CD-recensie

 

© Maarten Brandt, maart 2024

Forget This Night

Liederen van (L.) Boulanger, Szymanowski en Bacewicz

Klik hier voor de inhoudsopgave

Katherine Dain (sopraan), Sam Amstrong (piano)
7 Mountain Records 7MNTN-046 • 69' •
Opname: Kleine Zaal, Muziekgebouw Eindhoven, jan. 2023

 

Een nieuwe cd van sopraan Katharine Dain en Sam Armstrong die hun hoogst indrukwekkende debuut maakten met hun album Regards sur l'infini (7 Mountain Records) pardoes - en dit volkomen terecht - een Edison in de wacht hebben weten te slepen, ja dat is wel even iets waar men met extra nieuwsgierigheid naar uitkijkt. Zo'n productie staat per definitie gerant voor niet of nauwelijks bekend repertoire, voor avontuur en niet in de laatste plaats (iets wat in onze dagen steeds zeldzamer wordt) een hoogstaand staaltje van programmeren. Kortom, voor een geheel waarin willekeur in de verste verten schittert door afwezigheid en het begrip 'künstlerische Moral' als leidraad dient. Waarbij moet worden aangetekend dat als er een muzikaal duo is waarbij het besef dat het in de kunst in het algemeen en de klassieke muziek in het bijzonder nadrukkelijk om de grote vragen des levens draait het wel Dain en Armstrong is. De grote vragen des levens met inherent daaraan ook het bewustzijn van de ultieme kwetsbaarheid van datzelfde leven. Een leven draaiende om de fundamentele thema's van geluk, liefde en schoonheid, maar met daaraan vastgekoppeld meteen ook hun tegenpolen vergankelijkheid, dood en verval. Allemaal onderwerpen die onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden en die zich niet zozeer naast, maar door elkaar heen manifesteren. En die door deze wetenschap het aardse, duistere en turbulente bestaan dragelijk maken, gesteld dat de mens ontvankelijk is voor de schoonheid in al haar complexe gelaagdheden. Een ontvankelijkheid die als uitkomst van de draconische gevolgen van het op hol geslagen neoliberalisme en het dogma van de vrije marktwerking steeds meer onder druk is komen te staan. Want kunst - en dus tevens klassieke muziek - wordt gezien als de (volgens de meeste van onze politici: helaas) onontbeerlijke slagroom op de taart en daarmee als een marginaal fenomeen dat vooral niet teveel 'moet storen'. Terwijl kunst in wezen een absolute noodzaak is, wil de mensheid niet volledig vervreemden van de kern van zijn of haar existentie en daarmee de zin van het bestaan.

Metaforen
Hoewel het zwaartepunt van deze meesterlijk samengestelde cd wordt gevormd door de liederencyclus Clarières dans le ciel (letterlijk: 'Open plekken in de lucht') van de veel te jong heengegane Franse componiste Lili Boulanger en die als een soort vroeg 20 e eeuwse pendant van Schumanns Dichterliebe kan worden beschouwd, vat het lied Das Grab des Hafis van de 'Poolse Debussy' Karol Szymanowski de thematiek waar het in deze productie om draait op een sublieme wijze samen. De kern ervan kan worden gezien als een klinkende reflectie van een sterven in schoonheid en van een bijna - maar net niet - betreden van een hiernamaals, althans zeker van iets dat kan doorgaan voor grenzend aan het bovenaardse. En om het even hoe aards de trefwoorden soms ook zijn, ze verwijzen desondanks naar datgene wat daarnet voorbij ligt, het ongrijpbare. Neem alleen al die zin: "Die Blumen duften auf dem Grabe von Hafis ganz anders als sonst im Land." En wat lezen we in de tekst van een van de liederen van Boulangers Clarières? "Comme sur le lys Dieu pose un parfum d'église comme il met du corail aux joues de la cerise, je veux poser sur elle, avec dévotion, la couleur d'un parfum, qui n'aura pas de nom" (zeer vrij vertaald: " Als God de lelie doordrenkt met een religieus parfum, terwijl hij koraal op de wangen van de kers legt, zo zou ik haar in toewijding willen kronen met de kleur van een parfum dat geen naam heeft."). De metaforen waarvan niet alleen Francis Jammes zich in zijn gedichtenverzameling Tristesses bedient en waarop Boulanger haar hoogst imposante vocale werk baseerde, maar ook de andere dichters die in dit formidabele recital van Dain en Amstrong aan de orde komen, getuigen bijna zonder uitzondering van de broos- en verwondbaarheid van de liefde in het zicht van de dood. Dit laatste op extra nadrukkelijke en dramatische wijze in het geval van Boulanger die vrijwel haar hele leven chronisch ziek was en op 24-jarige leeftijd overleed.

Parallel tussen liefde en droom
Een van de gedachtes die nogal eens opgeld doen is dat het tijdens onze aardse gang door het leven bijna onmogelijk is de liefde in al haar zuiverheid, dus zoals men die voor de eerste maal in zijn of haar leven ondergaat, tot een duurzame ervaring te maken. Waarom? Omdat diezelfde liefde altijd op uiterst gespannen voet staat met de keiharde realiteit van alledag. Hierin ligt ook een duidelijk parallel met de droom, waarin men vergeefs wil vluchten, getuige een van de liederen van Bacewicz (ik geef de Engelse vertaling van deze zinsnede van Marek Ruszcynski, die - evenals alle andere teksten, in het boekje - staat afgedrukt: "I just spoke your name to begin the dream anew. Alas! You cannot step into the same dream twice."). Vergeefs inderdaad, want die droom is gelijk een zeepbel, dus een gebeuren dat bij uitstek wordt gekenmerkt door een en al vluchtigheid. Ook al zijn er voor wie dat vermogen bezit van die spaarzame en genadevolle momenten waarin men de droom van de liefde net een fractie langer kan ervaren. En het is dan de muziek die een dergelijke sensatie voor de duur waarbinnen zij klinkt vast kan houden. Zoals Dain en Amstrong dat op deze superieure cd doen, waarbij zij opgemerkt - om nog even binnen de terminologie van bovengenoemd onderwerp te blijven - dat hun immense toewijding aan deze sublieme muziek getuigt van de liefde in al haar onbaatzuchtigheid, want er is wat geduld en inlevingsvermogen voor nodig om zo diep in tekst en muziek door te dringen als hier ondubbelzinnig duidelijk is geschied. Ieder lied is een wonder op zich van originaliteit, om het even welke invloeden van buiten ook een rol mogen hebben gespeeld, nergens tendeert dit ook maar bij benadering in de richting van epigonisme, want daarvoor waren der persoonlijkheden van de componisten voor wie hier een lans wordt gebroken veel te sterk. Om slechts een voorbeeld te noemen; in het zesde lied van Boulangers Clarières is sprake van een ongehoorde en hoogst intrigerende mix van elementen uit het Tristan-akkoord en Skrjabins Prélude op. 67 nr. 1.

Lichamelijke ontberingen
Wat zou er van Boulanger geworden zijn als haar een langer leven was gegund? zo vraag je je dan onherroepelijk af. Zoals men zich dat ook zou kunnen afvragen over het lot van de eveneens uiterst jong heengegane componisten Guillaume Lekeu en Rudi Stephan. Liefde, extase, de hoogste hoogten en de diepste diepten, het komt allemaal voorbij in deze onvergelijkbaar fraaie Franse liederencyclus waarin de protagoniste uiteindelijk belandt in een weiland waarvan het gewas helemaal in bloei staat en de hoofdpersoon, in feite Boulanger zelf, tot de conclusie komt "dat er niets meer is, dat ze niets meer heeft, niets meer om haar te kunnen ondersteunen." En dit is tevens het beeld dat opdoemt in het voorlaatste lied van deze disc van Szymanowski: (ik geef de Engelse vertaling van Dain: "Lean silently over the cradle, the black, black pond. Give me your hand: we shall rest in its depths anon."). Zeer curieus, zeker na al die schitterende en rijke harmonische gewaden waarin al het voorgaande is gestoken, is het afsluitende lied van Boulanger dat geen piano-aandeel bevat en hier zijn fonografische primeur beleeft, getiteld J'ai des fréponds . Hierin worden haar lichamelijke ontberingen op een even sobere als diep-inkervende manier verbeeld. Het lied in kwestie is afkomstig uit een schetsboek en de componiste was absoluut niet van zins het aan de openbaarheid prijs te geven.

Veel valt er nog te zeggen over deze formidabele schijf, zoals over de liederen van Bacewicz en Szymanowski die zijn gebaseerd op gedichten, of delen daaruit van de Indiër Rabindranat Tagore, waarbij het juist om die poëzie gaat die, zij het net weer even anders, door Alexander Zemlinski is gebruikt voor zijn Lyrische Symphonie. Zoals bijvoorbeeld Bacewicz' Mów do mnie, o mily, dat in de symfonische liedsymfonie van haar Oostenrijkse collega als Sprich zu mir, Geliebter voorkomt.

Pleidooi
Maar u moet het allemaal zelf in alle rust beluisteren, om niet te zeggen ondergaan en dit liefst meerdere malen, want in de teksten wemelt het van de gelaagde betekenissen en om het even hoe somber de wendingen zowel muzikaal als qua tekstuele betekenis ook mogen zijn, als er een schitterend pleidooi is voor de liefde binnen het liedrepertoire zoals we die sinds Schubert, Schumann en Debussy niet meer hebben gekend dan is het wel deze voorbeeldig samengestelde verzameling. Temeer ook daar Katherine Dains (ze schreef ook een uiterst doorwrochte toelichting bij deze uitgave die u beslist moet lezen alvorens te gaan luisteren) vocale mogelijkheden schier onuitputtelijk zijn, onverschillig of het daarbij om de meest geraffineerde subtiliteiten of heftige exclamaties gaat en alle gradaties daartussen in. Overal, en dus niet alleen in het Duits en het Frans, maar niet in de laatste plaats ook het Pools komt alles hoogst idiomatisch en met een weldadige scherpte, maar waar nodig tevens met een hartveroverende teder- en zachtheid tot ons. Zoals te verwachten viel toont Sam Amstrong zich een volkomen gelijkwaardige partner, want zoveel is duidelijk: deze liederen zijn allesbehalve op te vatten als zangnummers met louter pianobegeleiding, integendeel. Bovendien bevat het geheel ook nog twee miniaturen van Boulanger uit haar Trois morceaux pour piano. Ten slotte chapeau voor het opname-team dat alles met de grootst denkbare zorgvuldigheid heeft vastgelegd. Een cd om in te lijsten!


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links