CD-recensie

 

© Paul Korenhof, december 2021

Cecilia Bartoli - Unreleased

Beethoven: Ah! perfido Op. 65
Mozart: Idomeneo 'Ch'io mi scordi di te? ... Non temer, amato bene' K505 - Ah, lo previdi! ... Ah, t'invola ... Deh, non varcar K272 - Bella mia fiamma, addio ... Resta, oh cara K528 - Il re pastore L'amero, saro` costa Ah, lo previdi! ... Ah, t'invola ... Deh, non varcar K272 nte
Myslivecek: La clemenza di Tito 'Se mai senti
Haydn: Scena di Berenice, Hob. XXIVa:10
Cecilia Bartoli (mezzosopraan)
Maxim Vengerov (viool)
Kammerorchester Basel
Dirigent: Muhai Tang
Decca 485 2093 (cd)
Opname: Landgasthof Riehen, (Zwitserland), 1720 November 2013

   

"Hell hath no fury like a woman scorned" maar ik betwijfel of Beethoven zijn Ah! perfido ook zo bedoeld heeft. Het door hem uitgebeelde personage deed mij altijd denken aan de Dido van Vergilius en Purcell, maar bij Cecilia Bartoli wordt zij een kruising tussen een woedende Santuzza, de 'zigeunerin met het traantje' en juffrouw Bullstronk uit de film Matilda. Van de eerste tot de laatste maat slaat zij ons met emoties om de oren, maar ik kan absoluut niet 'meevoelen'. Het is of ik getuige ben van een echtelijke ruzie waarbij de vrouw eerst haar partner woedend de trap af gooit, dan even medelijden met zichzelf heeft om vervolgens haar man in een nieuwe aanval van woede door het open raam nog wat verwijten na te roepen.

Bij dat alles vervalt Bartoli van het ene uiterste in het andere en uit zij haar opeenvolgende emoties net iets - of zelfs heel veel - te heftig. Het lijkt of haar vertolking niet in dienst staat van de muziek, maar of zij de muziek gebruikt voor haar eigen vertoon van theatraliteit. En bij dat alles zoekt zij het niet alleen in uitersten van dynamiek, maar gaat een fiks volume ook meteen gepaard met een opgeschroefd tempo, terwijl zij voor de intiemere momenten teruggaat naar een muzikale slakkegang.

Met Idamante's voor Nancy Storace nagecomponeerde 'Non temer, amato bene' komen we in rustiger vaarwater, maar dat doet niets af aan Bartoli's ijver om te interpreteren. Technisch is zij prima thuis in deze muziek, maar zij schijnt nog steeds te denken dat bel canto alleen maar een kwestie is van techniek en virtuositeit. In het kader van haar 'interpretatie' voorziet zij vervolgens haar zang van een dikke veristische deken van stemkleurtjes en vooral heel erg veel 'gevoelige' trillinkjes, die zowel hier als in 'L'amerò' nogal contrasteren met de beheerste obligaatviool van Maxim Vengerov.

Het blijft onbegrijpelijk dat een zangeres die zich nu al drie decennia in de hoogste regionen van de uitvoeringspraktijk bevindt, nog steeds niet begrijpt dat bel canto een kwestie is van mentaliteit. Maar misschien is het juist heel begrijpelijk als we kijken naar wat gebeurt in de wereld van de popmuziek. Het is tekenend voor een tijd waarin ook 'mediagenieke' operazangers gecoacht worden door managers en pr-bureaus, en waarin zij verder als popsterren hun eigen artistieke weg kiezen.

Al met al lijkt het erop dat de generatie van Montserrat Caballé, Edita Gruberova en Renata Scotto de laatste is geweest die begreep dat bel canto veel meer is dan virtuositeit en technische perfectie. De essentie van bel canto is dat de zang zelf zodanig van emoties doordrongen moet zijn, dat de toehoorder die emoties niet hóórt, maar vóelt. Die emoties met onmuzikale middelen als een van emoties trillende stem aan de zang toevoegen, is stilistisch onjuist. Het is goedkoop maniërisme en het gaat niet alleen vervelen, maar op de duur ook enorm tegenstaan.

Natuurlijk laat Bartoli op deze cd met een prachtig romig timbre ook ingetogener momenten horen, vooral in Haydn's Berenice. Zelfs dan lijkt het echter of zij die vooral uitspint voor het daarop volgende contrast met een crescendo naar extraverte passages waarin zij kan pronken met haar virtuoze roulades. En daarbij komt dan steeds maar weer dat 'gevoelige' trillen, terwijl nota bene de echte trillers te wensen overlaten. Na de schitterende, met smaak en stembeheersing gerealiseerde Mozart-cd van Aleksandra Kurzak (klik hier), werd dit recital een ontgoocheling.

De opnamen dateren uit 2013 en als we Bartoli mogen geloven, danken we deze cd aan het feit dat zij ze in haar geluidsarchief terugvond tijdens het thuis zitten in tijden van corona. Dat roept tevens de vraag op waarom Decca dit recital acht jaar op de plank heeft laten liggen. Ik kan mij daar wel iets bij voorstellen, maar wie ben ik?


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links