CD-recensie

 

© Aart van der Wal, maart 2019

 

Ombre de mon amant

Rima Khcheich (vocals), Mike Fentross (theorbe en vihuela), Maarten Ornstein (basklarinet)
Zefir Records ZEF 9662 • 60' •
Opname: mei 2018, Amsterdam

(zie voor de inhoudsopgave het slot van deze recensie)

 

Eerst even iets vooraf. Ik bewaar de warmste herinneringen aan Wouter Swets, de eminente kenner van wat ik gemakshalve maar wereldmuziek noem: muziek die – meestal door overlevering – aan landsgrenzen was gebonden of in de meest letterlijke zin grenzenloos bleek te zijn. De Haagse etnomusicoloog die werkelijk álles wist van de meest uiteenlopende muzikale stijlen en tradities, maar die zich had gespecialiseerd in die van de Balkan, het Nabije en Midden-Oosten, tot in de steppen van Centraal-Azië. Hij bouwde decennialang onvermoeibaar aan een ‘klankenverzameling' die zijn weerga niet kende en die nu ergens in een Leidse muziekbibliotheek voor het nageslacht bewaard is gebleven: méters boeken, kasten vol grammofoonplaten, cd's en geluidsbanden, maar ook een indrukwekkende verzameling exotische, deels zelfs unieke muziekinstrumenten. Wouter verzorgde bij het muziektijdschrift Luister jarenlang de rubriek wereldmuziek en zo heb ik hem ook leren kennen (en door zijn bijziendheid voor menige ongelukkige geval kunnen behoeden). De jaren tachtig en negentig, het lijkt een eeuwigheid geleden. Maar misschien dat de ouderen onder ons hem (ook) kennen van zijn altijd boeiende radiopraatjes met talloze muziekvoorbeelden uit heinde en verre. Wouter overleed in mei 2016, maar hij mocht op de valreep toch nog zijn 86ste verjaardag beleven.

Voor mij is zijn hobby altijd vreemd gebleven. Wereldmuziek was gewoon ‘mijn ding' niet en is dat ook nooit is geworden. Niet iets om trots op te zijn, want een brede muzikale belangstelling heeft nog nooit iemand kwaad gedaan en wie niet over zijn eigen grenzen heen kan kijken... Wouter schoot me plotsklaps weer in gedachten toen dit nieuwe album, ‘Ombre de mon amant', ongevraagd mijn pad kruiste. Daarin centraal de Libanese zangeres Rima Khcheich, die zich wist te verzekeren van twee begeleidende topinstrumentalisten.

Ik ben geen deskundige in dit repertoire en dus heb ik eerst maar eens het cd-boekje geraadpleegd en daaruit opgemaakt dat Khcheich tot de opkomende jonge generatie zangers behoort die zich het klassieke Arabische negentiende- en twintigste-eeuwse idioom eigen heeft gemaakt. Dat westerse invloeden (en zeker in Libanon) daarbij een wezenlijke rol hebben gespeeld laat zich raden: zo studeerde Khcheich in Beiroet af aan de Libanees-Amerikaanse universiteit en zal ze op het plaatselijk conservatorium zowel oosterse als westerse muziek hebben gestudeerd (wat Libanon is een van de zeldzame Arabische landen die de culturele horizon ook op het westen hebben gericht). Zelf gaf ze daar ook les en is ze sinds 2011 docente aan de Amerikaanse universiteit in Beiroet.

Aan het begin van het millennium begon ze klassieke Arabische songs in jazzarrangementen te verpakken en uit te voeren, toen begeleid door onder anderen de Nederlandse jazzmusicus Tony Overwater. Al eerder verschenen van haar zes albums: Orient Express (2001), Yalalalli (2006), Falak (2008), Min Sihr Ouyounak (2012), Hawa (2013) en Washwishni (2016). Maar ook voor Maarten Ornstein en Mike Fentross is oosterse muziek geen onbekend terrein, getuige hun in 2015 verschenen album ‘Oblivion Soave', een mix van zowel barokmuziek als oude en eigentijdse Arabische muziek. Ze hebben nu opnieuw de handschoen opgepakt en samen met Khcheich een cd volgespeeld van een duidelijk kruisbestuivend karakter: westerse muziek vanuit het Arabische klankidioom, maar ook omgekeerd. Daarbij bleek de hulp van de Libanese dichter en vriend van Khcheich onontbeerlijk: hij hertaalde en parafraseerde drie liederen uit de barok (twee van Huygens en een van Lambert) vanuit het Frans naar het Arabisch. Daarmee waren de hindernissen nog niet uit de weg, want er zijn – afgezien van de grote idiomatische verschillen tussen westerse en Arabische muziek – ook de afwijkende maatsoorten die zich niet zomaar laten uittellen (wat dacht u van 13/4?) en het gebruik van kwarttonen. Dat zijn geen zaken die voor westerse musici dagelijkse kost zijn.

Ik memoreerde het al: over de eigen grenzen heenkijken. Dat heeft tevens iets te maken met het zoeken naar muzikaal avontuur. In dit geval naar nieuwe muziekstijlen en de toepassing van daaraan inherente nieuwe technieken. Dat heeft in dit geval schitterende vocale en instrumentale combinaties opgeleverd, te beginnen bij de prachtige stem van Khcheich, aangevuld met de warme toon van de basklarinet (het ‘jazzy' instrument klinkt soms als een herdersfluit!) en de contrastrijke theorbe en vihuela, twee snaarinstrumenten die verwant zijn aan de ud, het snaarinstrument dat in de klassieke Arabische wereld eeuwenlang de boventoon voerde. West en Oost ontmoeten elkaar!

De jazzmusicus Maarten Ornstein is niet alleen basklarinettist, maar ook saxofonist, componist en arrangeur. Bovendien kijkt ook hij graag over de eigen grenzen heen. Zo bracht hij vorig jaar het album ‘to Dowland or not to Dowland' uit. Drie arrangementen op de nieuwe cd zijn van zijn hand en tonen zijn verbeeldingsvolle vakmanschap. De Libanese annex Arabische teksten zijn afkomstig van Rabih Mrouré, Ghantous El-Rahi, Ahad Rami en Mohammad Younis El-Qadi.

De laatste jaren is het beeld dat vanuit met name het Nabije en Midden-Oosten tot ons komt verre van positief. Ik denk in dit verband aan de vele vluchtelingen, het terrorisme en het maar niet uit te bannen antisemitisme. Ik kan de vraag niet afdoende beantwoorden of muziek hiertegen enig tegenwicht kan bieden, maar wel is het – ik kom er nog maar een keer op terug – verstandig om over de eigen schaduw heen te stappen en nieuwe muzikale gebieden te exploreren. Al is het maar slechts vanuit de eigen leunstoel. ‘Ombre de mon amant' (de titel is ontleend aan het openingslied) is er het beste bewijs van. Al is de titel niet origineel: ik herinnerde mij een album van Archiv-Produktion met precies dezelfde titel. Na enig zoekwerk dook hij in mijn verzameling op: Franse barokaria's, gezongen door Anne Sofie von Otter en begeleid door Les Arts Florissants onder leiding van William Christie. Ook niet te versmaden trouwens…

 


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links