CD-recensie

 

© Aart van der Wal, januari 2021

Dark Fire

Saygun: Partita op. 31 (voor cello solo)

Anoniem: Sari Gelin (voor cello en duduk) - Hiçlige (voor cello en duduk)

Cassadó: Suite (voor cello solo) - Requiebros (voor cello en gitaar) - Lamento de Boabdill (voor cello en gitaar)

Tsintsadze: Toccata (voor cello solo) - 5 Stukken op volksthema's (voor cello, piano en accordeon)

Joachim Eijlander (cello), Kadir Sonuk (duduk), Izhar Elias (gitaar), Helena Barsilova (piano), Vincent van Amsterdam (accordeon)
TTK 0056 • 75' •
Opname: juli, augustus 2020, Westvest90, Schiedam

   

‘Dark Fire', de titel van dit nieuwe album, is – ik volg de inleiding in het cd-boekje - ontleend aan de ontmoeting tussen de georganiseerde filosofische wereld van de Oude Grieken en de mystieke, diepzinnige wereld van het Oosten zoals de Duitse filosoof Martin Heidegger (1889-1976) die aanduidde met de term ‘Donker Vuur'. Dit zou de verlichting hebben opgeleverd in de Griekse dichtkunst.

Of het daadwerkelijk zo moet worden geïnterpreteerd laat ik voorzichtigheidshalve in het midden, maar wel moet mij van het hart dat Heideggers gedachtegoed op een aantal wezenlijke punten bepaald niet onomstreden is. Hij was het immers die als enthousiast lid van de roemruchte NSDAP al vanaf 1933 openlijk en in werkelijk alle toonaarden zijn onvoorwaardelijke steun aan Hitler uitsprak en daarin onvermoeibaar bleef volharden, niet alleen toen de meest afschuwelijke berichten over de door de nazi's begane wandaden ook in Duitsland begonnen door te sijpelen, maar zelfs nog toen de oorlog verloren was.

Die onvoorwaardelijke steun bracht hem, nadat die oorlog eenmaal voorbij was, bijna als vanzelfsprekend in grote moeilijkheden. Het duurde niet lang of de de geallieerden legden hem in het door hen bezette Duitsland een ingrijpend beroepsverbod op, al waren de praktische gevolgen ervan voor Heidegger in zekere zin relatief beperkt: hij mocht weliswaar geen colleges meer geven, maar hij bleef wel officieel hoogleraar en ook dienovereenkomstig betaald. Wat niet wegnam dat hij zijn studenten niet meer kon voorhouden dat zij het waren die in de toekomst Duitslands elite moesten vormen en kon hij hen evenmin nog aanspreken op wat hij al meerdere decennia lang had omarmd: het idee van de ‘nationale Erhebung', het gedachtegoed dat – ik noemde het reeds – uitging van de Oude Grieken (presocratici) en zich concentreerde op zaken als het ‘Zijn', ingekapseld in het wezen van de mens, de kunst, de linguïstiek, de techniek, enz. Tot zijn dood heeft Heidegger die ‘Erhebung' verdedigd, al wees hij de realisatie ervan op basis van een onbegrensde ‘Wille zur Macht' categorisch af, een van de kernbegrippen overigens in het werk van die andere bepaald niet onomstreden Duitse wijsgeer: Friedrich Nietzsche (1844-1900).

Dat Heidegger ook na de oorlog, zelfs tot kort voor zijn dood in 1976, voor allerlei spreekbeurten werd uitgenodigd en - niet alleen in Duitsland - in hoog aanzien stond, mag wellicht verbazing wekken; en te meer omdat hij in sommige van zijn geschriften nu juist zo de nadruk legde op de mens als beschermer van het Zijn. Waarbij men zich dan mag afvragen hoe zich een dergelijk uitgangspunt verhoudt tot Heideggers steun aan Adolf Hitler, die zich immers niet als beschermer maar als dood en verderf zaaiende heerser manifesteerde. Kortom, Heidegger was een nazi, al hield hij er (gelukkig!) niet zulke perfide denkbeelden op na als de ‘partijfilosoof' Alfred Rosenberg.

Zonder een noot nog te hebben gehoord daardoor althans voor mij toch een enigszins ongelukkig begin van de kennismaking met dit album. Edoch, dit werd al snel weggepoetst door het ronduit avontuurlijke karakter van deze cd, gevuld met uitsluitend mij volkomen onbekende muziek, al erken ik graag dat dit dan een omissie van mijn kant is. De Spaanse componist en cellist Gaspar Cassadó (1897-1966) en zijn Georgische collega Sulkhan Tsintsadze (1925-1991) zijn immers bepaald geen onbekende componisten, maar deze stukken kende ik niet. De Turkse toondichter Ahmet Adnan Saygun (1907-1991) deed helemáál geen enkel belletje bij mij rinkelen, maar na het beluisteren van zijn vijfdelige Partita op. 31 ligt een uitgebreider kennismaking intussen wel voor de hand.

Joachim Eijlander (hij speelt de onbetwiste hoofdrol in dit met zorg samengestelde programma) is zo verstandig geweest om het avontuur (want daarvan is onverkort sprake!) niet te zoeken in de voor menigeen ontoegankelijke serialiteit of in het typische ‘piep-knor' dat in de loop der tijd steeds minder aanhangers heeft gekregen, maar in wat ik gemakshlave een kosmopolitische benadering zou willen noemen: enerzijds door de muziek zelf die over de grenzen van het eigen vaderland heengaat, ongebonden en daardoor niet bekrompen is, het kan stellen zonder vooringenomenheid of overwegend door de traditie gevormde wortels; anderzijds vertolkt door musici die net zo denken en handelen als Eijlander: de duduk-bespeler Kadir Sonuk (samen met Eijlander trad deze danser, zanger en fluitist op in het VPRO-tv-programma 'Vrije Geluiden' van 20 december), de gitarist Izhar Elias, de pianiste Helena Basilova en de accordeonist Vincent van Amsterdam. Ze brengen met hun technisch vlekkeloze en inhoudelijk ijzersterke spel de innerlijke schoonheid van deze stukken onverkort naar buiten. Muziek waarin het onverwachte, ongewone, bijzondere en zonderlinge domineert, met nog als extra aanbeveling dat de door TRPTK's Brendon Heinst gemaakte opname ronduit subliem is.

En Heidegger? Ach, hem was ik na het beluisteren van dit schitterende album alweer lang en breed vergeten… Tot zijn gedachtegoed net als onkruid weer elders op de een of andere manier opduikt.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links