CD-recensie

 

© Aart van der Wal, oktober 2019

Virtuosissimo - Il Pomo d'Oro

Locatelli: Concerto in D op. 3 (L'arte del violino)

Pisendel: Concerto in g,

Leclair: Concerto in D, op. 7 nr. 2

Tartini: Concerto in a, D 115 (A Lunardo Venier)

Telemann: Concerto in Bes, TWV 51:B1

Il Pomo d'Oro o.l.v. Dmitry Sinkovsky (viool)
Naïve OP 30576 • 77' •
Opname: september 2016, Villa San Fermo, Lonigo (I)

 

De titel van dit album zegt niet zoveel: ‘virtuosissimo', want veel barokmuziek moet het nu juist daar van hebben. Dansen op het slappe koord, een circusact, was dat wat het publiek in de achttiende eeuw het liefste zag en hoorde? Capriolen die tartten met de wetten van de muzikale zwaartekracht? Virtuositeit die in de negentiende eeuw door ‘duivelskunstenaars' als Nicolò Paganini en Franz Liszt naar nog veel duizelingwekkender hoogten zou worden gevoerd.

Als het om virtuositeit gaat kan de grens tussen ongekend technisch meesterschap en artistieke inhoud snel vervagen, maar wellicht maakt dit de gekozen albumtitel tegelijkertijd zo dubbelzinnig, want uitgerekende deze vijf werken staan weliswaar op virtuoze voet, maar inhoudelijk zijn ze wel degelijk van uitstekend gehalte. Het heeft er zelfs alle schijn van dat virtuositeit (virtuoos stamt van het Latijnse ‘virtus', te vertalen als ‘moed' of ‘kracht') en artisticiteit elkaar volmaakt in evenwicht houden.

Het Italiaanse ensemble Il Pomo d'Oro staat bekend om zijn grote virtuositeit en muzikaliteit (twee aspecten die niet per se onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn), maar ditmaal ben ik minder enthousiast, wat volgens mij is toe te schrijven aan de violist en dirigent Dmitry Sinkovsky die aan de typisch stilistische karakteristieken van de Italiaanse barok zijn geheel eigen invulling heeft gegeven en aldus een nogal grofmazig beeld neerzet dat mij niet zo aanspreekt. Waar nog bijkomt dat het zonnige beeld wordt vertroebeld door te stevig aangezette contrasten die deze muziek kan missen als kiespijn.

Virtuoos is het allemaal wel, maar daarmee ben je er dus niet. De 'slachtoffers' zijn in dit geval Locatelli en Tartini. De concerti van Pisendel en Telemann - uitstekend geformuleerde uitingen van de Duitse barok - varen gelukkig beter bij deze aanpak. Het concerto van Leclair beweegt er zich zo ongeveer tussenin, maar ook in dit geval domineert een snedige boven een vloeiende aanpak. Het is en blijft wat het boekje betreft een vreemde gewoonte om in de titels van hoofdletters af te zien. Het waarom daarvan is mij nooit goed duidelijk geworden. Het staat in ieder geval slordig.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links