de tijd van oud directeur Jan van Vlijmen – nu de kans heeft in samenwerking met een wereldberoemde regisseur een mega-project te realiseren dat gerust als een – en dan in omvang nog veel grotere – evenknie van Wagners Ring mag worden beschouwd. Trouwens iedereen heeft het maar over geld, het project gaat semi-scenisch en bovendien is het – mede vanwege de hoge educatieve lading – ‘low-budget’. En Nederland zet zich er cultureel gezien geducht mee op de kaart, nog afgezien van het feit dat ook wordt samengewerkt met andere landen, als gevolg waarvan het gebeuren een nadrukkelijk grensoverschrijdend karakter krijgt, iets wat juist ook in deze turbulente tijd van verstrekkend belang is. Nee, ik vind deze petitie ronduit onthutsend en als gebaar helaas geheel passend in het hellende vlak waarin ons land politiek terecht is gekomen, een land waarin, ook al is de PVV (nog) niet aan de macht (God verhoede het!), veel daarvan al behoorlijk salonfahig is geworden. Natuurlijk hoeft men niet van Stockhausen te houden, het sta een ieder vrij dat niet of wel te doen, maar het kan niet zo zijn dat een bepaalde groep zijn wil aan een minderheid oplegt door het uitvoeren van diens muziek te dwarsbomen, althans niet in een zich democratisch noemend land, dit nog afgezien van het feit dat het Holland Festival (onder de paraplu waarvan dit evenement plaatsvindt) er juist voor is ruimte te scheppen voor dat repertoire voor de uitvoering waarvan onder normale omstandigheden niet of nauwelijks gelegenheid bestaat (wat men – dit is geen waardeoordeel – van Verismo-operá moeilijk kan beweren!). Vervolgens breng ik graag Marius Flothuis in herinnering die, als artistiek directeur van het Concertgebouworkest, evengoed plaats inruimde voor componisten waarin hij persoonlijk niets zag zoals bijvoorbeeld Ives, Vermeulen, Sjostakovitsj en Varese. Verder is het uitermate teleurstellend op FB zoveel muziekliefhebbers tegen te komen die zo tegen dit project fulmineren zonder ook maar bij benadering logistiek en inhoudelijk op de hoogte te zijn. Alvorens tot dit soort acties over te gaan lijkt mij het zich vooraf degelijk informeren wel het minste wat de initiatiefnemers hadden moeten doen, alvorens überhaupt tot een dergelijke, en trouwens vol ronduit bedenkelijk te noemen insinuaties staande, petitie over te gaan, waaruit een kleinburgerlijke spruitjesgeur opstijgt die men niet voor mogelijk houdt. Tenslotte deel ik voor de volle honderd procent de mening van collega Van der Wal: “Ik ben het er niet (dus met de petitie – MB) mee eens omdat ik vind dat kunst zowel naar aard als naar uitvoering vrij behoort te zijn van wat dan ook, laat staan dat zij in verband mogen worden gebracht met knevel- of protestacties, hoe goed bedoeld die op zich ook zijn

  • #1990 Reactie

    Maarten Brandt

    Mijn e-mailadres is bij deze goed ingetypt! Dus: brandt1@upcmail.nl

  • #2003 Reactie

    Anna Minis

    Zuiver bekeken is het uiteindelijk wel de bedoeling dat Licht na heroverweging niet wordt uitgevoerd… men wil dit project wel degelijk dwarsbomen.
    Ik voor mij vind de petitie nogal potsierlijk, doet me denken aan Don Quichotte. Stockhausen heeft zich een plaats veroverd in de voorste gelederen van de muziekgeschiedenis. Of hij al dan niet een prettig mens was doet niet ter zake. Sommigen kunnen zijn muziek niet waarderen, dus die moeten vooral niet naar Aus Licht gaan.
    En dan dat gejammer over het geld: je wilt niet weten wat de Ring des Nibelungen heeft gekost. Of laatst nog Parsifal.

  • #2038 Reactie

    opusklassiek
    Keymaster

    Toch wel prettig dat er zoveel stemmen worden losgemaakt. Ga eens terug naar de tijd van Matthijs Vermeulen en Willem Pijper, toen de kranten bol stonden van de polemieken. Dat muziekliefhebbers werkelijk op de barricaden klommen, zoals in de tijd van de Notenkrakers. Kom daar nu maar eens om. Niemand heeft daar nog de lust toe, de kritieken in de dagbladen zijn verstomd of tot minimale proporties teruggebracht. Als zo’n petitie dan wordt gelanceerd en er wordt serieus op gereageerd, zie ik dat als pure winst. Reuring, het mag weer eens!

  • #2040 Reactie

    Paul Korenhof

    Vergis ik mij of zijn al degenen die het opnemen voor de programmering van het Stockhausen-opus vooral mensen die ik zelden of nooit in Het Muziektheater aantref? Het is met hun uitspraken als met die van de paus over de pil: het is ver van ons eigen bed, maar we hebben er wel een mening over en wee degene die het niet met ons eens is!

    Om het heel duidelijk te stellen: de petitie tegen ‘Aus Licht’ is géén petitie ‘tégen Stockhausen’, maar tegen de programmering van diens werk binnen het repertoire en het budget van De Nationale Opera. Het zou goed zijn als al die mensen die nu opeens hoogst verontwaardigd reageren, dat even tot zich lieten doordringen. Het is inderdaad niet moeilijk je in te zetten voor ‘Aus Licht’, als je niet echt geïnteresseerd bent in opera’s van Rossini, Bellini, Donizetti, Ponchielli, Cilea, Giordano, Mascagni, Leoncavallo, Auber, Meyerbeer, Gounod, Massenet of Offenbach. Alleen behoor je dan waarschijnlijk ook niet tot de groep met enig recht van spreken als het gaat over het ‘operarepertoire’. (Ik vraag mij trouwens af of ik al die ‘verdedigers’ van Stockhausen ook inderdaad bij een uitvoering zou aantreffen.)

    Van de hierboven genoemde operacomponisten is de afgelopen dertig jaar niets of hooguit een enkele serieuze opera in Het Muziektheater te zien geweest. Niet zelden gebeurde dat laatste bovendien in uitvoeringen die aan het werk weinig recht deden, omdat de regisseur in kwestie de opera vooral zag als een kapstok om zijn eigen ideeën aan op te hangen. Hetzelfde geldt voor enkele werken van Mozart, Wagner, Puccini en Verdi, terwijl vooral de laatste componist bij de repertoirekeuze bepaald niet de aandacht is toegevallen die hem toekomt.

    Onder Hans de Roo bracht DNO per jaar circa 180 voorstellingen van 15 tot 18 verschillende opera’s en bij de opening van Het Muziektheater werd dat teruggebracht tot een totaal van circa 100 met de afspraak dat het gemiddeld 125 zou gaan worden. De afgelopen jaren kwam de teller echter niet verder dan een gemiddelde van 84 voorstellingen, waarvan slechts de helft gewijd was aan het ‘ijzeren repertoire’ (zij het niet altijd in voorstellingen die nieuwe operaliefhebbers duidelijk maakten waar de opera over ging . . .). Dat betekent dat DNO voor een slordige 24 miljoen subsidie per jaar niet eens 50 ‘normale’ voorstellingen brengt ten behoeve van het normale, belastingbetalende operapubliek, terwijl bij veel voorstellingen het engageren van een befaamde beeldende kunstenaars of een ‘opmerkelijke’ regisseur belangrijker lijkt dan het gekozen werk.

    Overigens is het ‘gewone’ repertoire van de 20ste eeuw er eveneens bekaaid afgekomen. De opera’s van Britten zagen we nog wel af en toe, Poulenc’s ‘Dialogues’ werd zelfs een succes, Schreker kon een keer op de modestromingen meeliften, maar verder bleef het ‘moderne’ repertoire vooral beperkt tot wereldpremières en bijzondere projecten (Vivier). Waar bleven Weill, Falla, Gershwin, Penderecki en Adès? Zelfs een internationaal succes als Eötvös’ ‘Tre Sestri’ bracht het in Nederland niet verder dan een (onvergetelijke) voorstelling van de Reisopera. Omdat die Reisopera eerste was geweest en DNO dus niet meer met een noviteit kon ‘scoren’?

    In dit landschap lijkt een groots Stockhausen-project binnen het repertoire van DNO niet op zijn plaats. Wat voor argumenten ook worden aangevoerd,
    – het is géén kerntaak van DNO om spraakmakende educatieve projecten i.s.m. wie dan ook op te zetten;
    – het is géén kerntaak van DNO om Nederland als cultuurland internationaal op de kaart te zetten;
    – het is wèl een kerntaak van DNO om de operacultuur in Nederland te bevorderen en de Nederlandse operaliefhebber te voorzien van een aantal voorstellingen waarvan aard en aantal in overeenkomst zijn met de hoogte van de ontvangen subsidie.

    Daarnaast is het zeker een andere kerntaak van DNO om aandacht te besteden aan eigentijdse ontwikkelingen binnen het muziektheater voorzover die onder de noemer ‘opera’ vallen. Die aandacht moet echter in een gezonde verhouding staan tot de aandacht voor het ‘normale’ repertoire dat publiek trekt en waarmee je ook publiek voor de toekomst opkweekt. Welke ‘nieuwe’ operabezoeker van de afgelopen decennia zal ook maar enige affectie hebben opgevat voor Mozart’s ‘Don Giovanni’ met ensceneringen waaruit niet eens op te maken valt waar dat werk over gaat? Leuk voor kenners die het een x aantal malen ‘traditioneel’ hebben gezien (en voor solisten die ook wel eens iets anders willen), maar één ding staat als een paal boven water: met zo’n programmering kweek je geen enthousiast publiek van operaliefhebbers die al bij voorbaat een kaartje bestellen als ‘Don Giovanni’ geprogrammeerd wordt.

    Stockhausen? Prima (al doet het enthousiasme voor deze componist mij een beetje denken aan al die tieners van vijftig jaar geleden, die nu met bloeddrukpillen en een rollator naar een concert van de Rolling Stones gaan), maar dan wel in het kader van het Holland Festival, de Ruhrtriennale of het Festival van Aix-en-Provence, niet binnen de programmering van een gezelschap dat toch al veel te weinig programmeert, weinig doet aan de opbouw van een repertoire waarop teruggegrepen kan worden en daarbij ook nog eens hele repertoiregebieden verwaarloost.

    Paul Korenhof

  • #2041 Reactie

    Paul Korenhof

    Vergis ik mij of zijn al degenen die het opnemen voor de programmering van het Stockhausen-opus vooral mensen die ik zelden of nooit in Het Muziektheater aantref? Hun uitspraken doen mij denken aan die van de paus over de pil: het is ver van ons eigen bed, maar we hebben er wel een mening over en wee degene die het niet met ons eens is.

    Om het heel duidelijk te stellen: de petitie tegen ‘Aus Licht’ is niet zozeer gericht tégen Stockhausen als tegen de programmering van diens werk binnen het repertoire en het budget van De Nationale Opera. Het zou goed zijn als allen die nu zo verontwaardigd reageren, dat even tot zich lieten doordringen. Hun reacties is overigens wel tekenend. Het is inderdaad niet moeilijk je in te zetten voor ‘Aus Licht’, als je niet echt geïnteresseerd bent in opera’s van Rossini, Bellini, Donizetti, Ponchielli, Cilea, Giordano, Mascagni, Leoncavallo, Auber, Meyerbeer, Gounod, Massenet of Offenbach. Alleen behoor je dan waarschijnlijk ook niet tot de groep met enig recht van spreken als het gaat over het ‘operarepertoire’. (Ik vraag mij trouwens af of ik al die ‘verdedigers’ van Stockhausen ook inderdaad bij een uitvoering van diens werk zou aantreffen.)

    Van de hierboven genoemde operacomponisten is de afgelopen dertig jaar niets of hooguit een enkele serieuze opera in Het Muziektheater te zien geweest. Niet zelden gebeurde dat laatste bovendien in uitvoeringen die aan het werk weinig recht deden, omdat de regisseur in kwestie de opera vooral zag als een kapstok om zijn eigen ideeën aan op te hangen. Hetzelfde geldt voor enkele werken van Mozart, Wagner, Puccini en Verdi, terwijl vooral de laatste componist bij de repertoirekeuze bepaald niet de aandacht is toegevallen die hem toekomt.

    Onder Hans de Roo bracht DNO per jaar circa 180 voorstellingen van 15 tot 20 verschillende opera’s, maar bij de opening van Het Muziektheater werd dat teruggebracht tot een totaal van circa 100 met de afspraak dat daarna gemiddeld 125 zou gaan worden. De afgelopen jaren kwam de teller echter niet verder dan een gemiddelde van 84, waarvan slechts de helft gewijd was aan het ‘ijzeren repertoire’. Dat betekent dat DNO voor een slordige 24 miljoen subsidie per jaar niet eens 50 ‘normale’ voorstellingen brengt ten behoeve van het normale, belastingbetalende operapubliek, terwijl bij veel voorstellingen het presenteren van een befaamde beeldende kunstenaars of een ‘opmerkelijke’ regisseur belangrijker leek dan het gekozen werk.

    Overigens is het ‘gewone’ repertoire van de 20ste eeuw er eveneens bekaaid afgekomen. De opera’s van Britten zagen we nog wel af en toe, Messiaen’s ‘François’ was spectaculair, Poulenc’s ‘Dialogues’ werd zelfs een succes, Schreker kon een keer op de modestromingen meeliften, maar verder bleef het ‘moderne’ repertoire vooral beperkt tot wereldpremières en bijzondere projecten (Vivier). Waar bleven Weill, Falla, Gershwin, Penderecki en Adès? Zelfs een internationaal succes als Eötvös’ ‘Tre Sestri’ bracht het in Nederland niet verder dan een (onvergetelijke) voorstelling van de Reisopera. Omdat die Reisopera eerste was geweest en DNO dus niet meer met een noviteit kon ‘scoren’?

    In dit landschap lijkt een groots Stockhausen-project niet op zijn plaats. Wat voor argumenten ook worden aangevoerd,
    – het is géén kerntaak van DNO om spraakmakende educatieve projecten i.s.m. wie dan ook op te zetten;
    – het is géén kerntaak van DNO om Nederland als cultuurland internationaal op de kaart te zetten;
    – het is wèl een kerntaak van DNO om de operacultuur in Nederland te bevorderen en het Nederlandse publiek te voorzien van een aantal voorstellingen waarvan aard en omvang in overeenkomst is met de hoogte van de ontvangen subsidie.

    Daarnaast is het zeker een andere kerntaak van DNO om aandacht te besteden aan eigentijdse ontwikkelingen binnen het muziektheater voorzover die onder de noemer ‘opera’ vallen. Die aandacht moet echter in een gezonde verhouding staan tot de aandacht voor het ‘normale’ repertoire dat publiek trekt en waarmee je ook publiek voor de toekomst opkweekt. Welke nieuwe operabezoeker van de afgelopen decennia zal ook maar enige affectie hebben opgevat voor Mozart’s ‘Don Giovanni’ met ensceneringen waaruit niet eens op te maken valt waar dat werk over gaat? Leuk voor kenners die het een x aantal malen ‘traditioneel’ hebben gezien (en voor solisten die ook wel eens iets anders willen), maar één ding staat als een paal boven water: met zo’n programmering kweek je geen enthousiaste operaliefhebbers die al bij voorbaat een kaartje bestellen als ‘Don Giovanni’ wordt geprogrammeerd.

    Stockhausen? Prima, al kan men zich afvragen of diens modernisme inmiddels niet flink achterhaald is. Het plotselinge enthousiasme voor deze componist doet mij een beetje denken aan al die tieners van vijftig jaar geleden, die nu met bloeddrukpillen en een rollator naar een concert van de Rolling Stones gaan. Maar als het dan toch moet, past ‘Aus Licht’ beter in het kader van het Holland Festival, de Ruhrtriennale of het Festival van Aix-en-Provence dan binnen de programmering van een gezelschap met een toch al uiterst beperkt repertoire dat ook nog eens hele repertoiregebieden verwaarloost.

    Paul Korenhof

  • #2042 Reactie

    Paul Korenhof

    Vergis ik mij of zijn al degenen die het opnemen voor de programmering van het Stockhausen-opus vooral mensen die ik zelden of nooit in Het Muziektheater aantref? Hun uitspraken doen mij denken aan die van de paus over de pil: het is ver van ons eigen bed, maar we hebben er wel een mening over en wee degene die het niet met ons eens is.

    Om het heel duidelijk te stellen: de petitie tegen ‘Aus Licht’ is niet zozeer gericht tégen Stockhausen als tegen de programmering van diens werk binnen het repertoire en het budget van De Nationale Opera. Het zou goed zijn als allen die nu zo verontwaardigd reageren, dat even tot zich lieten doordringen. Hun reacties is overigens wel tekenend. Het is inderdaad niet moeilijk je in te zetten voor ‘Aus Licht’, als je niet echt geïnteresseerd bent in opera’s van Rossini, Bellini, Donizetti, Ponchielli, Cilea, Giordano, Mascagni, Leoncavallo, Auber, Meyerbeer, Gounod, Massenet of Offenbach. Alleen behoor je dan waarschijnlijk ook niet tot de groep met enig recht van spreken als het gaat over het ‘operarepertoire’. (Ik vraag mij trouwens af of ik al die ‘verdedigers’ van Stockhausen ook inderdaad bij een uitvoering van diens werk zou aantreffen.)

    Van de hierboven genoemde operacomponisten is de afgelopen dertig jaar niets of hooguit een enkele serieuze opera in Het Muziektheater te zien geweest. Niet zelden gebeurde dat laatste bovendien in uitvoeringen die aan het werk weinig recht deden, omdat de regisseur in kwestie de opera vooral zag als een kapstok om zijn eigen ideeën aan op te hangen. Hetzelfde geldt voor enkele werken van Mozart, Wagner, Puccini en Verdi, terwijl vooral de laatste componist bij de repertoirekeuze bepaald niet de aandacht is toegevallen die hem toekomt.

    Onder Hans de Roo bracht DNO per jaar circa 180 voorstellingen van 15 tot 20 verschillende opera’s, maar bij de opening van Het Muziektheater werd dat teruggebracht tot een totaal van circa 100 met de afspraak dat daarna gemiddeld 125 zou gaan worden. De afgelopen jaren kwam de teller echter niet verder dan een gemiddelde van 84, waarvan slechts de helft gewijd was aan het ‘ijzeren repertoire’. Dat betekent dat DNO voor een slordige 24 miljoen subsidie per jaar niet eens 50 ‘normale’ voorstellingen brengt ten behoeve van het normale, belastingbetalende operapubliek, terwijl bij veel voorstellingen het presenteren van een befaamde beeldende kunstenaars of een ‘opmerkelijke’ regisseur belangrijker leek dan het gekozen werk.

    Overigens is het ‘gewone’ repertoire van de 20ste eeuw er eveneens bekaaid afgekomen. De opera’s van Britten zagen we nog wel af en toe, Messiaen’s ‘François’ was spectaculair, Poulenc’s ‘Dialogues’ werd zelfs een succes, Schreker kon een keer op de modestromingen meeliften, maar verder bleef het ‘moderne’ repertoire vooral beperkt tot wereldpremières en bijzondere projecten (Vivier). Waar bleven Weill, Falla, Gershwin, Penderecki en Adès? Zelfs een internationaal succes als Eötvös’ ‘Tre Sestri’ bracht het in Nederland niet verder dan een (onvergetelijke) voorstelling van de Reisopera. Omdat die Reisopera eerste was geweest en DNO dus niet meer met een noviteit kon ‘scoren’?

    In dit landschap lijkt een groots Stockhausen-project niet op zijn plaats. Wat voor argumenten ook worden aangevoerd,
    – het is géén kerntaak van DNO om spraakmakende educatieve projecten i.s.m. wie dan ook op te zetten;
    – het is géén kerntaak van DNO om Nederland als cultuurland internationaal op de kaart te zetten;
    – het is wèl een kerntaak van DNO om de operacultuur in Nederland te bevorderen en het Nederlandse publiek te voorzien van een aantal voorstellingen waarvan aard en omvang in overeenkomst is met de hoogte van de ontvangen subsidie.

    Daarnaast is het zeker een andere kerntaak van DNO om aandacht te besteden aan eigentijdse ontwikkelingen binnen het muziektheater voorzover die onder de noemer ‘opera’ vallen. Die aandacht moet echter in een gezonde verhouding staan tot de aandacht voor het ‘normale’ repertoire dat publiek trekt en waarmee je ook publiek voor de toekomst opkweekt. Welke nieuwe operabezoeker van de afgelopen decennia zal ook maar enige affectie hebben opgevat voor Mozart’s ‘Don Giovanni’ met ensceneringen waaruit niet eens op te maken valt waar dat werk over gaat? Leuk voor kenners die het een x aantal malen ‘traditioneel’ hebben gezien (en voor solisten die ook wel eens iets anders willen), maar één ding staat als een paal boven water: met zo’n programmering kweek je geen enthousiaste operaliefhebbers die al bij voorbaat een kaartje bestellen als ‘Don Giovanni’ wordt geprogrammeerd.

    Stockhausen? Prima, al kan men zich afvragen of diens modernisme inmiddels niet flink achterhaald is. Het plotselinge enthousiasme voor deze componist doet mij een beetje denken aan al die tieners van vijftig jaar geleden, die nu met bloeddrukpillen en een rollator naar een concert van de Rolling Stones gaan. Maar als het dan toch moet, past ‘Aus Licht’ beter in het kader van het Holland Festival, de Ruhrtriennale of het Festival van Aix-en-Provence dan binnen de programmering van een gezelschap met een toch al uiterst beperkt repertoire dat ook nog eens hele repertoiregebieden verwaarloost.

    Paul Korenhof

  • #2043 Reactie

    Paul Korenhof

    Vergis ik mij of zijn al degenen die het opnemen voor de programmering van het Stockhausen-opus vooral mensen die ik zelden of nooit in Het Muziektheater aantref? Hun uitspraken doen mij denken aan die van de paus over de pil: het is ver van ons eigen bed, maar we hebben er wel een mening over en wee degene die het niet met ons eens is.

    Om het heel duidelijk te stellen: de petitie tegen ‘Aus Licht’ is niet zozeer gericht tégen Stockhausen als tegen de programmering van diens werk binnen het repertoire en het budget van De Nationale Opera. Het zou goed zijn als allen die nu zo verontwaardigd reageren, dat even tot zich lieten doordringen. Hun reacties is overigens wel tekenend. Het is inderdaad niet moeilijk je in te zetten voor ‘Aus Licht’, als je niet echt geïnteresseerd bent in opera’s van Rossini, Bellini, Donizetti, Ponchielli, Cilea, Giordano, Mascagni, Leoncavallo, Auber, Meyerbeer, Gounod, Massenet of Offenbach. Alleen behoor je dan waarschijnlijk ook niet tot de groep met enig recht van spreken als het gaat over het ‘operarepertoire’. (Ik vraag mij trouwens af of ik al die ‘verdedigers’ van Stockhausen ook inderdaad bij een uitvoering van diens werk zou aantreffen.)

    Van de hierboven genoemde operacomponisten is de afgelopen dertig jaar niets of hooguit een enkele serieuze opera in Het Muziektheater te zien geweest. Niet zelden gebeurde dat laatste bovendien in uitvoeringen die aan het werk weinig recht deden, omdat de regisseur in kwestie de opera vooral zag als een kapstok om zijn eigen ideeën aan op te hangen. Hetzelfde geldt voor enkele werken van Mozart, Wagner, Puccini en Verdi, terwijl vooral de laatste componist bij de repertoirekeuze bepaald niet de aandacht is toegevallen die hem toekomt.

    Onder Hans de Roo bracht DNO per jaar circa 180 voorstellingen van 15 tot 20 verschillende opera’s, maar bij de opening van Het Muziektheater werd dat teruggebracht tot een totaal van circa 100 met de afspraak dat daarna gemiddeld 125 zou gaan worden. De afgelopen jaren kwam de teller echter niet verder dan een gemiddelde van 84, waarvan slechts de helft gewijd was aan het ‘ijzeren repertoire’. Dat betekent dat DNO voor een slordige 24 miljoen subsidie per jaar niet eens 50 ‘normale’ voorstellingen brengt ten behoeve van het normale, belastingbetalende operapubliek, terwijl bij veel voorstellingen het presenteren van een befaamde beeldende kunstenaars of een ‘opmerkelijke’ regisseur belangrijker leek dan het gekozen werk.

    Overigens is het ‘gewone’ repertoire van de 20ste eeuw er eveneens bekaaid afgekomen. De opera’s van Britten zagen we nog wel af en toe, Messiaen’s ‘François’ was spectaculair, Poulenc’s ‘Dialogues’ werd zelfs een succes, Schreker kon een keer op de modestromingen meeliften, maar verder bleef het ‘moderne’ repertoire vooral beperkt tot wereldpremières en bijzondere projecten (Vivier). Waar bleven Weill, Falla, Gershwin, Penderecki en Adès? Zelfs een internationaal succes als Eötvös’ ‘Tre Sestri’ bracht het in Nederland niet verder dan een (onvergetelijke) voorstelling van de Reisopera. Omdat die Reisopera eerste was geweest en DNO dus niet meer met een noviteit kon ‘scoren’?

    In dit landschap lijkt een groots Stockhausen-project niet op zijn plaats. Wat voor argumenten ook worden aangevoerd,
    – het is géén kerntaak van DNO om spraakmakende educatieve projecten i.s.m. wie dan ook op te zetten;
    – het is géén kerntaak van DNO om Nederland als cultuurland internationaal op de kaart te zetten;
    – het is wèl een kerntaak van DNO om de operacultuur in Nederland te bevorderen en het Nederlandse publiek te voorzien van een aantal voorstellingen waarvan aard en omvang in overeenkomst is met de hoogte van de ontvangen subsidie.

    Daarnaast is het zeker een andere kerntaak van DNO om aandacht te besteden aan eigentijdse ontwikkelingen binnen het muziektheater voorzover die onder de noemer ‘opera’ vallen. Die aandacht moet echter in een gezonde verhouding staan tot de aandacht voor het ‘normale’ repertoire dat publiek trekt en waarmee je ook publiek voor de toekomst opkweekt. Welke nieuwe operabezoeker van de afgelopen decennia zal ook maar enige affectie hebben opgevat voor Mozart’s ‘Don Giovanni’ met ensceneringen waaruit niet eens op te maken valt waar dat werk over gaat? Leuk voor kenners die het een x aantal malen ‘traditioneel’ hebben gezien (en voor solisten die ook wel eens iets anders willen), maar één ding staat als een paal boven water: met zo’n programmering kweek je geen enthousiaste operaliefhebbers die al bij voorbaat een kaartje bestellen als ‘Don Giovanni’ wordt geprogrammeerd.

    Stockhausen? Prima, al kan men zich afvragen of diens modernisme inmiddels niet flink achterhaald is. Het plotselinge enthousiasme voor deze componist doet mij een beetje denken aan al die tieners van vijftig jaar geleden, die nu met bloeddrukpillen en een rollator naar een concert van de Rolling Stones gaan. Maar als het dan toch moet, past ‘Aus Licht’ beter in het kader van het Holland Festival, de Ruhrtriennale of het Festival van Aix-en-Provence dan binnen de programmering van een gezelschap met een toch al uiterst beperkt repertoire dat ook nog eens hele repertoiregebieden verwaarloost.

    Paul Korenhof

  • #2044 Reactie

    Paul Korenhof

    Vergis ik mij of zijn al degenen die het opnemen voor de programmering van het Stockhausen-opus vooral mensen die ik zelden of nooit in Het Muziektheater aantref? Hun uitspraken doen mij denken aan die van de paus over de pil: het is ver van ons eigen bed, maar we hebben er wel een mening over en wee degene die het niet met ons eens is.

    Om het heel duidelijk te stellen: de petitie tegen ‘Aus Licht’ is niet zozeer gericht tégen Stockhausen als tegen de programmering van diens werk binnen het repertoire en het budget van De Nationale Opera. Het zou goed zijn als allen die nu zo verontwaardigd reageren, dat even tot zich lieten doordringen. Hun reacties is overigens wel tekenend. Het is inderdaad niet moeilijk je in te zetten voor ‘Aus Licht’, als je niet echt geïnteresseerd bent in opera’s van Rossini, Bellini, Donizetti, Ponchielli, Cilea, Giordano, Mascagni, Leoncavallo, Auber, Meyerbeer, Gounod, Massenet of Offenbach. Alleen behoor je dan waarschijnlijk ook niet tot de groep met enig recht van spreken als het gaat over het ‘operarepertoire’. (Ik vraag mij trouwens af of ik al die ‘verdedigers’ van Stockhausen ook inderdaad bij een uitvoering van diens werk zou aantreffen.)

    Van de hierboven genoemde operacomponisten is de afgelopen dertig jaar niets of hooguit een enkele serieuze opera in Het Muziektheater te zien geweest. Niet zelden gebeurde dat laatste bovendien in uitvoeringen die aan het werk weinig recht deden, omdat de regisseur in kwestie de opera vooral zag als een kapstok om zijn eigen ideeën aan op te hangen. Hetzelfde geldt voor enkele werken van Mozart, Wagner, Puccini en Verdi, terwijl vooral de laatste componist bij de repertoirekeuze bepaald niet de aandacht is toegevallen die hem toekomt.

    Onder Hans de Roo bracht DNO per jaar circa 180 voorstellingen van 15 tot 20 verschillende opera’s, maar bij de opening van Het Muziektheater werd dat teruggebracht tot een totaal van circa 100 met de afspraak dat daarna gemiddeld 125 zou gaan worden. De afgelopen jaren kwam de teller echter niet verder dan een gemiddelde van 84, waarvan slechts de helft gewijd was aan het ‘ijzeren repertoire’. Dat betekent dat DNO voor een slordige 24 miljoen subsidie per jaar niet eens 50 ‘normale’ voorstellingen brengt ten behoeve van het normale, belastingbetalende operapubliek, terwijl bij veel voorstellingen het presenteren van een befaamde beeldende kunstenaars of een ‘opmerkelijke’ regisseur belangrijker leek dan het gekozen werk.

    Overigens is het ‘gewone’ repertoire van de 20ste eeuw er eveneens bekaaid afgekomen. De opera’s van Britten zagen we nog wel af en toe, Messiaen’s ‘François’ was spectaculair, Poulenc’s ‘Dialogues’ werd zelfs een succes, Schreker kon een keer op de modestromingen meeliften, maar verder bleef het ‘moderne’ repertoire vooral beperkt tot wereldpremières en bijzondere projecten (Vivier). Waar bleven Weill, Falla, Gershwin, Penderecki en Adès? Zelfs een internationaal succes als Eötvös’ ‘Tre Sestri’ bracht het in Nederland niet verder dan een (onvergetelijke) voorstelling van de Reisopera. Omdat die Reisopera eerste was geweest en DNO dus niet meer met een noviteit kon ‘scoren’?

    In dit landschap lijkt een groots Stockhausen-project niet op zijn plaats. Wat voor argumenten ook worden aangevoerd,
    – het is géén kerntaak van DNO om spraakmakende educatieve projecten i.s.m. wie dan ook op te zetten;
    – het is géén kerntaak van DNO om Nederland als cultuurland internationaal op de kaart te zetten;
    – het is wèl een kerntaak van DNO om de operacultuur in Nederland te bevorderen en het Nederlandse publiek te voorzien van een aantal voorstellingen waarvan aard en omvang in overeenkomst is met de hoogte van de ontvangen subsidie.

    Daarnaast is het zeker een andere kerntaak van DNO om aandacht te besteden aan eigentijdse ontwikkelingen binnen het muziektheater voorzover die onder de noemer ‘opera’ vallen. Die aandacht moet echter in een gezonde verhouding staan tot de aandacht voor het ‘normale’ repertoire dat publiek trekt en waarmee je ook publiek voor de toekomst opkweekt. Welke nieuwe operabezoeker van de afgelopen decennia zal ook maar enige affectie hebben opgevat voor Mozart’s ‘Don Giovanni’ met ensceneringen waaruit niet eens op te maken valt waar dat werk over gaat? Leuk voor kenners die het een x aantal malen ‘traditioneel’ hebben gezien (en voor solisten die ook wel eens iets anders willen), maar één ding staat als een paal boven water: met zo’n programmering kweek je geen enthousiaste operaliefhebbers die al bij voorbaat een kaartje bestellen als ‘Don Giovanni’ wordt geprogrammeerd.

    Stockhausen? Prima, al kan men zich afvragen of diens modernisme inmiddels niet flink achterhaald is. Het plotselinge enthousiasme voor deze componist doet mij een beetje denken aan al die tieners van vijftig jaar geleden, die nu met bloeddrukpillen en een rollator naar een concert van de Rolling Stones gaan. Maar als het dan toch moet, past ‘Aus Licht’ beter in het kader van het Holland Festival, de Ruhrtriennale of het Festival van Aix-en-Provence dan binnen de programmering van een gezelschap met een toch al uiterst beperkt repertoire dat ook nog eens hele repertoiregebieden verwaarloost.

  • #2045 Reactie

    Paul Korenhof
    Participant

    Vergis ik mij of zijn al degenen die het opnemen voor de programmering van het Stockhausen-opus vooral mensen die ik zelden of nooit in Het Muziektheater aantref? Hun uitspraken doen mij denken aan die van de paus over de pil: het is ver van ons eigen bed, maar we hebben er wel een mening over en wee degene die het niet met ons eens is.

    Om het heel duidelijk te stellen: de petitie tegen ‘Aus Licht’ is niet zozeer gericht tégen Stockhausen als tegen de programmering van diens werk binnen het repertoire en het budget van De Nationale Opera. Het zou goed zijn als allen die nu zo verontwaardigd reageren, dat even tot zich lieten doordringen. Hun reacties zijn overigens wel tekenend. Het is inderdaad niet moeilijk je in te zetten voor ‘Aus Licht’, als je niet echt geïnteresseerd bent in opera’s van Rossini, Bellini, Donizetti, Ponchielli, Cilea, Giordano, Mascagni, Leoncavallo, Auber, Meyerbeer, Gounod, Massenet of Offenbach. Alleen behoor je dan waarschijnlijk ook niet tot de groep met enig recht van spreken als het gaat over het ‘operarepertoire’. (Ik vraag mij trouwens af of ik al die ‘verdedigers’ van Stockhausen ook inderdaad bij een uitvoering van diens werk zou aantreffen.)

    Van de hierboven genoemde operacomponisten is de afgelopen dertig jaar niets of hooguit een enkele serieuze opera in Het Muziektheater te zien geweest. Niet zelden gebeurde dat laatste bovendien in uitvoeringen die aan het werk weinig recht deden, omdat de regisseur in kwestie de opera vooral zag als een kapstok om zijn eigen ideeën aan op te hangen. Hetzelfde geldt voor enkele werken van Mozart, Wagner, Puccini en Verdi, terwijl vooral de laatste componist bij de repertoirekeuze bepaald niet de aandacht is toegevallen die hem toekomt.

    Onder Hans de Roo bracht DNO per jaar circa 180 voorstellingen van 15 tot 20 verschillende opera’s, maar bij de opening van Het Muziektheater werd dat teruggebracht tot een totaal van circa 100 met de afspraak dat het daarna gemiddeld 125 zouden gaan worden. De afgelopen jaren kwam de teller echter niet verder dan een gemiddelde van 84, waarvan slechts de helft gewijd was aan het ‘ijzeren repertoire’. Dat betekent dat DNO voor een slordige 24 miljoen subsidie per jaar niet eens 50 ‘normale’ voorstellingen brengt ten behoeve van het normale, belastingbetalende operapubliek, terwijl bij veel voorstellingen het presenteren van een befaamde beeldende kunstenaars of een ‘opmerkelijke’ regisseur belangrijker leek dan het gekozen werk.

    Overigens is het ‘gewone’ repertoire van de 20ste eeuw er eveneens bekaaid afgekomen. De opera’s van Britten zagen we nog wel af en toe, Messiaen’s ‘François’ was spectaculair, Poulenc’s ‘Dialogues’ werd zelfs een succes, Schreker kon een keer op de modestromingen meeliften, maar verder bleef het ‘moderne’ repertoire vooral beperkt tot wereldpremières en bijzondere projecten (Vivier). Waar bleven Weill, Falla, Gershwin, Penderecki en Adès? Zelfs een internationaal succes als Eötvös’ ‘Tre Sestri’ bracht het in Nederland niet verder dan een (onvergetelijke) voorstelling van de Reisopera. Omdat die Reisopera eerste was geweest en DNO dus niet meer met een noviteit kon ‘scoren’?

    In dit landschap lijkt een groots Stockhausen-project niet op zijn plaats. Wat voor argumenten ook worden aangevoerd,
    – het is géén kerntaak van DNO om spraakmakende educatieve projecten i.s.m. wie dan ook op te zetten;
    – het is géén kerntaak van DNO om Nederland als cultuurland internationaal op de kaart te zetten;
    – het is wèl een kerntaak van DNO om de operacultuur in Nederland te bevorderen en het Nederlandse publiek te voorzien van een aantal voorstellingen waarvan aard en omvang in overeenkomst is met de hoogte van de ontvangen subsidie.

    Daarnaast is het zeker een andere kerntaak van DNO om aandacht te besteden aan eigentijdse ontwikkelingen binnen het muziektheater voorzover die onder de noemer ‘opera’ vallen. Die aandacht moet echter in een gezonde verhouding staan tot de aandacht voor het ‘normale’ repertoire dat publiek trekt en waarmee je ook publiek voor de toekomst opkweekt. Welke nieuwe operabezoeker van de afgelopen decennia zal ook maar enige affectie hebben opgevat voor Mozart’s ‘Don Giovanni’ met ensceneringen waaruit niet eens op te maken valt waar dat werk over gaat? Leuk voor kenners die het een x aantal malen ‘traditioneel’ hebben gezien (en voor solisten die ook wel eens iets anders willen), maar één ding staat als een paal boven water: met zo’n programmering kweek je geen enthousiaste operaliefhebbers die al bij voorbaat een kaartje bestellen als ‘Don Giovanni’ wordt geprogrammeerd.

    Stockhausen? Prima, al kan men zich afvragen of diens modernisme inmiddels niet flink achterhaald is. Het plotselinge enthousiasme voor deze componist doet mij een beetje denken aan al die tieners van vijftig jaar geleden, die nu met bloeddrukpillen en een rollator naar een concert van de Rolling Stones gaan. Maar als het dan toch moet, past ‘Aus Licht’ beter in het kader van het Holland Festival, de Ruhrtriennale of het Festival van Aix-en-Provence dan binnen de programmering van een gezelschap met een toch al uiterst beperkt repertoire dat ook nog eens hele repertoiregebieden verwaarloost.

    Paul Korenhof

  • #2051 Reactie

    Anna Minis

    U wordt wel erg persoonlijk, mijnheer Korenhof. Wellicht is dat uw stijl. Ik herinner me dat ik ooit eens een positieve mening gaf over een Parsifal ergens in Duitsland, in het tijdschriftje van het Wagner-Genootschap. Op de eerstvolgende bijeenkomst zei u, dat dit stukje ongetwijfeld was geschreven door een weinig erudiet persoon die niet veel had gelezen. Welnu, ik ben minstens zo erudiet als u, zeer belezen en alles in de oorspronkelijke taal. Met als achtergrond een voltooide studie Grieks en Latijn, bijvak theaterwetenschap. Dat is nog eens wat anders dan Algemene Literatuurwetenschap.
    Dezelfde houding neemt u nu aan ten opzichte van hen die het opnemen voor Stockhausen: kleineren, zelfs schelden.
    Ik weet welhaast zeker dat het hier niet om onbenullige oudere jongeren gaat, die niets van opera afweten.
    Ik spreek voor mijzelf: ga regelmatig naar het Muziektheater, heb veel opera’s gehoord en gezien (ach Fred Lingen, wat waren dat mooie reizen!), heb vele opera’s in complete opnamen op de plaat, heb alle uitvoeringen van Stockhausen in het HF destijds bezocht en heb zijn Klavierstücke op de plaat, ik vind zijn muziek fascinerend. Ik ben het wel met u eens dat het echt niet meer zo modernistisch is, dus waar bent u bang voor?
    DNO heeft wel vaker grote, kostbare producties gebracht van enigszins belegen modernistische aard: Schönberg, Berg, Messiaen. Audi schuwt het experiment niet en dat siert hem. En DNO bracht ook menig werk van Verdi en Puccini. Misschien zou er inderdaad wat meer werk van andere veristen dan Puccini moeten worden uitgevoerd, maar wie weet? Het einde der tijden is nog niet aangebroken en Audi gaat binnenkort weg.

  • #2053 Reactie

    Paul Korenhof

    Ik ga na het lezen van de voorgaande reactie diep door het stof. Mijn bijdrage was een compilatie van notities die ik in de loop van een dag had gemaakt, maar in de haast (nooit goed) heb ik een belangrijk punt vergeten. Dat betreft de vermelding van 20ste-eeuwse werken als ‘Moses und Aron’, ‘Káta Kabanová’, ‘Wozzeck’ en de combinatie ‘Neither & Erwartung’, voorstellingen die voor mij behoren tot de hoogtepunten van drie decennia Muziektheater. Het punt waardoor ik die aantekening mogelijk over het hoofd zag, is dat ik in feite de eerste drie werken al lang niet meer zie als bijzonderheden. Voor mij zijn het ‘normale’ opera’s, reeds lang onderdeel van het internationale repertoire, in tekst en muziek theatraal gedacht en met in het centrum de mens, niet een abstracte, pseudo-filosofische ideeënwereld waaraan de gemiddelde toeschouwer zonder inleidend college geen touw kan vastknopen. Niet onbelangrijk is bovendien dat die producties op het toneel waren gezet door regisseurs die nog geheel van het werk uitgingen.

    Voor het overige zou ik de voorgaande bijdrage aan deze discussie met de mantel der liefde willen bedekken. Maar voor de goede orde wel even dit: ik ben géén lid van het Wagnergenootschap. Nooit geweest ook!

  • #2054 Reactie

    anna Minis

    Geachte mevrouw Minis,

    Ik heb uw laatste bijdrage verwijderd omdat deze inhoudelijk niets met de discussie te maken heeft.

    Groet,
    Aart van der Wal (moderator)

  • #2055 Reactie

    Peter Franken

    Twee weken geleden schreef ikhet volgende op mijn FB tijdlijn:
    Er is nogal wat te doen over Stockhausen en zijn Licht momenteel.
    Daarbij lopen de waardering voor de persoon en zijn werk door elkaar. Als enthousiast Wagneriaan komt mij dat bekend voor. Ik ben een groot liefhebber van Wagners opera’s vanwege hun muzikale en hun cultuur-historische waarde. Voor de persoon Wagner en zijn geschriften geldt dat in veel mindere mate en ik ben op een gegeven moment dan ook gestopt met de man te verdedigen tegen veelal ongenuanceerde aanvallen van derden.
    Liefhebbers van experimentele elektronische muziek zitten waarschijnlijk in eenzelfde schuitje. Weinig waardering voor de persoon Stockhausen, enthousiast over zijn werk. Dat komt ook op andere gebieden voor. Hoeveel tennisliefhebbers waren er niet die weinig ophadden met de persoon McEnroe maar de tennisspeler toch graag zagen winnen van Lendl? Maar dit terzijde.
    Het Holland Festival en de Ruhrtriënnale zijn typisch de plaatsen waar aandacht kan worden besteed aan Stockhausens muziek met de redelijke zekerheid dat er ook publiek op af komt. Gelet op de tot voor kort bestaande personele unie van DNO met HF tijdens het artistiek leiderschap van Audi, de enorme belangstelling van Audi voor fringe theatre en de hang van DNO om zich internationaal te profileren, is dit project Aus Licht iets waar je op kon wachten. Gelet op de programmering van muzikaal minder aansprekende producties in het verleden zoals Reconstructie, kan ik mij voorstellen dat ook Hans de Roo hieraan wel had willen meewerken.
    Financiële haalbaarheid vormt een rem op alle grote of zelfs megalomane projecten. In vergelijking met de eerdere aankondiging van het project Licht – eindelijk een complete uitvoering – is sprake van een flinke stap terug. In plaats van zeven dagen worden het er drie. De rem heeft zijn werk gedaan. Afblazen is nu geen optie meer, daarvoor zal men zich al teveel contractueel hebben vastgelegd. En zo lang het niet aantoonbaar ten koste gaat van de reguliere programmering van DNO valt er voor ons operaliefhebbers weinig eer meer aan te behalen. Wij stemmen met onze voeten, gaan er gewoon niet heen.
    Dat er geen verisme door DNO wordt geprogrammeerd of te weinig belcanto heeft hier niet direct mee van doen. Dat heeft niets te maken met gebrek aan middelen maar met gebrek aan belangstelling. Audi heeft weinig op met deze genres, Truze Lodder was naar eigen zeggen vroeger ook niet erg geporteerd voor belcanto. Voor een koerswending in deze richting is het wachten op een nieuw artistiek leider.
    Intussen mag van mij iedereen reikhalzend uitkijken naar drie dagen Licht, zo lang ik er zelf maar niet naar toe hoef.
    Een kleine toevoeging. Ik heb niet willen suggereren als zou DNO niet ‘aan het sparen zijn voor Licht’. Van een der direct betrokkenen, dus uit eerste hand, vernam ik dat een oorspronkelijk geprogrammeerde Contes d’Hoffmann (groot, duur, veel personages, groot koor) is vervangen door Audi’s Tristan (coproductie, eenvoudig, geen groot koor, enscenering qua eenvoud geïnspireerd door de derde akte van zijn Parsifal). Maar dat we geen verismo krijgen hangt m.i. toch echt vooral af van gebrek aan belangstelling en moet niet worden uitgelegd als bezuiniging ten gunste van iets anders.

  • #2056 Reactie

    Anna Minis

    Ziet u, mijnheer Korenhof, …. enz.

    Mevrouw Minis,

    Ik heb deze bijdrage verwijderd omdat deze niet de discussie betreft. U dient zich echt bij de discussie zelf te houden. Zo niet, dan worden bijdragen onherroepelijk door mij verwijderd.

    Aart van der Wal,
    Moderator

  • #2070 Reactie

    Anna Minis

    Geachte mijnheer Korenhof
    U kwam destijds naar het Wagnergenootschap om daar een lezing te houden.

  • #2831 Reactie

    Olivier Keegel

    DE NATIONALE OPERA REAGEERT

    Uiteindelijk is DNatO dan toch met een brief gekomen (reactie DNO, onder het aanbieden van excuses voor de late reactie. Ik vind het verheugend dat DNatO heeft afgezien van wat aanvankelijk veel op een strategie van doodzwegen leek. En sportief dat men, ondanks de pittige bewoordingen waarin ik mij over het uitblijven van een reactie uitliet, toch tot een inhoudelijke reactie heeft besloten. De briefschrijvers zijn redelijk volledig op de in de petitie geuite bezwaren ingegaan. Het ontbreken van Verismo wordt echter wel aangehaald, maar over het waarom tasten wij nog geheel in het duister. Wel staat er in de brief dat het voor DNatO van groot belang is “de hele operageschiedenis” serieus te nemen. (!)

    Hoe dan ook, wij danken DNatO voor de reactie. Hiermee is de petitie nu echt afgesloten.

    Op persoonlijke titel verkneukel ik mij retrospectief over de laatdunkende en beledigende reacties van al die musicologisch en intellectueel boven ons gestelden die zo zeker wisten dat DNO nooit op zo’n “potsierlijke” en “vol ronduit bedenkelijk te noemen insinuaties staande” petitie zou reageren.

    https://www.facebook.com/groups/428881043912050/?ref=bookmarks

Reageer op: Petitie tegen 'Aus Licht' van Karlheinz Stockhausen door De Nationale Opera
Mijn informatie:




Annuleer