CD-recensie

 

© Aart van der Wal, oktober 2017

 

A Fancy - Fantasy on English Airs & Tunes

Locke, Purcell, Draghi, Akeyrode, Grabu, Blow, Hart en Anoniem

Locke: Curtain Tune (uit The Rare Theatrical)

Purcell: Ouverture (uit The Virtuous Wife)

Draghi: Where are thou, God of Dreams! (uit Romulus and Hersilla)

Purcell: Hornpipe (uit The Fairy Queen)

Draghi: Must I ever sigh in vain? (uit The Theater of Music)

Purcell: I see, she flies me (uit Aureng-Zebe)

Locke: Lilk (uit The Rare Theatrical)

Purcell: Second Music (uit The Virtuous Wife)

Purcell: O Solitude! (uit The Theater of Music)

Purcell: First Act Tune (uit The Virtuous Wife)

Purcell: 'Twas within a furlong of Edinboro' town (uit The Mock Marriage)

Akeyrode: From drinking of Sack by the Pottle (uit The Theater of Music)

Anoniem: First Music - Saraband - Second Music

Grabu: O Jealousy! (uit Albion and Albanus)

Purcell: Curtain Tune (uit Timon of Athens)

Purcell: Ah me! To many deaths decreed (uit Regulus)

Blow: A Ground (uit Venus and Adonis)

Locke/Christopher Gibbons: Fly, my children (uit Cupid and Death)

Locke: Canon a 4 in 2 (uit The Tempest)

Purcell: See, even Night herself is here (uit The Fairy Queen)

Purcell: Symphony (uit King Arthur)

Locke: The Descending of Venus (uit Psyche)

Hart/Cuiller: Adieu to the Pleasures and Follies (uit The Tempest)

Rachel Redmond (sopraan), Le Caravansérail o.l.v. Bertrand Cuiller (klavecimbel)
Harmonia MundiHMM 902296 • 66' •
Opname: november 2016, Théâtre de Caen (F)

   

Er wordt vaak nogal meesmuilend over gedaan, zo in de trant van “er gaat niets boven een live-concert, de cd is niet meer dan een surrogaat daarvan.” En wie dat zegt heeft – wat sfeer en impact betreft - zeker gelijk, maar wel wordt daarbij over het hoofd gezien dat de cd iets te bieden heeft dat in dat live-concert nu juist ontbreekt: nieuw of vrij onbekend (gebleven) repertoire. Dat men, om dit 'live' te beleven, daarvoor bij daarin gespecialiseerde ensembles terecht moet en die doen niet altijd ons land aan. En dan nog moet worden afgewacht met welke stukken zo'n ensemble op het podium verschijnt.
Niet dat de cd gemakkelijk, laat staan altijd uitkomst biedt, want vaak zit die muziek zo diep verborgen in de krochten van de muziekhistorie dat het alleen bij toeval of na lang zoeken boven water komt. Ik denk zelfs dat het niet overdreven is om te stellen dat duizenden werken het podium sowieso nooit en de cd mogelijk wel – al is het dan sporadisch, misschien zelfs eenmalig – ‘halen'. Dat wordt dan vaak afgedaan met ‘ach, het is allemaal zo interessant niet, het meeste ervan is terecht in vergetelheid geraakt.” Dit ter verdediging of verklaring van gemakzucht of desinteresse. De schuld daarvan ligt ook wel deels bij het publiek, want dat neemt tot zich wat het krijgt voorgeschoteld. En in de pers laat men die status quo zo. Er wordt althans zelden of nooit aandacht aan geschonken. De dagbladpers heeft al decennia geleden vrijwillig afstand genomen van zijn voortrekkersrol. Voor zover de krant überhaupt nog serieus aandacht besteedt aan de ‘serieuze' muziek. Wie daarin een cd-recensie aantreft mag blij zijn dat er nog tien regels aan worden besteed. De sterretjes of blokjes bovenaan dienen dan als richtsnoer (goed/middelmatig/slecht). Over operavoorstellingen wordt soms wel uitvoerig bericht (het is spektakel, nietwaar?), maar daarin wreekt zich dan weer het gebrek aan (historische) kennis. Kommer en kwel dus in een cultuurlandschap waarin oppervlakkigheid de plaats heeft ingenomen van diepgang en waarin op de kunstredactie door de jaren heen fors is bezuinigd. Men heeft de bestaande expertise (die er toen wel degelijk was!) gewoon wegbezuinigd. Het publiek weet al jaren niet beter meer. Als deze trend zich voortzet is er over enige jaren helemaal niets meer van over.

'A Fancy'
De cd ‘A Fancy, Fantasy on English Airs & Tunes' heeft uitsluitend betrekking op de muziek uit de (Engelse) Restauratieperiode. Met de dood van de alom gevreesde ‘lord protector' Oliver Cromwell verdween ook snel diens repressieve bewind en kwam er weer ruimte voor muziek en theater die beide zo sterk hadden geleden onder de drukkende censuur. Sterker nog, muziek klonk toen alleen nog in de kerken (en dan alleen nog in de vorm van lofzangen), terwijl de theaters op slot waren. Toen in 1660 Charles II aan het bewind kwam, betekende dit een herstel van de monarchie. Maar niet alleen dat: de nieuwe koning had als banneling jaren buiten Engeland geleefd, was daar als geen ander vertrouwd geraakt met de ‘schone kunsten' en had na zijn troonsbestijging niet veel tijd nodig om zowel kunstenaars aan zijn hof te beroepen als de kunsten zelf een stevige impuls te geven. Al hield het een uiteraard verband met het ander. Het gevolg was ook dat het rijke muziekleven op het Europese vasteland in Engeland al snel zijn eigen bruisende pendant kreeg.

In Londen werden de theaters niet alleen nieuw leven ingeblazen, maar vormden ze ook het vitale middelpunt van het overal opbloeiende culturele leven. Dat kreeg nog extra cachet door de komst van dames op het toneel: ook die ban was opgeheven. Daarnaast kwam de ontwikkeling van de toneeltechniek zelf in een versnelling en werden snelle scenewisselingen mogelijk. Ook dit droeg bij aan het ‘spektakel' waarin toneel en muziek bijna naadloos met elkaar konden versmelten. Aan het begin van deze muzikale en theatrale omwenteling tijdens de ‘Restoration Period' stond Matthew Locke, toen de eerste en tevens belangrijkste vertegenwoordiger van die nieuwe stroming. Maar er waren meer componisten die van zich lieten spreken, met niet onder de minsten natuurlijk Henry Purcell, de ‘master of the ground bass' zoals hij die veelvuldig in zijn vocale werken toepaste. Ook andere muziekvinders hadden daar iets mee, zoals Giovanni Batista Draghi, een van de Italiaanse componisten die koning Charles naar zijn hof had laten komen om de Italiaanse opera in zijn land van de grond te krijgen (wat overigens niet is gelukt).

Zoals het zo vaak gaat met spektakels: het kon niet spectaculair genoeg zijn. Al snel ontwikkelde zich in Londen daardoor een geheel nieuw genre: de dramatische opera, wat neerkwam op voorstellingen die waren afgeladen met muziek, dans en toneel. Aan het hof ging John Blows Venus and Adonis in première, mogelijk in 1683, en een schoolvoorbeeld van wat tegenwoordig onder opera wordt verstaan (er wordt ook van het begin tot het eind in gezongen). Maar ook de dans speelde daarin een wezenlijk rol (zoals de dans van de ‘Graces' in het tweede bedrijf).

Hoe aanstekelijk het Londense theaterleven toen was bleek ook uit de grote vraag naar van de theatermuziek afgeleide huismuziek. Een enorme hoeveelheid bloemlezingen uit de meest uiteenlopende theaterproducties kwam op gang. Een goed voorbeeld daarvan zijn de vier volumineuze boeken ‘The Theater of Music' die in 1685 en 1687 verschenen.

‘A Fancy' roept dat tijdsbeeld bijzonder fraai in herinnering: het gehele ensemble verplaatst ons met een bijna vanzelfsprekend gemak in die typisch zeventiende-eeuwse Londense theaterwereld, waarin werkelijk geen zee te hoog ging en de inventie hoogtij vierde. Hoewel het noodgedwongen om een fragmentarische opzet moet gaan is de selectie wel degelijk representatief voor wat er toen zoal in de Londense theaters plaatsvond. Dat het merendeel van deze selectie bestaat uit composities door toondichters van naam spreekt voor zich: zij 'ruled the waves': Locke, Purcell, Draghi, Blow, Akeyrode, Grabu, (Christopher) Gibbons en Hart.

‘A Fancy' doet de naam eer aan: niet alleen hebben de sopraan en de instrumentalisten er zo te horen heel veel zin in gehad, maar die luchtige en bovenal fonkelende sfeer slaat ook gemakkelijk over op de luisteraar. Al mag er soms best wel een traantje worden weggepinkt. Er wordt door dit Franse ensemble (dat op ‘authentieke' instrumenten speelt) op topniveau gemusiceerd, terwijl de heldere sopraan Rachel Redmond met haar meer dan voortreffelijke dictie (ook in dit opzicht is het 'back in time') voor dit bijzondere repertoire zonder meer geknipt is (alleen al het furieuze 'O Jealousy' uit Louis Grabu's Albion and Albanus...) Maar ik zou toch ook echt niet zonder Purcells 'Curtain Tune' uit diens Timon of Athens willen zijn. En zo luister ik al snel opnieuw naar deze hele cd... De opname getuigt van demonstratiekwaliteit.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links