Actueel

De Nederlandse Bachvereniging in Rotterdam

met expressief sterke Matthäus-Passion

 

© Aart van der Wal, april 2017

 

Bach: Matthäus-Passion BWV 244
Solisten, koor en orkest van De Nederlandse Bachvereniging, Kampen Boys Choir
Eric Stockloßa (tenor - evangelist), Miriam Feuersinger en Alena Hellerová (sopraan), Sophie Harmsen en Luciana Mancini (alt), Fernando Guimarães en David Hernández (tenor), Hugo Oliviera (bas - Jezus), Florian Just (bas - Judas)
Dirigent: Václav Luks
Gehoord: De Doelen, 6 april 2017

Foto Jan Fotograaf

De uitvoeringen van de Matthäus-Passion door De Nederlandse Bachvereniging worden dit jaar voor het eerst geleid door de Tsjechische dirigent Václav Luks (1970, Rakovnik). Hij begon – toen nog nauwelijks negentien - zijn muzikale carrière als hoornist bij het Nationale Theater in Praag. Na de val van het IJzeren Gordijn verhuisde hij naar Bazel, waar hij ging studeren aan de Schola Cantorum Basiliensis, het toen meest bekende instituut op het gebied van de historisch geïnformeerde uitvoeringspraktijk en waar werd gedoceerd door onder anderen René Jacobs en Andreas Scholl. In 2005 keerde hij terug naar Praag, waar hij het het reeds bestaande kamerorkest Collegium 1704 omvormde tot een heus barokorkest en tevens het vocaal ensemble Collegium Vocale 1704 oprichtte. Daarmee kon hij een lang gekoesterde droom realiseren: de in Bazel opgedane kennis en elders opgedane ervaringen vanaf nu onder eigen beheer in praktijk brengen. Het ankerpunt vormde de muziek uit de zeventiende en achttiende eeuw, waarbij uiteraard ook Tsjechische componisten niet werden vergeten. Zo was het Luks die de muziek van de Bohemers Jan Dismas Zelenka en Josef Myslivecek stevig op de kaart wist te zetten. Inmiddels hebben de beide ensembles zich ook internationaal sterk ontwikkeld, met tal van succesvolle optredens in Salzburg, Berlijn, Wenen, Luzern, Versailles, Leipzig, Londen, Amsterdam en Utrecht. Daarnaast waren er natuurlijk de platencontracten. Samengevat is Václav Luks een musicus van grote internationale portuur en een belangrijk voorvechter van de historische uitvoeringspraktijk. Alleen al daarom lag zijn dirigeerdebuut bij De Nederlandse Bachvereniging voor de hand.

Een en dezelfde taal
Luks behoort, wat zijn kijk op de uitvoeringspraktijk van Bachs Matthäus-Passion betreft, zeker niet tot de rekkelijken. Voor hem staat het bijvoorbeeld onomstotelijk vast dat de koorleden ook de solopartijen voor hun rekening moeten nemen. Het voordeel van deze integratie is volgens hem evident: “Ze maken dan alle repetities mee, waardoor er uiteindelijk ook een en dezelfde taal wordt gesproken, er dan pas sprake kan zijn van homogeniteit.” Vocale gelijkgezindheid dus. In dit geval betekent dit over de twee koren verdeelde zestien vocalisten, met naast de solist een ripiënist per partij (per koor dus acht vocalisten). Het is, het kan niet vaak genoeg worden gezegd, echter geen wet van Meden en Perzen. Wat kleiner of groter, het maakt in de praktijk niet zoveel verschil. Hoe Bach het zelf heeft ingekleed staat niet onomstotelijk vast, maar er hoeft niet aan te worden getwijfeld dat Bach een uitermate praktisch ingestelde componist en musicus was die handelde al naar gelang de hem ter beschikking staande middelen, met inbegrip van de akoestische omstandigheden waaronder het werk moest worden uitgevoerd. Het beste is dus om de eventuele dogmatiek opzij te zetten en er niet voor te schromen om verschillende opties en richtingen te beproeven. Niets is in steen gehouwen. Bovendien, een van de grootste fouten die vandaag de dag (nog steeds!) worden gemaakt is het op dezelfde manier uitvoeren van muziek uit een zelfde periode, zonder daarbij voldoende rekening te houden met waar en door wie die muziek werd gecomponeerd. Dat gaat ten koste van de zo noodzakelijke differentiatie: Franse, Engelse, Duitse, Italiaanse, maar ook Boheemse barokmuziek wordt met hetzelfde ‘sausje' overgoten, waardoor het specifieke, zo niet individuele karakter ervan tot een soort eenheidsworst wordt gedegradeerd.

Foto Jan Fotograaf

Geen ruimtelijke dimensie
Václav Luks leek dus, en zeker door de medewerking van De Nederlandse Bachvereniging, al bij voorbaat de beste papieren voor deze Matthäus-Passion te hebben. Van het indrukwekkende ‘Kommt, ihre Töchter, helft mir klagen' (met daarin tevens tot in de puntjes verzorgde bijdragen van een afvaardiging van het jongenskoor uit Kampen) tot het ‘Wir setzen uns mit Tränen nieder' klonk in de vrijwel tot de laatste plaats bezette Grote Zaal van de Doelen een expressieve Matthäus-Passion met soms een bijna kamermuzikale textuur. Een bijzonder sterk punt van deze uitvoering was de soms explosieve inzet van het dramatisch arsenaal, al moest het publiek het helaas zonder ruimtewerking doen. Het gebrek aan voldoende ruimtelijke scheiding deed onvermijdelijk afbreuk aan deze ‘Grosse Passion', terwijl we toch al lang en breed weten dat het door Bach zelf geleide werk in de Thomaskerk in Leipzig zich op twee verschillende galerijen (respectievelijk voor- en achterin de kerk, met daartussenin de kerkgangers) afspeelde. En dat Bach dat in zijn compositie ook als uitgangspunt zal hebben genomen. Dat hangt overigens niet alleen samen met het realiseren van een puur ruimtelijke effect, maar ook met een van de wezenskenmerken van de gehele passie: dat de handelingen volgens het evangelieverhaal in koor 1 manifest worden, terwijl koor 2 daarop uitsluitend reageert. Volgens de musicoloog Konrad Küster komt er daardoor nog een belangrijke en zeker zo bedoelde dimensie bij: de niet alleen fysiek maar ook mentaal gecreëerde afstand tussen koor 2 en koor 1, waardoor het koor 2 onmogelijk wordt gemaakt om actief deel te nemen aan de handeling van koor 1. Of anders gezegd, wat zich in koor 1 voltrekt kan koor 2 niet (meer) beïnvloeden. Koor 2 is niet meer dan toeschouwer van het drama. De symbolische betekenis daarvan is – afgezien van de ruimtewerking – zowel evident als enorm. Als het huidige concertpodium daarvoor ontoereikende mogelijkheden biedt is het desondanks wel zo verstandig om inventief te zijn en zoveel mogelijk ruimte te creëren, al is het alleen maar vanuit het oogpunt van de illusie.

Foto Jan Fotograaf

Geslaagd debuut
Er kon geen twijfel over zijn dat Luks in alle geledingen van het werk het heft stevig in handen had. Iets te stevig eigenlijk, want daardoor ontnam hij de solisten de expressieve ruimte die hen individueel toekwam. Het was de consequentie van Luks opvatting dat solisten en koor een expressief geheel vormden. Toch had ik de solisten iets meer individuele vrijheid gegund, maar de expressiviteit van de soli werd door Luks doelbewust ingekaderd in het geheel. Vrijwel geen noot ontsnapte aan zijn aandacht en werd met vaak overvloedige handgebaren en een dominante lichaamstaal, soms bijna handenwringend gekneed. Incidenteel pakte dat minder goed uit, zoals in de sopraanaria ‘Aus Liebe', die duidelijk te lijden had onder de overdreven aandacht van de dirigent. Dit kon vrijer en daardoor juist etherischer. De noten losten zich ditmaal niet op in de zoldering, maar op het podium. Het is tegelijkertijd misschien wel een van de belangrijkste uitdagingen van de musicologie: boven water te krijgen hoe in de tijd van Bach met de muzikale expressie werd omgegaan. Dat geldt uiteraard ook voor de cesuren die Luks menigmaal oprekte, met dan gelijk maar aansluitend de vraag of de soms extra lange notenwaarden niet eerder in het nadeel van de overkoepelende dramatiek werkten. Maar een feit is wel dat Luks debuut bij De Nederlandse Bachvereniging duidelijk geslaagd mag worden genoemd, met als een van de sterkste troeven de rol van de evangelist door Eric Stockloßa die het publiek met veel affect het drama introk. Hij opteerde voor een op het eerste gehoor misschien wat wonderlijke, maar allengs wel overtuigende combinatie van spreken en zingen, waarbij zijn soms bewust gekozen ruwe aanpak het lijdensverhaal onmiskenbaar onderstreepte. Na afloop toonde het publiek zich meer dan enthousiast: het scheelde niet veel of het podiumgezelschap was bijna juichend uitgeleide gedaan. De tijd ligt al ver achter ons dat applaus uit den boze was en men in stilte huiswaarts keerde.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links