CD-recensie

 

© Aart van der Wal, april 2020

Baroque Violin Sonatas

Böddecker: Sonate in d

Biber: Sonate nr. 2 in d, C 139 - nr. 5 in e, C 142 - nr. 6 in c, C 143 -

Schmelzer: Sonata Tertia in g - Sonate nr. 4 in d

Kindermann: Sonate in a - in d

Elfa Rún Kristinsdóttir (viool), Magnus Andersson (theorbe), Sabine Erdmann (kistorgel)
Solaire SOL1009 • 62' •
Opname: juli 2019, Kirche Zum Heiligen Kreuz, Berlijn

 

Een bijzonder project, deze cd gevuld met barokrepertoire dat zowel discografisch als op het concertpodium niet nauwelijks kansen krijgt. In die zin biedt de cd dus duidelijk meerwaarde ten opzichte van de concertbeleving. Rijst vervolgens de vraag of het puur met de muzikale kwaliteit(en) te maken heeft dat wel de ene na de andere cd verschijnt met (over)bekende barokmuziek en dat zoveel muziek van andere componisten geheel of gedeeltelijk diep daarvan in de schaduw blijft? In de 'topcategorie' uiteraard – in willekeurige volgorde - Bach, Buxtehude, Telemann, Biber, Purcell, Rameau, Couperin, Pachelbel, Vivaldi, Corelli en Händel, maar dan? Dan blijkt de lijst met ontbrekende namen plotsklaps eindeloos te zijn. In het cd-boekje wordt dus niet zonder reden opgemerkt dat het gemakkelijker zou zijn geweest om met deze musici maar weer eens een Bach-cd op te nemen, in plaats van te kiezen voor muziek van grotendeels onbekend gebleven componisten. Waar ik dan wel een - zij het kleine - kanttekening bij plaats: Johann Heinrich Schmelzer (ca. 1622-1680) en Heinrich Ignaz Franz Biber (1644-1704) behoren zeker niet tot de categorie van (vrijwel) onbekende barokcomponisten, al zullen hun namen zeker niet op ieders lippen liggen. Dat laatste geldt uiteraard in nog veel sterkere mate voor Philipp Friedrich Böddecker (1607-1683) en Johann Erasmus Kindermann (1616-1655), twee componisten wier muziek zich vrijwel uitsluitend in de periferie lijkt te bewegen. Maar toegegeven: dit is geen muziek die zich in termen van inventiviteit kan meten met die van bijvoorbeeld Telemann, Buxtehude of Biber, laat staan met die van Johann Sebastian Bach. Wat evenwel niet wil zeggen dat zij het verdient om dan maar verwaarloosd te worden. Böddecker en Kindermann schreven uitstekende muziek van een zeker verstrooiend gehalte, wat overigens voor een groot deel van het barokrepertoire geldt. En laten we wel zijn: onbekend maakt onbemind.

Natuurlijk, als het op componeren aankomt gaat het toch vooral om inventiviteit en verbeelding, maar dat geldt niet minder voor de uitvoering ervan. Bovendien: hoe beter de uitvoering des te sprekender de compositie kan uitpakken, wat dus ook geldt voor deze sonates van Böddedecker en Kindermann. Wie als vertolker echt in deze muziek gelooft reikt niet alleen verder, maar kan zo'n stuk zelfs als het ware boven zichzelf uittillen. Fantasievolle plasticiteit, sprankeling en lyriek komen nu eenmaal niet voort uit een gebrek aan engagement en aan dat laatste heeft dit trio bepaald geen gebrek. Afgezien van de perfecte technische afwerking profiteren alle acht werken op deze cd er ten volle van. Ook de opname laat in balans en helderheid geen wens onvervuld. Kortom ook in dit opzicht een bijzonder fraaie en boeiende productie.

Wat minder enthousiast ben ik over het boekje, hoewel er wel degelijk veel aandacht aan is besteed. Dat blijkt al uit de omvang en de glanzende papierkwaliteit die een apart insteekdoosje noodzakelijk maakten. Wat de tekst betreft gaat de meeste aandacht uit naar filosofische bespiegelingen vanuit het perspectief van de beide producers, Dirk Fischer en Jonas Niederstadt, aangevuld met meer algemene bespiegelingen van en over de betrokken musici. Prima, maar wat ik wel miste was een gedegen werkomschrijving, wat mij zeker bij (vrij) onbekend werk toch wel van belang lijkt. Dat kan de luisteraar immers dichter bij de inhoudelijke aspecten sonates zelf brengen. Wat overigens ook geldt voor het gebruikte instrumentarium als fundamenteel vertrekpunt van deze triosonates.

Aan de trackaanduidingen is, zo blijkt op de achterkant van het doosje, relatief weinig aandacht besteed. Van de sonates van Biber is de tempoaanduiding van het openingsdeel in zijn geheel weggelaten: alleen de titel van het werk en de tijdsduur van dat eerst deel worden vermeld. Bijvoorbeeld: Sonate VI in C minor, C 143 1:07”. Niet duidelijk waar die 1:07” eigenlijk voor staat: voor een Allegro misschien? Of een Andante? Of voor ‘Without tempo indication'? Van drie andere sonates ontbreekt zelfs iedere aanduiding. Onhandig vind ik ook dat deze gegevens alleen op het doosje en niet in het boekje te vinden zijn.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links