Audio-apparatuur

Terrazzo Art Fidelity

Rectangle 15 luidspreker

 

© 1998 Ruud Janssen en Aart van der Wal

 

TAF heeft wéér een luidspreker aan haar zegekar gebonden. Lovende kritieken in de vaderlandse pers en enthousiaste muziekminnaars blijken de beste stimulans voor ontwerper en fabrikant Koos Schenk. Des te jammer dat het merk in de Nederlandse hifi-zaken schittert door afwezigheid. Dit ontneemt velen de kans tot een nadere kennismaking in levende lijve.

Ook TAF's meest recente kastmodel, de ca. 95 kg wegende Rectangle 15, is - bijna traditiegetrouw - uit polycrete opgetrokken. Het slanke en naadloze bouwwerk van 122x30x30cm biedt onderdak aan vijf units en een wisselfilter. Alle gaten, de afzonderlijke kamers en reflexopening zitten er dan al kant en klaar in. De rigide behuizing en de blijkbaar geraffineerde demping in combinatie met de speciaal gekozen vorm van de 'kamer' (waarin de twee 13 cm laag/middentoon-units en 26mm dometweeter in D'Apolito configuratie zijn ondergebracht), is trillingvrij als een Egyptische piramide. Om de tweeter op juiste (oor)hoogte te krijgen, hoort er bij elke luidspreker een bijpassende sokkel van polycrete, naar keus verkrijgbaar in de hoogtematen 15, 20, 25 en 30cm. Ook vanwege het enorme gewicht van deze massieve 'voetjes' is het bijgeleverde steekkarretje geen overbodige luxe.
Het laag van de luidspreker wordt tot even boven de 100 Hz door twee achter elkaar gemonteerde 25 cm woofers verzorgd. Door deze zogenaamde compound-opstelling loopt het laag belangrijk dieper door dan bij een enkele 25 cm woofer het geval is. Ook weer even boven de 100 tot ongeveer 2500 Hz zijn de beide 13 cm eenheden actief, waarna de fakkel door de tweeter wordt overgenomen die tot ver voorbij de gehoorgrens doorloopt.

Méér dan het goede

De solide uitstraling van het geheel wordt ook in het binnenste van de behuizing voortgezet. Het enorme wisselfilter is waarlijk een lust voor het oog: alle componenten zijn van topkwaliteit en in elektrisch opzicht erg ruim bemeten. Zo is de spoel in de woofersectie van dusdanige omvang dat hij direct associaties oproept met een apparaat dat Kamerlingh Onnes in het begin van deze eeuw gebruikte om het absolute nulpunt te bereiken. In het overnamefilter van de tweeter zit een condensator die bijna 700 volt voor zijn kiezen kan hebben, een tolerantie van 1% heeft en een verliesfactor claimt waarvan de getalswaarde pas 5 plaatsen na de komma hoger dan 0 is. Een waarde zo exceptioneel laag dat radargolven er nog doorheen kunnen zonder belangrijk te verzwakken. Kortom: kosten noch moeite werden gespaard. Een voorzichtige vraag of een en ander niet wat in de sfeer van overkill zit, werd tamelijk resoluut gepareerd met de stelligheid dat de vakkennis van uw audioreporters aan de gedateerde kant is. Eigenwijs als we zijn, houden we toch nog maar even vast aan onze observatie: kortstondige uitschieters in het muzieksignaal van spanningen, stromen en wat dies meer zij mogen stellig vragen om ruim bemeten wisselfiltercomponenten, maar wat bij de Rectangle in stelling is gebracht, doet denken aan het aanleggen van 3-fase krachtstroom in een poppenhuis.
De laag-, midden- en hoogsectie van de luidspreker kunnen desgewenst apart worden aangesloten op een versterker; midden en hoog zijn extra voorzien van ?2 en ?4 dB taps om het niveau van beide ten opzichte van de woofer te kunnen verzwakken. De kloeke aansluitbussen van het type banaan/klem zijn verguld. Deze 'minibunkers' zijn met hun 91 dB SPL iets boven gemiddeld gevoelig. Er is per se géén vermogenspuwende (wel zéér goede!) versterker nodig is om tot optimale resultaten te komen.

Impedantie

De nominale impedantie van de luidspreker is laag: iets boven de 2,5 ohm. Gelet op het rustige verloop en het bijna ohmse karakter tussen 60 en 400 Hz zal de gemiddelde versterker daarmee geen moeite hebben. Voorzichtigheid is echter geboden omdat er nog wel degelijk versterkers zijn die van 2,5 ohm behoorlijk nerveus kunnen worden. Het gaat dan niet alleen om vrijdagvoordeeltjes, maar ook om menige zogenaamde high-end versterker met het zo karakteristieke ontbreken van tegenkoppeling en die zonder blikken of blozen dóórloopt tot vèr boven 150 kHz. Bij bepaalde belastingen kan dit tot onvoorspelbaar gedrag leiden. Raadpleeg zonodig dus eerst de gebruiksaanwijzing van uw versterker of laat u door de desbetreffende importeur adviseren. Voor alle duidelijkheid: als de versterker op hol slaat door zo'n lage belasting, is dat puur een falen van de versterker en niet van de luidspreker!

Langer natrillen

De luidspreker mag dan zwaar zijn, door de breedte en diepte van 30 cm verwacht je niet dat het laag zonder noemenswaardige verzwakking tot even beneden het contraoctaaf gaat. Om precies te zijn claimt TAF 26 Hz bij -3 dB en zo te horen kan dat er niet ver naast zitten. In zijn eentje bereikt een 25 cm woofer dat natuurlijk nooit op een verantwoorde manier. Dat redt ook een 30 cm woofer maar ternauwernood. Door echter direct achter de woofer nóg een woofer met dezelfde eigenschappen te plaatsen, wordt het laag in de diepte flink uitgebreid.
Ten opzichte van een enkele woofer die in zijn eentje hetzelfde laag weergeeft - en aldus een grotere diameter heeft - heeft de dubbele bezetting als enig nadeel dat de conussen wat langer zullen natrillen als het elektrische signaal na een impuls is verdwenen. De zeer technische rimram die het verschijnsel verklaart, zullen we u besparen. Normaal gesproken schiet voor de demping van het uittrillen van de allerlaagste tonen de versterker te hulp. Vervelend is echter dat in de Rectangle voor het aanpassen van de gevoeligheid van de units een 0,9 ohm serieweerstand in het wooferwisselfilter is opgenomen die praktisch gesproken de dempende werking van de versterker om zeep helpt. Het eerste halve octaaf van het contraoctaaf zal dan ook meer reliëf krijgen als de greep van de versterker zich zou kunnen verstevigen. Hoe gering de winst in de praktijk ook is, wat telt is dat die weerstand daar alleen maar het laag nadelig beïnvloedt. Er zijn meer geëigende methodes met minder bijwerking voorhanden om het laag te verzwakken, dan wel de impedantie te verhogen. Voorbij aan alle principes kunnen we trouwens legio argumenten bedenken die het voorafgaande tot vrijwel onbelangrijk reduceren.
Zo bevat minstens 95% van op cd gezette muziek geen tonen die deze luidspreker uit zijn goede doen kunnen brengen. Het is altijd het paard achter de wagen, maar met een van een klankregeling uitgeruste versterker waarvan de bas-toonregeling iets in de min wordt gezet, zijn we in een klap helemaal van het probleem verlost. De amplitude in die allerlaagste regionen neemt dan immers flink af, waardoor ook het uittrillen tot een onhoorbaar minimum wordt gereduceerd. Bovendien kunnen onze oren in dat zeer lage gebied wel een rommelig stootje hebben, mits de hogergelegen boventonen van de grondtoon in zowel amplitude als faserelatie maar intact blijven. Dat is een hele technische mond vol maar dàt het met de tonen boven de 40 Hz heel erg goed zit bij de Rectangle staat als een paal boven water.

Nauwelijks kleuring

Vrijwel nooit hoor je dat conventionele conusluidsprekers in het middengebied zo weinig kleuren als bij deze 13 cm units het geval is. Af en toe zou je zweren naar een heuse electrostaat te luisteren. Hoe gering de kleuring is, komt duidelijk naar voren in zang. De koorzang van Tallis klinkt levensecht (Gimell CDGIM 007) en als de stralende mezzo van Von Otter in het antifoon Haec est Regina virgium (Archiv 439 866-2) aan bod komt, zou je zo een tweede hypotheek op je huis nemen en een paartje Rectangle in Oss gaan halen. Naast de al genoemde bijna-afwezigheid van kleuring is er ook niets aan geforceerdheid te horen als Von Otters mezzo een pittig volume krijgt. In Bruckner VII (Philips 420 805-2) gaat geen detail in de heerlijk verzadigde strijkersklank ten onder. Als weergave in het midden te wensen overlaat, kunnen die homogene klanken gemakkelijk in een ranzige brei verzanden. Terwijl het zo moet zijn dat door de fraaie akkoordopstapelingen heen toch subtiele details hoorbaar zijn. De twee middentoners slagen danook cum laude. Dit is ook typisch zo'n luidspreker die de zware concertvleugel levensecht en kamervullend tot leven kan wekken. De Beethoven-sonates door Perahia op CBS worden een belévenis in optima forma, waarbij ook eindeloos kon worden genoten van de fraaie linkerhandpartij. De onlangs met een 10 bekroonde Winterreise door het duo Prégardien/Staier (Teldec) plaatst de vertolkers in het juiste perspectief bijna adembenemend 'echt' in de huiskamer. En u hoeft zich niet meer af te vragen of die fluisterzachte pedaaltonen er nu wel of niet zijn. Ze maken zich onmiddellijk op de juiste sterkte kenbaar. De heerlijke pizzicato-bassen in Beethovens op. 58 (Arrau/Colin Davis, Philips 416144-2) noden tot herhaald luisteren en het middendeel overweldigt door het ruime aandeel van de felle lage strijkers. Héél subtiel kan het ook: Bachs partita's voor viool solo (Mullova, Philips 434075-2) komen adembenemend over de gehoordrempel, fraai in evenwicht en met een bijna eindeloos scala aan details. In Wim van Beeks schitterend opgenomen kijk op Bachs orgelkoraal In Dir ist Freude (Fidelio 6609) komen de grondtonen van de combinatie Bazuin 16 voet en Subbas 16 voet moeiteloos, tot de laagste noten, uit de Rectangle. Alleen bij de allerláágste noten is een tikje onvast karakter te bespeuren [RJ].

Naadloos

De overgang naar het hoog is voorbeeldig omdat absoluut niet te horen is wanneer de 13 cm units ophouden en de tweeter (de extreem goede Dynaudio Esotec) begint. Al op zeer korte afstand van de luidspreker is het alsof een enkele unit al het werk doet. De vinding van D'Apolito doet hier zijn werk goed, al denken we dat het goed uitgekiende hard wired wisselfilter hier hèt karrepaard is. S-klanken bij koorzang klinken brand- én beeldschoon.
Het stereobeeld is zowel in breedte als diepte uitstekend. De luidsprekers vullen de ruimte als het ware op met geluid. Dit betekent dat het geluid los van de speakers komt. Ook de akoestiek lijkt precies in het juiste perspectief te worden weergegeven: bij zeer zachte passages wordt het dan niet plotseling helemaal stil maar is de 'zaalrumble' en vooral het mooi gelijkmatig wegsterven van een slotakkoord tot aan de 'stilte' waarneembaar.

Realistisch niveau

In belangrijke mate draagt de geringe vervorming ertoe bij dat afspelen met een fors volume toch niet de indruk geeft dat het (te) hard staat. Geluid dat vervormt - zonder dat het gelijk heel smerig klinkt - wordt, als het een fors volume heeft, snel als kabaal ervaren. Hóe luid wordt afgespeeld, wordt pas duidelijk als de toehoorders een gesprek willen voeren en dan vervolgens merken dat vanwege een stevig uitpakkend symfonieorkest er niet of nauwelijks met elkaar te praten valt. Alleen al het optreden van dit fenomeen geeft onverwijld aan dat we te maken hebben met een topklasseluidspreker.

Conclusie

Aan TAF's Rectangle 15 mankeert weinig. Volmaaktheid blijft gelukkig een streven.
Echt het enige is dat het iets naar onvast neigend laag in het begin van het contraoctaaf wat extra aandacht kan gebruiken [RJ]. Met name liefhebbers van orgelmuziek die rijzige pijpen in al hun subtiel geïntoneerde statigheid in de huiskamers willen halen, krijgen dan nóg nauwkeuriger wat ze hebben willen [RJ]. We luisterden naar een luidspreker van een werkelijk koninklijke allure die de muziek in al zijn facetten nauwgezet weet neer te zetten en zich direct kan meten met het mooiste wat er maar op luidsprekergebied te krijgen is. Dit zijn weer eens luidsprekers die we (helaas, helaas...) vrij zelden tegenkomen.


TAF Rectangle 15
Prijs: ƒ6000 per stuk
Distributie en nazorg: Terazzo Art Fidelity, Oss
tel.: 0412-633111


Beluisterd met TAF-Q, Van Medevoort MA-222 en Marantz PM-16 versterkers, Quad 66 en Marantz CD-17 cd-spelers.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links