CD-recensie

 

© Aart van der Wal, april 2018

 

Haydn: Pianotrio in As, Hob. XV:14 - in A, Hob. XV:18 - in C, Hob. XV:21 - in Fis, Hob. XV:26 - in es, Hob. XV:31

Trio Wanderer
Harmonia Mundi HMM 902321 • 69' •
Opname: januari 2017, Teldex Studio, Berlijn

   

Wat een oeuvre en dat zonder noemenswaardige zwakke punten: ruim honderd symfonieën, bijna tachtig strijkkwartetten, meer dan zestig klaviersonates, zo'n veertig pianotrio's, dertien missen, achttien opera's, een Stabat Mater, Die Schöpfung, Die Jahreszeiten… Wat een inspiratie, werklust en doorzettingsvermogen!

Er is zoveel... Iedere verzamelaar loopt dan tegen een bekend probleem op: Haydn ‘compleet' verzamelen in een mammoetdoos, of juist selectief? Wie de pianotrio's compleet in een box wil aanschaffen kan heel goed terecht bij het ‘authentieke' Van Swieten Trio op Brilliant Classics. Maar liefst 10 cd's, vastgelegd door een uitgelezen ensemble met op fortepiano Bart van Oort, op viool afwisselend Rémy Baudet en Franc Polman, op cello eveneens afwisselend Jaap ter Linden en Job ter Haar en in Hob. XV:15-17 dan nog de niet minder prachtige bijdragen van de fluitiste Marionen Moonen. Imposant is ook het vermaarde Beaux Arts Trio, opgenomen tussen 1970 en 1978. Weliswaar niet ‘historiserend' , maar wel sprankelend, spiritueel en energiek.

Tovey
Van de cellopartij heeft Haydn, als we de Engelse criticus Sir Donald Francis Tovey (1875-1940) mogen geloven, niet al teveel werk gemaakt. Hij maakte vooral naam met zijn Essays in musical analysis, bestempelde Haydns pianotrio's als meesterwerken (dat zijn ze ook: daar is iedereen het wel over eens), maar hij vond de cellopartij maar zozo: te simpel eigenlijk, zeker vergeleken met de rest. Hij nam wat dit betreft niet alleen geen blad voor de mond, maar meende zelfs Haydn te kunnen ‘verbeteren'. De daad bij het woord voegend nam hij de cellopartij in een van de trio's zelf onder handen Als voorbeeld. Zo in de trant van ‘Mr. Haydn, dat had beter gekund'.

Ondersteunende rol
Een feit is wel dat Haydn in zijn pianotrio's de cello slechts een ondersteunende rol heeft toebedeeld. Zijn voornaamste doel lijkt te zijn geweest: de versterking van het nogal magere basfundament van de toenmalige fortepiano. Als er al over een ‘bezwaar' kan worden gesproken is dit het enige dat tegen de trio's wordt ingebracht: dat Haydn de cellopartij ten opzichte van de overige twee instrumenten (piano en viool) geen gelijkwaardige rol heeft toebedeeld. Wat hij in zijn strijkkwartetten overigens wel heeft gedaan.
O ja, er wordt soms ook gezeurd over de rol van de viool, die het volgens ‘kenners' in termen van inventiviteit zou afleggen tegen de pianopartij. Nogal modieus aandoende kritiek die bovendien weinig om het lijf heeft. De pianobas had in Haydns tijd niet alleen weinig fundament, maar ook het aanhouden van lange noten (middels het pedaal) was, zeker in de langzame delen, een problematische affaire. Voor lang uitgesponnen melodielijnen was het instrument veel minder geschikt. Geen wonder dus dat Haydn daarvoor zijn toevlucht nam tot het melodie-instrument bij uitstek, de viool, met dat andere melodie-instrument, zoals gezegd de cello, als ondersteuning van de basnoten van de piano. Wat we daarvoor uiteindelijk terugkrijgen is veel: Haydn voelde zich daardoor bij het componeren niet meer belemmerd door de onvermijdelijke technische beperkingen, wat we in volle glorie terughoren in de briljant geschreven pianopartij, die Mozart - in zijn pianoconcerten - naar de kroon steekt. En als we het toch over Mozart hebben: in diens pianotrio's wordt de cello vaak het zwijgen opgelegd, heeft de cellist niets te doen. Ik bedoel maar...

Interessant repertoire
Wat de pianotrio's ook zo interessant maakt is Haydns daarin geëtaleerde compositorische vrijheid vanuit een geheel ander perspectief. Hij hoefde zijn verbeeldingskracht geen enkele wezenlijke beperking op te leggen, al was de piano in die dagen een verre van volmaakt instrument. Haydn heeft optimaal van die vrijheid geprofiteerd en het is daarom minstens jammer dat zijn pianotrio's door zowel amateur- als beroepsmusici zo selectief worden bediend, terwijl er voor de toehoorder in alle trio's (ook de onderschatte 'vroege') toch ook zo ontzettend veel te genieten valt.

Spiritualiteit en humor
Welk ensemble het dichtst bij Haydns bedoelingen komt zal altijd in het ongewisse moeten blijven (de componist hierover raadplegen kunnen we immers niet), maar dat zijn muziek in hoge mate wordt gekenmerkt door spiritualiteit en humor (‘wit') zal waarschijnlijk niemand bestrijden. En dat het dus zaak is om die aspecten in de vertolkingen volop te laten schitteren. In dit opzicht is het verder niet van belang of nu wel dan niet ‘historiserend' te werk wordt gegaan. Dufheid en routine horen niet bij Haydn, maniertjes evenmin, en wie geen goed gevoel heeft voor Haydns retoriek (frasering, articulatie, tempo) zal weinig handen op elkaar krijgen.
Niets van dit alles bij het fameuze Trio Wanderer, dat zich al eerder op Harmonia Mundi in Haydns pianotrio's heeft bewezen en naast veel ritmische veerkracht en expressiviteit van perfect samenspel getuigt en daarbij voor een transparante textuur zorgt, met daardoor een riant uitzicht op het door Haydn geconcipieerde, ingenieuze stemmenweefsel. Het ensemble laat de verbeelding voortdurend aan het woord in een rijk instrumentaal kleurenscala, verrassend ook in de uitwerking van de dynamische contouren en met een alertheid die de luisteraar op het spreekwoordelijke puntje van de stoel brengt. Dat ook de prachtige opname er het nodige aan bijdraagt mag hier evenmin onvermeld blijven.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links