CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, september 2019

Kurtág: Scenes from a Novel op. 19 – Eight Duos voor viool en cimbalom op. 4 – Seven Songs op. 22 – In memory of a Winter evening op. 8 – Several Movements from Georg Christoph Lichtenberg's Sudelbücher op. 37a – Hommage à Berényi Ferenc 70

Viktoriia Vitrenko (sopraan), David Grimal (viool), Luigi Gaggero (cimbalom), Niek de Groot (contrabas)
Audite 97.762 • 61' •
Opname: december 2018, Leibniz Saal, Congress Centrum, Hannover (D)

* * *

Kurtág: Scenes from a Novel op. 19 – Three Old Inscriptions op. 25 – S.K.Remembrance Noise op. 12 – Attila József Fragments op. 20 – Seven Songs op. 22 – Requiem for the Beloved op. 26 – In memory of a Winter evening op. 8

Susan Narucki (sopraan), Donald Berman (piano), Curtis Macomber (viool), Nicholas Tolle (cimbalom), Kathryn Schulmeister (contrabas)
Avie AV2408 • 65' •
Opname: februrari en juni 2018, Conrad Prebys Concert Hall, University of California, San Diego

   

Het oeuvre van Kurtág bestaat uit duizenden fragmenten. Splinters noemt hij ze zelf in zijn opus 6 voor cimbalom, een instrument dat hem verbindt met zijn Hongaarse wortels en dat talloze malen in zijn partituren opduikt. Want hoe fragmentarisch ook, zijn muziek wijst binnen een paar maten de weg naar zijn geboorteland. Componisten met weinig noten op hun zang worden graag vergeleken met die andere twintigste-eeuwse meester van het sobere gebaar, Anton Webern. Nu kan men over Webern van alles beweren, maar fragmentarisch is zijn werkwijze allerminst. Wanneer hij een symfonie schrijft (zijn opus 21) heeft hij maar een handjevol strijkers, vier blazers en een harp nodig, en zegt hij binnen tien minuten wat hij te zeggen heeft. Geen onvoltooide, en zeker geen fragmenten. Kurtag heeft vast veel van hem geleerd maar in zijn klankwereld vinden we daar weinig van terug. Er is maar één componist naar wie Kurtág heel goed heeft geluisterd – zijn idool Béla Bartók. Zoals hij zelf zegt: mijn moedertaal is Bartók.

Grote instrumentale werken vinden we niet in de portefeuille van Kurtág. Zijn oeuvre bestaat voor het overgrote deel (zeker zo'n tachtig procent) uit vocale werken. Die bieden hem het voordeel – en de uitkomst – om cyclisch te worden. Dat werd zijn redding als componist, van de Messages of the Late Miss R. V. Troussova opus 17, tot zijn voorlopige zwanenzang, de opera Fin de Partie (2018). Het was Pierre Boulez die Kurtág op de muzikale kaart zette toen hij de Messages op zijn repertoire zette, de wereldpremière van de opera Fin de Partie aan La Scala haalde vorig jaar de wereldpers.

De afgelopen decennia is het oeuvre van Kurtág langzaam maar zeker discografisch ontsloten, maar er blijft kennelijk nog het een en ander te ontdekken, getuige deze twee nieuwe uitgaven met cyclische werken voor sopraan en instrumenten. Uiteraard vinden we hier ook stukken die al meerdere malen werden opgenomen, en ook overlappen beide cd's elkaar in de Scenes from a Novel opus 19, Seven Songs opus 22 en A Twilight in Winter opus 8. Dat is bepaald geen straf, integendeel, het blijkt fascinerend om een meesterwerk als de Scenes from a Novel (want dat is het) in twee dramatisch verschillende uitvoering te ondergaan.

De Amerikaanse sopraan Susan Narucki (1957) bevindt zich in de slotfase van een indrukwekkende carrière die zich voor een deel ook in Amsterdam afspeelde. Enige honderden wereldpremières mag zij op haar conto schrijven, veelal opdrachtwerken van gerenommeerde componisten. In Nederland werkte ze regelmatig samen met Reinbert de Leeuw en het Schönberg Ensemble. Zij doceert aan de University of California at San Diego, waar ze een schat aan ervaring kan doorgeven aan een nieuwe generatie. In dat kader verschijnt ook deze cd, die onder haar eigen verantwoording werd geproduceerd. In haar eigen toelichting vertelt ze hoe ze deze werken samen met Kurtág instudeerde. Uiteraard is te horen dat ze inmiddels de zestig is gepasseerd, maar dat doet niets af aan de intensiteit van haar vertolking en de minutieuze zorg voor het detail dat Kurtág er in lange sessies in drilde. Een prachtig voorbeeld leveren de twintig Attila Jozsef Fragments opus 20 voor sopraan solo.

Viktoriia Vitrenko (Oekraïne, 1990) staat nog aan het begin van haar loopbaan, en maakt kennelijk met deze cd haar discografische debuut. Vitrenko is niet alleen actief als zangeres, ze dirigeert ook. Het ‘selling point' van deze cd is de eerste opname van de cyclus ‘Einige Sätze aus den Sudelbüchern Georg Christoph Lichtenbergs' – ironische aforismen van de Duitse dichter Lichtenberg (1742-1799). Het boekje is wat karig met informatie over dit werk, dat in meer dan één versie bestaat: als opus 37 voor sopraan solo, en als opus 37a voor sopraan en contrabas. De New Grove rept nog van een versie voor bariton en instrumenten, maar dat zou wel eens een vergissing kunnen zijn. Vitrenko heeft voor haar partner op de contrabas een gouden greep gedaan: niemand minder dan Niek de Groot, voormalig solobassist van het Concertgebouworkest ontfermt zich over deze hondsmoeilijke partij, en hoe! Alleen al om dit werk is de cd meer dan de moeite waard, maar dat is nog maar het begin. Vitrenko heeft niet alleen een prachtige stem, een formidabele tecnniek, ze is ook een begenadigde zingende actrice.

De overige instrumentalisten, violist David Grimal en cimbalomspeler Luigi Gaggero, zijn van hetzelfde uitzonderlijke kaliber en zorgen voor een meesterlijke uitvoering van de acht Duo's opus 4. Gaggero is bovendien de auteur van de uitgebreide toelichting, waarbij wel aangetekend moet worden dat men de zangteksten op de site van Audite moet ophalen. U vindt ze in pdf ook hier. De opnamekwaliteit is zoals altijd bij Audite onovertroffen.

____________________
Zie ook: Kurtágs Fin de Partie in Milanese Scala.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links