CD-recensie

 

© Aart van der Wal, augustus 2019

Shalygin: Canti d'inizio e fine

Maya Fridman (cello)
TRPTK 0029 • 48' • (2019)

   

Hoewel de cd-markt (nog steeds!) wordt overspoeld door muzieklabels is er slechts een ruime handvol die echt origineel in casu avontuurlijk weten te programmeren. Daaronder het Nederlandse, in Utrecht gevestigde en door Brendon Heinst bestierde TRPTK (afgeleid van triptiek) dat zich duidelijk in een niche-markt beweegt. Zoals het label zich ook heeft geprofileerd door maximaal (misschien is optimaal hier het betere woord) gebruik te maken van schaarse middelen. Dat laatste niet door het bescheiden gebruik van de opnameapparatuur (want die is werkelijk ‘top of the bill'), maar door het doorgaans bescheiden aantal musici dat voor de specifieke projecten wordt aangetrokken. En daar is op zich niets mis mee: de slogan ‘small is beautiful' doet, hoewel het wat sleets overkomt en mits in de goede handen, nog steeds opgeld.

Heinst zegt het zelf ook: "slimming things down," wat in zijn optiek neerkomt op muziek in afgeslankte vorm. Maar ook: " There's nothing really like being able to hear or see anything in full clarity, detail, integrity, without distractions or clutter. Just like using less microphones on a recording can result into greater clarity and sound fidelity", resulting in a slimmed-down, yet unprecedentedly clear sound, where everything the composer wrote is audible in its full glory.

Een paar dagen geleden lag er weer een nieuw album van TRPTK in de bus. Met op de cover twee bekende namen: van de celliste Maya Fridman en de eigentijdse componist Maxim Shalygin. Beiden hebben al eerder onze recensiekolommen gehaald.

Maya Fridman (1989) woonde en studeerde in Moskou, alvorens ze in 2010 naar ons land kwam om te gaan studeren aan het Amsterdams conservatorium, waar ze in 2016 cum laude afstudeerde. Ze is de partner van producer Brendon Heinst. In datzelfde jaar maakte ze voor het eerst kennis met de muziek van Maxim Shalygin. Ze troffen elkaar bij de muziekuitgever Donemus, waar ze in een geanimeerd gesprek met elkaar verwikkeld raakten: Ze voelde zich gelijk aangetrokken door zijn ideeën en vroeg hem ter plekke een stuk voor haar te componeren. Dat werd Canti d'inizio e fine voor cello solo. De samenwerking met Shalygin doet overigens sterk denken aan die tussen Reinbert de Leeuw en György Kurtág: veel communicatie tussen uitvoerend musicus en schepper over noten en klank. Niet per telefoon, zoals toentertijd met Kurtág, maar via email en in een meerdere persoonlijke ontmoetingen (de Oekraïense componist woont en werkt al geruime tijd in Nederland).

Het is een voorrecht voor iedere musicus om met de componist in kwestie rechtstreeks te kunnen communiceren. Het was voor bijvoorbeeld het Belgische Goeyvaerts Trio zelfs de belangrijkste drijfveer voor zijn bestaan. Waarbij uiteraard wel de vraag opdoemt in hoeverre een compositie dan nog het solowerk is van man of vrouw. Fridman is daar echter duidelijk over: ondanks haar intensieve samenwerking met Shalygin ziet zij zich toch niet als een soort co-componist, maar eerder als een musicus die hem van suggesties op het interpretatieve vlak heeft voorzien. Waarna het verder aan hem is die wel of niet over te nemen. Wat uiteraard niet wegneemt dat uit die intensieve contacten toch iets geheel anders kan ontstaan dan wat de componist in eerste instantie voor ogen had. Fridmans samenwerking met Shalygin houdt uiteraard ten nauwste verband met haar belangstelling voor de eigentijdse muziek. Het is de juxtapositie die haar zeer aantrekt: het nieuwe afgezet tegen het oude, of omgekeerd.

We zien dat proces trouwens al vanaf de negentiende eeuw, toen componisten voor een specifiek stuk te rade gingen bij musici, uiteraard grootmeesters op hun instrument, die alles wisten van speltechniek. Zo ging Brahms voor zijn Vioolconcert te rade bij de violist Joseph Joachim en riep k Beethoven de hulp in van zelfs meerdere instrumentalisten.

Het solowerk Canti d'inizio is geworteld in de joodse mythologie en bestaat uit zeven delen: Gabriel, Samael, Kapziel, Azrael, Abbadon, Michael en een epiloog, gestoeld op het wrange gedicht Todesfuge van Paul Celan. De ‘canti', letterlijk vertaald: gezangen, maar ook deel van een groot verhalend gedicht (zo kent Dante's Divinia Commedia honderd canto's), richten zich op de cyclus van geboorte, leven en dood, waarbij dat laatste extra zwaar wordt aangezet door de Todesfuge, het gedicht dat onlosmakelijk verbonden is met de gruwelen van de Holocaust en dat ik al eerder heb geciteerd (in het tweede deel van ‘Muziek achter prikkeldraad'). Het is in deze epiloog waarin Fridman niet alleen moet spelen, maar ook zingen. Een epiloog ook die door Fridmans joodse achtergrond (haar beide ouders zijn joods) een emotioneel zware lading meekrijgt. Maar ook de voorafgaande zes delen maken haarscherp duidelijk dat de menselijke psyche, puur muzikaal-caleidoscopisch ‘vertaald', een oneindig aantal schakeringen kent en dat loutering en verlichting vrij dicht bij elkaar kunnen liggen.

Over de uitvoering kan, nee moet ik heel kort zijn omdat Shalygin het werk bijna letterlijk op het lijf van Fridman heeft geschreven en dat – hoe kan het ook anders – zij de ideale vertolkster ervan is, nee moet zijn. Dat vloeit niet alleen voort uit de reeds gememoreerde samenwerking tussen componist en celliste, maar ook met de celloklank van Fridman en haar speelwijze in de gedachte van de componist. Waar dan nog bijkomt dat Heinst met de best denkbare spullen in zijn van de laatste snufjes voorziene studio voor een schitterende opname heeft gezorgd. Gegarandeerd, zijn levenspartner speelt bij u ‘gewoon' in de kamer, en uiteraard onder het goedkeurend oog en oor van Maxim Shalygin die, ik haast mij het eraan toe te voegen, een sublieme compositie heeft afgeleverd die meer lagen lijkt te bevatten dan deze zo bijzondere musiciënne überhaupt kan weergeven. Wat dan tevens betekent dat u uw verbeelding volop de kans moet geven en dat enige malen beluisteren echt niet voldoende is om dit opus met zijn diepe afgronden voldoende te doorgronden. Eigenwijs als ze bij TRPTK zijn treft u niet de gebruikelijke cd-, maar dvd-verpakking. Wel lastig als uw kastruimte er niet naar is ingericht... Componist en celliste schreven beide een eigen toelichting. Ook dat kom je niet dagelijks tegen...

Anselm Kiefer: Dein goldenes Haar Margarete

Todesfuge

Schwarze Milch der Frühe
wir trinken sie abends wir trinken sie mittags und morgens
wir trinken sie nachts
wir trinken und trinken
wir schaufeln ein Grab
in den Lüften
da liegt man nicht eng

Ein Mann wohnt im Haus 
der spielt mit den Schlangen
der schreibt 
der schreibt wenn es dunkelt nach Deutschland 
dein goldenes Haar Margarete

er schreibt es und tritt vor das Haus
und es blitzen die Sterne
er pfeift seine Rüden herbei
er pfeift seine Juden hervor
läßt schaufeln ein Grab in der Erde
er befiehlt uns 
spielt nun zum Tanz

Schwarze Milch der Frühe 
wir trinken dich nachts
wir trinken dich morgens und mittags 
wir trinken dich abends 
wir trinken und trinken 

Ein Mann wohnt im Haus 
und spielt mit den Schlangen 
der schreibt
der schreibt wenn es dunkelt nach Deutschland 
dein goldenes Haar Margarete

Dein aschenes Haar Sulamith 
wir schaufeln ein Grab in den Lüften 
da liegt man nicht eng 

Er ruft 
stecht tiefer ins Erdreich
ihr einen 
ihr anderen singet und spielt
er greift nach dem Eisen im Gurt
er schwingts 
seine Augen sind blau
stecht tiefer die Spaten ihr einen 
ihr andern spielt weiter zum Tanz auf 

Schwarze Milch der Frühe
wir trinken dich nachts 
wir trinken dich morgens und mittags 
wir trinken dich abends 
wir trinken und trinken 

ein Mann wohnt im Haus 
dein goldenes Haar Margarete 
dein aschenes Haar Sulamith
er spielt mit den Schlangen 
Er ruft
spielt süßer den Tod 
der Tod ist ein Meister aus Deutschland 
er ruft 
streicht dunkler die Geigen
dann steigt ihr als Rauch in die Luft 
dann habt ihr ein Grab in den Wolken 
da liegt man nicht eng 

Schwarze Milch der Frühe 
wir trinken dich nachts
wir trinken dich mittags 
der Tod ist ein Meister aus Deutschland 
wir trinken dich abends und morgens
wir trinken und trinken
der Tod ist ein Meister aus Deutschland 
sein Auge ist blau 
er trifft dich mit bleierner Kugel 
er trifft dich genau
ein Mann wohnt im Haus 
dein goldenes Haar Margarete
er hetzt seine Rüden auf uns
er schenkt uns ein Grab in der Luft 
er spielt mit den Schlangen und träumet 
der Tod ist ein Meister aus Deutschland 
dein goldenes Haar Margarete
dein aschenes Haar Sulamith

Paul Celan


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links