CD-recensie

 

© Aart van der Wal, januari 2019

 

Fenêtre sur le jardin - Ksenia Kouzmenko

Suk: Love Song op. 7 nr. 1

Kvapil: Door het dal van weemoed en verdriet

Martinu: Fenêtre sur le jardin

Kabelác: Short Piano Pieces

Janácek: In the Mists

Ksenia Kouzmenko (piano)
Cobra 0070 • 62' •
Opname: juli 2018, Westvest 90, Schiedam

 

Een uitstekend idee om bekend en onbekend Tsjechisch pianorepertoire samen te brengen op deze cd. Wat dat laatste betreft: het uit negen deeltjes bestaande ‘Door het dal van weemoed en verdriet' van Jaroslav Kvapil (1892-1958) en de zeven ‘Korte pianostukken' van Miloslav Kabelác (1908-1979) zijn zelfs heuse wereldpremières, althans op muziekdrager. Daar staan dan drie werken tegenover die min of meer bekend zijn: het ‘Liefdeslied' op. 7 nr. 1 van Josef Suk (1874-1935), ‘Raam op de tuin' ('Fenêtre sur le jardin', tevens de titel van dit album) van Bohuslav Martinu (1890-1959) en ‘In de mist' van Leos Janácek (1854-1928). Wat deze vijf stukken met elkaar gemeen hebben zijn de weldadig, zo niet rijk ingekleurde stemmingsbeelden zoals die worden opgeroepen door de associaties met onder meer de Tsjechische volksmuziek en de natuur. Maar deze evocaties hebben tevens een sterk naar binnen gekeerd karakter, wat op zich al extra hoge eisen stelt aan de interpretatie van deze miniaturen.

 
 

Ksenia Kouzmenko (l.)
en Lisa Jacobs

Ksenia Kouzmenko, geboren in Minsk en dochter van een pianistenechtpaar, profileert zich in dit recital als ideale vertolkster van dit afwisselend gloedvolle, contemplatieve, expressief voortdurend betoverende repertoire. Ze heeft zich duidelijk in de bijzondere aard van deze stukken verdiept, met als groot winstpunst dat haar spel daardoor ook inhoudelijk een zeer gevoelige snaar weet te raken. Over haar pianistiek hoef ik het natuurlijk helemaal niet hebben: haar technische vocabulaire staat als een huis. Kouzmenko woont in Nederland, is naast uitvoerend musicus docent aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en vormt sinds 2008 een vast duo met de violiste Lisa Jacobs.

In februari van het vorig jaar besprak ik het album ‘Whispering Leaves' met daarop werken van Janácek, Pálenicek en Martinu, toen in samenwerking met de Tjsechische celliste Lucie Stepánová (hier besproken). Ook toen trof mij haar geweldige spel met de lyrische diepte en pure schoonheid die het afstraalde. Dat zij op deze nieuwe cd terecht aandacht vraagt voor twee componisten die vrijwel zijn vergeten, doet meer dan slechts deugd. Ik wil het zelfs wel een mijlpaal noemen, het onbekende bekend te maken, zoals het ook moedig is om dit repertoire op cd uit te brengen, in een tijd die nu niet bepaald wordt gekenmerkt door florissante verkoopcijfers. Het Nederlandse label Cobra, maar ook de pianiste heeft hiermee – en dat is bepaald niet de eerste keer – de nek behoorlijk uitgestoken. Dan is er opnametechnicus Tom Peeters die het weer tot in de allerkleinste puntjes perfect heeft vastgelegd. Laat ik dan in een adem tevens de pianostemmer noemen: Charles Rademaker heeft voor een perfect geïntoneerde vleugel gezorgd.

Tot slot nog het een en ander over de beide in vergetelheid geraakte componisten. Jaroslav Kvapil behoorde tot de kleine kring van leerlingen die door Janácek hoog werd geschat. Hij ontwikkelde zich vervolgens tot een belangrijke componist, dirigent en docent en drukte daarmee een belangrijk stempel op het Tsjechische muziekleven rond het fin-de-siècle. Miloslav Kabelác had decennialang de leiding over de Tsjechische omroep. Evenals bij ons onder anderen Henk Badings en in Duitsland Karlheinz Stockhausen was hij in de radiostudio toen vooral bezig met elektronische muziek, maar daarnaast ook onderzoeker van etnische muziek (waar veel Tsjechische componisten in die tijd belangstelling voor hadden). Hij gaf niet alleen les aan het Praags conservatorium, maar stond ook bekend als dirigent van de meest uiteenlopende programma's. Vorige jaar deed de Tsjechische dependance van het Duitse uitgevershuis Bärenreiter een niet minder moedige poging om de muziek van Kabelác uit het slop te trekken door 2018 uit te roepen tot Kabelác-jaar. Of het echt geholpen heeft weet ik niet, maar dat de muziek van Kabelác ten onrechte in het vergeetboekje is geraakt staat voor mij vast. Het is nu eenmaal het lot dat heel veel muziek beschoren is. Naarmate de tijd vordert, verdwijnt veel schoonheid in de mist die daarvan het gevolg is.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links