CD-recensie

 

© Aart van der Wal, januari 2019

 

The Polish Violin

Szymanowski: Mythes op. 30 - Nocturne en Tarantella op. 28 - Romance op. 23

Szymanowski/Kochanski: Chant de Roxane op. 48 (uit Król Roger) (bew. voor viool en piano)

Moszkowski/Sarasate: Guitarre op. 45 nr. 2 (bew. voor viool en piano)

Karlowicz: Impromptu

Wieniawski: Légende op. 17 - Polonaise de concert op. 4

Jennifer Pike (viool), Petr Limonov (piano)
Chandos CHAN 20082 • 75' •
Opname: augustus 2018, Potton Hall, Dunwich, Suffolk (VK)

   

Wat moet je met zo'n titel, ‘The Polish Violin'? Een viool is pas typisch Pools, als het instrument daar is vervaardigd. Daarvan is hier geen sprake, want Jennifer Pike speelt op een heuse Guarneri del Gesù uit 1733, een rasechte Italiaanse viool dus (Limonov hield het bij een eigentijdse Steinway D). Het komt regelmatig voor: vreemde of vergezochte albumtitels. Wat op deze cd staat is niets anders dan rasechte vioolmuziek van vier Poolse componisten die in de tijd bezien dicht bij elkaar stonden. In volgorde van opkomst op deze cd: Karol Szymanowski (1882-1937), Moritz (Maurycy) Moszkowski (1854-1925), Mieczyslaw Karlowicz (1876-1909) en Henryk Wieniawski (1835-188). Van deze vier zijn de eerste en de laatste in het Westen het meest bekend geworden. Waarom dat zo is vraagt om zowel een muziekhistorische als musicologische verhandeling en daar is deze recensie niet voor bedoeld.

Polen heeft niet alleen een groot aantal componisten voortgebracht, maar ook – het ligt bijna in de natuur der dingen – een groot aantal musici, een ontwikkeling die zich uiteraard ook vandaag heeft voortgezet. En zoals het meestal gaat: echt grote musici vinden overal wel emplooi, onverschillig waar ze zijn geboren of opgegroeid. Interessant is ook dat in vrijwel ieder land een hechte of iets minder hechte band ontstaat tussen toondichters en vertolkers. Ze zijn niet alleen van elkaar afhankelijk, maar ze kunnen elkaar ook inspireren. Iedereen kent daarvan de vele voorbeelden. Dat levert de artistieke synergie op die veel vruchten afwerpt.

Het staat gelijk aan het intrappen van een open deur: je hoeft geen Pool te zijn om Poolse muziek tot in haar haarvaten te doorgronden en aldus uit te voeren. Zij het met de kanttekening dat sommige folkloristische elementen het muzikale begrip buiten de landsgrenzen te boven kunnen gaan of zelfs over het hoofd worden gezien. Bovendien, wat een buitenstaander als ‘Fremdkörper' wordt ervaren, kan wel degelijk ingebed zijn in die specifieke folklore. Maar het omgekeerde komt ook voor: componisten die in hun muziek de folklore of een bepaalde dansvorm uit een ander land inporteren of verwerken . Zo zwart-wit is het dus allemaal niet. Gedifferentieerde grijstinten zijn juist daardoor des te fascinerender.

Wie in het cd-boekje naar de biografieën van de beide artiesten zoekt, komt helaas bedrogen uit. Geen enkel woord daarover, maar wie met zijn tijd is meegegaan weet de weg naar het internet en zo verder uiteraard wel te vinden. Er is echter een troostprijs: over de muziek zelf wordt veel en vakkundig verteld. Laat ik hier dus maar volstaan met de mededeling dat Jennifer Pike 29 en van Britse origine is, en dat de wieg van haar 34-jarige partner Petr Limonov in Moskou heeft gestaan. Vanuit het idiomatisch perspectief staat hij - althans theoretisch - dus iets dichter bij Polen, want het IJzeren Gordijn bestond toen nog en maakte het land nog deel uit van het Sovjet-imperium (in 1989 waren er pas vrije verkiezingen). Petr was toen 5 jaar oud, een dreumes die van de wereld om hem heen nog maar slechts een zeer beperkt besef had.

Echt van groot belang is het allemaal niet, wat overigens ook geldt voor Chandos' trotse mededeling dat de opname werd gemaakt met behulp van de 24bit/96kHz technologie. Ik denk dan: het zal wel. Een vleermuis die het misschien hoort. Zelfs op een topset heb ik het nooit als een belangrijk kwaliteitskenmerk gewaardeerd. Ik ken slechte opnamen die op basis van deze technologie zijn gemaakt en heel goede in gewoon 16bit.

Wel van groot belang zijn het voor deze cd gekozen repertoire (dat hoor je bepaald niet iedere dag) en de uitvoering ervan. Pike en Limonov zijn instrumentalisten van zeer grote allure die deze stukken bovendien dicht op het hart dragen. Er is warme gloed, overtuigende passie, breed uitwaaierende lyriek, een sterk ontwikkeld gevoel voor proportie en het – misschien zelfs wel intuïtieve- aanvoelen van de bijzondere gelaagdheid in deze picturale miniaturen. Iedere poging om diep onder de muzikale huid van een compositie te kruipen levert doorgaans nog fraaiere vergezichten op dan alleen al uit het notenblad blijkt. Zo moeten 'verhalen' worden verteld! Voor dit duo neem ik danook heel diep de hoed af.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links