Encyclopedie van de Opera - A

Arabella

 

© Paul Korenhof

 


Arabella - opera in drie bedrijven van Richard Strauss op een libretto van Hugo von Hofmannsthal. Première: Dresden, 1 juli 1933.

Arabella is de laatste vrucht van de samenwerking van Strauss met Hofmannsthal en na Der Rosenkavalier hun populairste werk, al verhinderde de dood van de dichter het aanbrengen van enkele laatste wijzigingen of verbeteringen. Wel duurde het enige tijd eer het publiek besefte, dat Arabella geen poging was het succes van Der Rosenkavalier te herhalen, maar een ironisch getinte sociale komedie waarvoor Strauss een geheel eigen muzikaal karakter had gevonden, ten dele op basis van Kroatische folkloristische melodieën. Onder leiding van Clemens Krauss werd de titelrol bij de première maatgevend neergezet door Viorica Ursuleac, maar waarlijk legendarisch werden uitvoeringen in de jaren vijtig en zestig van de vorige eeuw met Lisa Della Casa in de titelrol en respectievelijk George London en Dietrich Fischer-Dieskau als Mandryka. Van al deze bezettingen zijn geluidsopnamen bewaard gebleven en van een uitvoering onder Josef Keilberth met Della Casa en Fischer-Dieskau, en met Anneliese Rothenberger als Zdenka, bestaat zelfs een video-registratie, gemaakt tijdens de Münchner Opernfestspiele 1960.

Korte inhoud: Wenen, eind 19de eeuw.
Omdat de verarmde graaf Waldner (b) geen twee huwbare dochters kan onderhouden, gaat de jongste, Zdenka (s), als jongen door het leven, zodat al het nog beschikbare geld besteed kan worden om de oudere Arabella (s) aan een echtgenoot te helpen. Een huwelijk met de rijke Mandryka (bar) dreigt spaak te lopen, als deze hoort hoe Zdenka de jonge officier Matteo (t) de sleutel van Arabella's kamer toestopt. Zdenka blijkt zelf op Matteo verliefd te zijn en na enige verwikkelingen eindigt de opera met het uitzicht op een dubbel huwelijk.





.

terug naar alfabet

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links