Componisten/werken

Daan Manneke (9)

'Hoezeer heeft deze kleine stad allure'

 

© Frans Schouten, 2018

 

Men dient in de kleine IJsselstad die Zutphen is veel te wandelen om de aard ervan goed te leren kennen. De Walburgiskerk met de statige Librije waar de folianten sinds eeuw en dag aan de ketting liggen, biedt een goed uitgangspunt voor een dwaaltocht.

Onze grote dichter J.C. Bloem vond Zutphen ‘onhoudbaar vervelend’. Hij was van 1942 tot 1946 griffier aan het kantongerecht ter plaatse. Wie de wandeling voortzet zal het hartgrondig met hem oneens zijn. Gekomen bij de oude Berkelpoort kan men zich met moeite losmaken van dit historische oord van vrede, om dezelfde ervaring op te doen bij Het Bolwerck uit 1549 en het pand Ruiter Kortegaerd (1639).

Niet ver vandaar vindt men de koffie- en theewinkel De Pelikaan, waarvan de traditionele oude inrichting bewaard is gebleven. Alleszins een bezoek waard al was het slechts om de voortreffelijke koffie- en theesoorten.

Aan de Zaadmarkt met de vele oude gevels staat het historische voormalige logement De Wildeman waar tot voor kort het waarlijk unieke museum Henriëtte Polak was gevestigd. De fijnzinnige collectie is, helaas, verplaatst naar het Stedelijk Museum. De verzameling, bestaande uit eigentijdse figuratieve Nederlandse beeldende kunst, heb ik in de nieuwe huisvesting nog niet kunnen bezoeken.

Henriëtte Polak is een invloedrijke vrouwelijke Maecenas geweest. De kunsten en de kunstenaars hebben veel aan haar te danken. Zij koos een volstrekt eigen artistieke koers in een periode waarin uitsluitend belangstelling bestond voor non-figuratieve beeldende kunst. Via de Zaadmarkt komt men door een monumentaal poortje in de oude, gerestaureerde Bornhof, in vervlogen tijden gesticht ten behoeve van nooddruftige bejaarden. Het is een uitgelezen oord om te mijmeren en te mediteren, de onrust van onze eigen tijd verdampt er tot een bezonken stilte.

Wie meer wil weten over Zutphen doet er goed aan het gedicht Dolen en dromen van Ida Gerhardt ter hand te nemen.

Haar poëtische zwerftocht door Zutphen, deels gewandeld, deels gedroomd, voert de lezer langs de schoonheid van historische gebouwen, van oude, stille straatjes, naar het uitzicht over de IJssel; maar vergeet vooral niet de schitterende boekhandel van Van Someren en Ten Bosch in de Turfstraat te bezoeken. Ad ten Bosch heeft zich, naast Johan Polak, zeer verdienstelijk gemaakt voor de promotie van Ida Gerhardts dichtwerk. Wij vervolgen onze wandeling naar de Refter van het Dominicanerklooster, toentertijd Stedelijk Museum, waar Gerhardt haar deels gedroomde dooltocht aanvangt met het bezoek aan een kamermuziekavond. Het is bij deze gelegenheid dat zij in het gedicht uitroept ‘Hoezeer heeft deze kleine stad allure’.

Ida Gerhardt (1905-1997)

Het Tibia-fluitkwintet: het ‘trotse pentagram’
De dichteres zoekt zich een plaats in afwachting van de opkomst der vijf jeugdige musici. Hierna volgt het citaat uit Dolen en dromen dat van belang is voor het verdere relaas.

Er wordt geklapt: het blaaskwintet komt binnen.
Verwachting spreidt de vleugelen over ons.

Wat brengt gij, jonge spelers, met uw fluiten,
uw trotse pentagram, in mij teweeg?
Hier is dan uur noch tijd. Hier is alleen,
of het een bergtocht gold, het hartsverlangen
om stijgend langs uw stilten mee te gaan
en uw vermetel spoor niet te verliezen.

Ik heb me heel lang afgevraagd welke muziek er toen is uitgevoerd en wie deze muzikanten toch wel waren. Door een gelukkig toeval werd het antwoord mij onlangs geschonken.

De componist Daan Manneke met wie ik sedert jaar en dag hartelijke betrekkingen onderhoud, nam afscheid van het prachtige Kamerkoor Cappella Breda waarmee hij jarenlang als dirigent vele van zijn eigen composities in première heeft gebracht.

Bij het afscheidsconcert was ik verhinderd aanwezig te zijn. Mijn gezondheid was op dat ogenblik niet heel best. Ik wilde Daan een blijk geven van erkentelijkheid vanwege de prachtige concerten die hij lange tijd heeft gegeven met het Kamerkoor Cappella Breda dat onder zijn leiding heeft gereikt aan een professioneel niveau. Aangezien Manneke een componist is met een fijn oor voor mooie teksten, die al eerder teksten van Gerhardt op muziek heeft gezet, dacht ik voor een presentje aan Dolen en dromen waarvan ik de klinkende tekst bezit op cd zoals uitgesproken door Ida Gerhardt bij gelegenheid van de presentatie van het gedicht op 8 November 1980. Heel toepasselijk werd Dolen en dromen destijds ten doop gehouden in de Refter van het Stedelijk Museum waarover de dichteres verhaalt in het desbetreffende gedicht.

Ik heb de cd met mijn gelukwensen ingepakt en verzonden aan Daan. Een maand lang kwam er geen reactie uit Breda, de woonstede van de componist. Op een goede dag ging de telefoon; ik kreeg een ontroerde Daan aan de lijn. Met zijn echtgenote was hij net thuis gekomen van een lange vakantie in Denemarken. Hetgeen hij me vertelde grensde aan het ongelooflijke. Het blijkt dat de compositie met de titel Vice versa door Ida Gerhardt beschreven, van de hand is van Daan Manneke (1). De uitvoering heeft plaatsgevonden door het Tibia-fluitkwintet onder leiding van Jos Zwaonenburg. Ik heb me afgevraagd of de Zutphense dichter Willem van Swaanenburg (1679-1728) een verre voorzaat is geweest van Jos Zwanenburg.

Dolen en dromen is volgens Marie van der Zeyde geschreven in de nazomer van 1979 (2). Het concert met het blaaskwintet is dus in die periode uitgevoerd. Daan vertelde er nog bij dat hij een ruimtelijke opstelling had voorgeschreven met de spelers rondom en het gehoor in het midden.

Een verspreide ruimtelijke opstelling door de musici is dan ook de bekende muzikale signatuur van ‘de componist van de ruimte’ die Daan Manneke is.

De opstelling volgens de partituur van Daan Manneke

In een noot bij het gedicht over het pentagram schrijft Ida Gerhardt: ‘Pentagram – Het getal vijf kreeg voor mij door de opstelling
der jonge spelers, en meer nog door hun spel, een bijna
magische betekenis’ (3).

____________________
(1) De titel van het stuk luidt: Vice versa for 5 instruments in different registers; gedateerd 1979, uitgegeven bij Donemus in 1980
(2) M.H. van der Zeyde: De wereld van het vers. Over het werk van Ida Gerhardt: VIII, Het late werk 2. Dolen en dromen, p. 268, Amsterdam 1985.
(3) Ida Gerhardt: Dolen en dromen, p. 629-642; In: Verzamelde gedichten, Amsterdam 1988. Zie toelichtingen p. 646.

____________________
Naar deel 1 - 2 - 3 - 4 - 5 - 6 - 7 - 8


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links