CD-recensie

 

© Aart van der Wal, januari 2019

 

Les Défis de Monsieur Forqueray

Mascitti: Sonata II a violino solo e basso (Opera Prima)

(A.) Forqueray: La Leclair (pièces de viole, deuxième suite, IV) - Quatrième suite in g (pièces de viole)

Leclair: Sonata II (Quatrième livre de sonates à violon seul avec la basse continue, opus IX)

Visée: La Vénitienne de Mr. Fourcroy

Corelli: Sonata III in D, op. 5 (oorspronkelijk voor viool)

(J.B.) Forqueray: Chaconne, La Morangis ou La Plissay (pièces de viole, troisième suite, VIII)

Lucile Boulanger en Claire Gautrot (viola da gamba), Pierre Gallon (klavecimbel), Romain Falik (theorbe)
Harmonia Mundi HMM 902330 • 76' •
Opname: juli 2017, Chapelle de Passy (F)

   

‘Les Défis de Monsieur Forqueray', ‘De uitdagingen van mijnheer Forqueray', luidt de titel van dit nieuwe album. Waaruit bestaan die uitdagingen dan wel? Een gesprek met de hoofdrolspeelster, de Franse gambiste Lucille Boulanger, geeft uitsluitsel. Zij koos voor haar nieuwe cd muziek van Antoine Forqueray (1672-1745, niet te verwarren met diens gelijknamige zoon) en zijn tijdgenoten Michelle Mascitti (ca. 1664-1760), Jean-Marie Léclair (1697-1764), Robert de Visée (ca. 1660-1733), Arcangelo Corelli (1653-1713) en de reeds genoemde zoon Antoine (die als Jean-Baptiste Forqueray [1699-1782] door het leven ging). Het waren niet zomaar tijdgenoten van vader Forqueray: hij bewonderde hun muzikale creaties zeer. Om ze daarom op deze cd bij elkaar te brengen was zowel voor de hand liggend als vindingrijk.

Vader en zoon Forqueray plus tijdgenoten. Voor Boulanger is de uitdaging tweeërlei: barokrepertoire in een verfrissend nieuw licht en aldus afgezet tegen een overmaat van twaalf-in-een-dozijn vertolkingen, en aandacht voor de muziek van een van de laatste grote ‘viol'-spelers in Frankrijk.

Wat weten eigenlijk van het spel van de gambist Forqueray? Niet veel. Bocendien konden de scheidslijnen tussen compositie en uitvoering zeker in die tijd aanzienlijk zijn; en te meer omdat de speler doorgaans ook componist was (een fenomeen dat met de komst van Beethoven meer en meer op de achtergrond raakte, om uiteindelijk vrijwel te verdwijnen). ‘Partiturtreue' had toen zeker niet de betekenis die het nu heeft, waarbij het bovendien voor de hand ligt dat een musicus de compositie toen zonder al te veel gewetensvragen aanpaste aan zijn instrument of zijn speelwijze. Dat Forqueray een meester moet zijn geweest op zijn instrument (we weten niet in hoeverre dat ook voor zijn getalenteerde zoon gold) mag blijken uit een bericht van Titon du Tillet (1677-1762). Volgens deze bekende Parijse chroniqueur kon Forqueray het zelfs met gemak opnemen tegen de Italiaanse musici, ook als het de uitvoering van hun eigen muziek betrof. Het lijkt niet overdreven dat die positieve lijn met een gerust hart kan worden doorgetrokken naar Lucile Boulanger en haar drie partners! Prachtige muziek, prachtig vertolkt (het lijkt me uitermate onwaarschijnlijk dat dit schitterende spel ooit nog eens wordt overtroffen) en al even prachtig opgenomen.

Tot slot nog voor de fijnproevers: de stemming is 392Hz en de drie musici spelen op replica's van zeventiende- en achttiende-eeuwse instrumenten. De naam van de bewerker van Corelli's oorspronkelijk voor viool gecomponeerde Sonate op. 5 wordt in het boekje helaas niet vermeld.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links