CD-recensie

 

© Aart van der Wal, februari 2020

Daniel Hope - Belle Époque

Klik hier voor het overzicht

Daniel Hope en Daria Zappa (viool), Ryszard Groblewski (altviool), Nicola Mosca (cello), Lise de la Salle (piano), Jane Berthe en Maria Todtenhaupt (harp), Mojca Erdmann (sopraan), Simon Crawford-Phillips (piano), Zürcher Kammerorchester
DG 00289 483 7244 • 79' + 66' • (2 cd's)
Opname: april en juli 2019, Teldex Studio, Berlijn

   

Belle Époque, De titel van het door Deutsche Grammophon uitgebrachte dubbelalbum verwijst uiteraard naar de 'mooie periode' vanaf zo ongeveer het fin-de-siècle (ca. 1900) tot de Eerste Wereldoorlog, dus een tijdspanne van niet meer dan zo'n veertien jaar. Het was een tijdperk van welvaart en welzijn, waarbinnen zich niet alleen handel en nijverheid, maar ook kunst en wetenschap in een snel tempo ontwikkelde. De Franse benaming verwijst weliswaar specifiek naar de ontwikkelingen in (Franstalig) België en Frankrijk, maar het begrip dekt uiteraard een groot deel van zowel het Europese vasteland als Engeland. En niet te vergeten Wenen, dat rond 1900 alleen al in artistiek opzicht kolkte van de nieuwigheden, met name in de schilderkunst, de literatuur, de architectuur en de muziek.

Niet zo vreemd dus dat het 'gele label' die periode in muzikaal opzicht in de schijnwerpers heeft willen zetten en speciaal daarvoor een groot aantal musici van wereldreputatie heeft aangetrokken. Als je het wilt doen moet je het ook goed doen, zal de gedachte zijn geweest.

Op de cover preekt de afbeelding van de instrumentalist die de meesten van ons ongetwijfeld zullen kennen: de Brits-Ierse violist Daniel Hope, in 1973 geboren in het Zuid-Afrikaanse Durban. Een musicus ook die voortdurend naar nieuwe formules zoekt, soms tegen kitsch aanschurend, maar altijd daarbij geholpen door technisch meesterschap en grote muzikaliteit (twee aspecten die overigens niet per se samen hoeven te gaan).

Dit dubbelalbum valt in twee delen uiteen: de eerste cd heeft de subtitel 'Orchestral Music' meegekregen, met naast Hope een hoofdrol voor het Zürcher Kammerorchester, terwijl de tweede cd specifiek is gericht op 'Chamber Music' (met daarin centraal viool en piano).

Wat helaas ontbreekt is een zorgvuldige samenstelling van het programma. Het is niet zozeer bezwaarlijk dat het een allegaartje is geworden, maar wel dat het op de keper beschouwd kop noch staart heeft, met als onvermijdelijke conclusie dat er blijkbaat niet voldoende over is nagedacht. Het heeft zelfs veel weg van het hapsnapwerk dat we helaas zo vaak aantreffen bij Radio 4 en - nog erger - Classic FM, waardoor het functionele karakter van het geheel in ernstige mate wordt ondergraven. Alsof het een regelrechte sampler of compilatie betreft, al zullen degenen die muziek (ook) een achtergrondfunctie toedichten er misschien best mee kunnen leven.

De tracklisting heb ik niet in extenso weergegeven, maar wel voor een overzicht in pdf gezorgd (klik hier) dat eigenlijk voor zich spreekt. Wie er doorheen gaat ziet zelf ongetwijfeld hoe weinig ordelijk het geheel is samengesteld. Niet alleen betreft het een deeltje van dit of van dat, maar er wordt danig van de hak op de tak gesprongen terwijl bovendien met de chronologie de hand is gelicht. Van dat laatste getuigt Charles Koechlins Vier kleine stukken op. 39 dat hier begint met deel 2, waarna de delen 4, 3 en 1 volgen. Wie heeft dit zo bedacht? Hope? DG?

Wat er in meer positieve zin van kan worden gezegd is dat het programma caleidoscopisch is bedoeld of tenminste die uitwerking heeft: een overzicht van een bepaalde stijlperiode in de vorm van een bloemlezing.

Positief is ook dat het Zürcher Kammerorchester de ensembletechniek uitstekend beheerst en dat Hope van deze smeltkroes van stijlen een net zo uitstekende pleitbezorger is. Ook op de vele solistische bijdragen valt weinig tot niets af te dingen. Op de tweede cd hebben Hope en Simon Crawford-Phillips het rijk alleen en valt er van hun duospel eveneens veel te genieten. De tendens om de Laatromantiek een tandje bij te zetten heb ik niet als echt storend ervaren, mede ingegeven door de gedemonstreerde feilloze techniek. Het is overigens een zeker niet onbekend verschijnsel: wie technisch de materie volledig beheerst veroorlooft zich in de vertolking eerder een extra getekend expressief uitstapje. Het enige beletsel is dus de ad hoc-samenstelling van het programma. Daar mag u uiteraard anders over denken.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links