CD-recensie

 

© Aart van der Wal, september 2021

Aura Soave

Luzzaschi: Aura Soave

Anoniem: Sinfonia Antica / Gastoldi: L'Ardito - L'innamorato

Kapsberger: Toccata Arpeggiata - Toccata

Landi: Augellin

Tartaglino: Canzon sopra Susanna

Caccini: Torna, deh torna - Amarilli

De Macque: Prima Stravaganze - Nasce la pena mia

Strozzi: L'Amante segreto

Rossi: Passacaille

Marazzoli: Sopra la Rosa

Céline Scheen (sopraan), Giovanni Pessi (harp), Philippe Pierlot, Kaori Uemura, Rainer Zipperling, Romina Lischka (gamba)
Flora 2712 • 62' •
Opname: juni 2012, Bra sur Lienne (B)

http://labelflora.net/catalog

 

Dit is een schitterend album, zowel wat betreft het gekozen repertoire, de vertolkingen als de opnamekwaliteit. En dat afkomstig van Flora, een label dat in ons land helaas tamelijk onbekend is gebleven, al heeft het in de Oude Muziek gespecialiseerde Prelude Klassieke Muziek van Kees Koudstaal (klik hier) er wel degelijk regelmatig aandacht aan geschonken. De naamgeving, Flora, is uiteraard afkomstig uit de plantkunde, maar het lijkt me passend om daaraan in dit geval toe te voegen: bloemrijk.

Het Belgische Flora werd begin 2002 opgericht door drie vooraanstaande musici, gepokt en gemazeld in de historiserende uitvoeringspraktijk: de Belgische gambist Philippe Pierlot, de Franse violist François Fernandez en de Duitse cellist en gambist Rainer Zipperling (ook bekend als lid van het Orkest van de Achttiende Eeuw). Hun uitgangspunt wat betreft de oprichting van het label verschilt bij nader inzien niet zoveel van dat van de Spaanse gambist Jordi Savall: het varen van een volstrekt eigen, onafhankelijke koers, feitelijk ‘baas in eigen huis' wat betreft repertoirekeuze, uitvoering, opname én distributie. Dat heeft er tevens toe geleid dat zij na verloop van tijd de deuren openzetten voor andere musici en ensembles om met hen samen te werken, waaronder de bekende Saqueboutiers de Toulouse. Zoals ook anderen welkom waren die de ‘filosofie' van het driemanschap en daarmee het label ondersteunden en – het spreekt vanzelf – over de vereiste kwalificaties beschikten, een ontwikkeling die zich tot op de huidige dag heeft voortgezet. Zeker voor jonge musici betekende dit een belangrijke handreiking, want zij moeten hun plek in de muziekwereld nog veroveren is een stevige helpende hand van ‘oude rotten' in het vak meer dan welkom.

Dan is er het in 1980 opgerichte Ricercar Consort, met als ‘founding fathers' en verbindende schakels Francois Fernandez, Pierre Pierlot, Rainer Zipperling en de organist Bernard Foccrouille. Niet alleen instrumentaal maar ook vocaal doet het ensemble van zich spreken, zowel op het eigen muzieklabel als op dat van Flora en het (Franse) Mirare.

Nu dan het album Aurora Soave, naar de gelijknamige titel van het openingsnummer, een madrigaal van Luzzasco Luzzaschini (1545-1607), waarin de glansrol weggelegd voor de Belgische sopraan Céline Scheen*, bepaald geen onbekende (ze zong onder meer met Philippe Jaroussky en bij L'Arpeggiata, Les Talens Lyriques en Pygmalion; u vindt recensies van haar bepaald niet geringe vocale verrichtingen elder op onze site). Het is de stralende, kristalheldere sopraanstem die een bijna onaardse (anderen zouden misschien zeggen: hemelse) sfeer oproept (zie doet mij in dit opzicht herinneren aan Montserrat Figueras, de in 1979 vrij jong gestorven levensgezellin van Jordi Savall), waarin ook de exquise begeleiding van (dubbelsnarige harp, viola da gamba (sopraan, tenor, bas) een belangrijk aandeel heeft. Het is zo'n uitgave waarin ieder programmaonderdeel volmaakt op zijn plaats valt en bovendien puntgaaf wordt vertolkt, met iedere stem - ook in de goed gekozen instrumentale tussenspelen - zo ingekleurd dat daardoor optimaal affect wordt bereikt. Het vocale en instrumentale discours is zo subliem vormgegeven en op elkaar afgestemd dat het ronduit adembenemend is. Dit zijn uitvoeringen die als schoolvoorbeeld mogen dienen voor de ‘Nuove Musiche' stroming, de nieuwe practica die in belangrijke mate mede richting heeft gegeven aan de ontwikkeling van de westerse muziek. Wat dit programma tevens zo interessant maakt is dat het als het ware als etalage fungeert van de zo verschillende expressievormen, met de monodie en de dansvorm als fascinerende ijkpunten, in het Italië van de vroeg-zeventiende eeuw. Het ensemble kent deze materie van binnen en van buiten en bedient zich daarbij terecht van de (niet voorgeschreven) ornamentatie met het oog op een nog verdere verlevendiging van het toch al zeer expressieve notenbeeld.

Er is zoveel aandacht besteed aan zowel het programma, de uitvoering als de opname dat het me wel enigszins heeft verbaasd dat in het cd-boekje geen toelichting is opgenomen. Alsof dit repertoire voor de geïnteresseerde al bij voorbaat gesneden koek zou zijn. De gezongen teksten zijn bovendien uitsluitend in het Italiaans voorhanden. Er wordt wel verwezen naar vertalingen op de website van Flora, maar die heb ik daar vooralsnog niet kunnen vinden. Kortom, dit had beter gekund, wat overigens geen syllabe afdoet aan de waarde en betekenis van deze uitgave.

____________
* Klik hier voor een kort fragment op YouTube: Céline Scheen en de klavecinist Elam Rotemin in Aura Soave.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links