Boeken

 over componisten

 

© Emanuel Overbeeke, december 2019

 

Alan Walker: Fryderyk Chopin A Life and Times

Faber & Faber, Londen 2019
ISBN 978-0-571-34855-8
727 blz., gebonden
Verkoopprijs € 50,--


Wat voegt deze zoveelste biografie van een overbekende componist toe aan eerdere boeken? Hoewel niet helemaal nieuw, is dat dit de eerste is in enkele decennia die de onuitgesproken pretentie heeft volledig te zijn. De details van het leven worden zeer uitputtend besproken en meestal zeer grondig gedocumenteerd. Het lijkt daarmee op de lijvige driedelige biografie die Walker eerder wijdde aan Franz Liszt. Een andere overeenkomst met die biografie is dat de muziek er bekaaid van af komt.

We lezen wanneer Chopin (1810-1849) wat componeerde, uitgaf en uitvoerde, maar over de werken meestal weinig tot niets. Walker is zich bewust van de problematische relatie tussen leven en werk en besloot zich te beperken tot een kleine, schijnbaar willekeurig gekozen groep (onder andere de Études) die hij vaak behandelt zonder een uitvoerig exposé te geven van Chopins stijl, de herkomst en de context die veel van de reacties had kunnen verklaren. De vergelijkingen met andere componisten (bijvoorbeeld met de Nocturnes van Field) zijn nog het meest informatief wanneer Walker biografische aspecten erbij kan betrekken. Een ander voorbeeld is de rol van Chopins vriend Fontana die onder meer fungeerde als kopiïst en die, voor zover we weten op eigen houtje, de titel van Chopins opus 66 veranderde van Impromptu in Fantaisie-Impromptu, onder welke naam iedereen het stuk nu kent. Zonder die ingreep heette het Impromptu nr. 4; de meest fantasierijke van de vier is wat mij betreft de tweede (vanwege de vorm en de harmonie) waarover Walker vrijwel niets zegt.

Wie voor genres stereotypen zoekt, heeft aan Chopin een zware dobber, met name wat betreft zijn vier Ballades. De meest fascinerende van de vier is de laatste die Walker niet eens noemt. Het opent met een zeer idyllische melodie in de bovenstem waarmee Chopin vervolgens vijf minuten lang niets doet totdat die halverwege de ballade onverwacht terugkeert maar nu met weelderige complexe contrapuntische omspelingen die een diep gemoed verraden waarna het opnieuw vijf minuten weg blijft en dan even onverwacht terugkeert aan het slot, maar nu in mineur in de basstem en met de dramatiek van een catastrofe. Dat wij voor die aparte herinneringsvorm al bijna twee eeuwen lang geen treffende naam weten pleit zeer voor de componist.

Was dit tekort bij Walker te verwachten, nieuw is zijn boek vooral in één opzicht: hij hanteerde twee bronnen die de meeste westerse musicologen waarschijnlijk niet kennen. Ten eerste vele recente publicaties over Chopins jonge jaren, uitsluitend beschikbaar in het Pools. Ze veranderen het beeld van Chopin dat we hadden meestal niet wezenlijk maar ze onderbouwen dit wel met veel nieuwe feiten die het bestaande beeld rijker en genuanceerder maken.

De Chopins waren zich in Polen (tot 1830) zeer bewust van hun unieke positie: Polen met Franse connecties, verkerend in adellijke kringen maar zelf van eenvoudige komaf en ondanks die positie als buitenstaander door de bezetter gerespecteerd in een cultuur van onderdrukking dankzij het uitzonderlijke talent van het kind van de familie. Het gevoel buitenstaander te zijn zou Chopin nooit helemaal verlaten, hoeveel waardering hij ook zou krijgen, ook toen hij in Parijs woonde, concerten gaf en met zijn spel de salons betoverde.

Ten tweede de publicaties van en over Georges Sand die vooral bekend waren onder romanisten en meer licht werpen over de verhouding tussen haar en Chopin. Voor wie Sand nog hoog heeft als feministe avant la lettre, wordt met Walkers boek en zijn bronnen rigoureus uit de droom geholpen, precies zoals het premierschap van Margaret Thatcher niet bepaald een feministische toonbeeld was van vrouwvriendelijk beleid.

Sands leefwijze liet ook die van Chopin niet onberoerd. De componist die bij bewonderaars en critici te boek stond als engel, enigma, hermafrodiet, snob, dandy, overgevoelige kasplant, in ieder geval absoluut geen doorsneehetero, kon ook aards, keihard en zakelijk zijn waarbij hij zijn huid zo duurt mogelijk trachtte te verkopen. De kunst ging voor de medemenselijkheid. In het laatste hoofdstuk over Chopins receptie is Chopin het zoveelste voorbeeld van vertrouwd menselijk gedrag: je status vooral of uitsluitend ontlenen aan de bekendheid met de beroemde verwante, pijnlijke en pikante correspondentie die ontvreemd raakt of bewust wordt vernietigd, plus personen die Chopin hebben gekend en menen namens hem te kunnen spreken en dubieuze dingen doen.

Men moet weten wat men van een boek over Chopin verlangt. Walker biedt vooral heel veel feiten, niet al te veel speculaties, houdt niet van heilige huisjes, kan goed documenteren, heeft het vooral over de persoon en zet de muziek op plaats twee. Wie daarop uit is en deze uitgave vooral ziet als een goede en niet literair geschreven uitputtende documentatie, heeft aan dit boek een zeer goede.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links