CD-recensie

 

© Aart van der Wal, april 2020

Tawo

Skalkottas: Concertino

Dorati: Cinq Pièces pour le Hautbois

Norman: The Garden of Follies

Hindemith: Hobosonate

Salonen: Second Meeting

Haas: Suite op. 17

Kyeong Ham (hobo), Yeol Eum Son (piano)
7 Mountain Records 7MNTN-020 • 80' •
Opname: oktober 2019, MCO Studio 1, Hilversum; Koepelkerk, Renswoude

 

‘Tawo', de titel van dit debuutalbum, is ontleend aan de fascinatie van de Zuid-Koreaanse hoboïst Kyeong Ham voor een song van Jordan Rakel met de gelijknamige titel. Maar het is ook het acroniem voor ‘There's A Way Out' of zoals in de woorden van Rakel: het vinden van een positieve houding en de weg vooruit. We kennen een soortgelijke uitspraak van Ruud Lubbers, die het graag had over een ‘positieve grondhouding'. Of anders wel zoiets als ‘See the bright side of life'. Zeker in tijden van corona kan iedereen zo'n ‘grondhouding' wel gebruiken, denk ik zo.

Kyeong Ham ontdekte later dat ‘Tawo' ook in de Philippijnen een bekend begrip is en dat daaraan zelfs meerdere betekenissen worden ontleend. Zo kan het betrekking hebben op een persoon, maar ook op de mensheid als geheel. In West-Afrika, waar een van de grootste etnische groepen huizen, de Yorùbá, is de ´Taiwo´ ingeburgerd, wat zich het best laat vertalen in ‘De eerste tweeling die de wereld proeft'.

Kyeong Ham heef ‘Tawo' tot het zijne gemaakt vanuit een vooral muzikaal perspectief. In zijn eigen woorden: “Muziek kan zeer persoonlijk zijn, maar tegelijkertijd kan het de gehele menselijke natuur en maatschappij weerspiegelen.”

Maar dat is niet meer dan de voorgeschiedenis die, als het op die muziek aankomt, evengoed buiten beschouwing mag blijven. De muziek, daar gaat het immers om. Ik herinner aan een uitspraak van Peter Schat: dat je als componist kunt meten en tellen, maar dat het toch vooral moet gaan om de krachten tussen die noten. Dat niet dogmatisme moet overheersen, veelal uitmondend in een berg muzikaal grind. Als dit ook voor dit album het vertrekpunt mag zijn, dan blijkt het ene stuk inventiever zijn gecomponeerd dan het andere. In de zes bijeengebrachte stukken zie ik in ‘The Garden of Follies' (de tuin der dwaasheden) van Andrew Norman (1979) en ‘Second Meeting' (tweede ontmoeting) van Esa-Pekka Salonen (1958) helaas maar weinig kracht tussen de noten, maar misschien was dat de bedoeling ook niet. Norman zocht het vooral in uitersten (een vaak toegepast en niet zelden nogal vermoeiend compositieconcept) en Salonen houdt het bij een overdaad van sjablones. Knap samengesteld, dat dan weer wel.

Antal Dorati (1906-1988) was evenals Salonen niet alleen componist, maar ook dirigent. Die combinatie levert in dit geval muziek op die mede vanuit de uitvoeringspraktijk is geconcipieerd: Dorati kende de speleigenschappen van de hobo op zijn duimpje. Deze Vijf stukken voor hobo hebben naast oorspronkelijke kenmerken ook echt thematische en ritmische pregnantie.

Het Concertino van Nikos Skalkottas (1904-1949) excelleert in helder vormgegeven lichtvoetigheid en vormt zo een fraai contrast met de afwisselend ‘montere' en dromerige sonate van Paul Hindemith (1895-1963). Een goede repertoirekeuze!

Het hoogtepunt is evenwel de Suite van Pavel Haas (1899-1944), die Auschwitz niet overleefde. Zijn ‘ Suita pro hoboj a klavír ' ontstond in 1939, toen hij nog onkundig van het vreselijke lot dat hem wachtte: vanaf het doorgangskamp in Theresienstadt rechtstreeks naar de gaskamers in Birkenau. De kleurrijke stilistische elementen die zijn werk zozeer kenmerken zijn ook in deze Suite volop aanwezig, met die zo bijzondere mengeling van Tsjechische volksmuziek en jazz. Maar er is meer: invloeden van zijn leermeester Leos Janácek, (nog) een zekere mate van zorgeloosheid, de warme cantabile landschappen die worden afgewisseld door dartele uitgelatenheid. Kortom prachtige muziek en naar mijn gevoel met dat van Skalkottas het meest speelse stuk op deze cd.

Kyeong Ham en zijn landgenote Yeol Eum Son hebben met dit debuutalbum een brevet van groot muzikaal vermogen afgeleverd: hun spel is technisch tot in de puntjes verzorgd, maar ook zeer beeldend en muzikantesk, afwisselend frivool, energiek en lyrisch. Frerik de Jong van Kleinman Audio weet als geen ander hoe je een sensitief recital als dit het beste moet vastleggen. En ja, wat de repertoirekeuze betreft: over smaak valt nu eenmaal niet te twisten, over vakmanschap wel. En met dit laatste is het in ieder geval dik in orde.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links